week 38

0
85

Manlief en ik genoten vorige week in ‘bella Italia’ en na een weekje in de zon aan het zwembad bivakkeren, pizza eten op het terras en slenteren door toeristendorpjes, kwam daar weer het onvermijdelijke moment: de auto moet weer vol en de weg naar huis weer ingesteld worden. Van de Brenner via Oostenrijk naar de Duitse Autobahn; het is altijd weer een lange reis. Alle vooroordelen verbrekend neem ik het al kaartlezend op tegen onze ‘navigatie-miep’ terwijl manlief ons veilig en snel weer terug naar huis brengt. Onderweg luisteren we achtereenvolgens naar Italiaanse radio, lastig meezingen, Oostenrijkse radio, wordt al makkelijker, en Duitse hits, goed te doen. Ons doel is helder: thuis, maar er is altijd nog een doel onderweg. Al weken van tevoren verheugen wij ons niet alleen op onze eindbestemming en alles wat daarbij komt, maar ook op de rit en dan vooral de stops. In Oostenrijk warme choco met slagroom en een groot stuk gebak en in Duitsland dé currywurst, dat is waar wij voor gaan. Op de heenweg echter viel ons plan in duigen toen we op de één of andere manier geen currywurst vonden in de door ons uitgekozen Raststätte. Hevig teleurgesteld besloot manlief een halte verder te gaan, maar toen daar alleen een Burger King wachtte, moesten we het maar doen met kleffe burger en patat. Terug zagen we het ook al somber in, toen na de door ons gekozen afrit zo’n beetje de meest aftandse Raststätte van heel Duitsland prijkte. Echter, het kleine meisje wat ik meedraag, drukt nogal op de blaas en eet gezellig mee, dus een plas- en eetstop was echt noodzakelijk. “Guuuuuuuuuu-te-mieeeeee-taaaaaaaaaag”, schalde het door de eetzaal zodra wij er een stap binnenzetten. Een klein, gezet vrouwtje stond tevreden achter een rij van vitrines, volgehangen met allerhande aanbiedingen. Tussen de ‘fisch-specialität’, de ‘meister-frikadel’ en de ‘bratwurst mit kartoffeln’, hing daar ook de door ons zo gewenste currywurst. “Currywurst, das sind ja alle currywursten”, verzuchtte het vrouwtje, ik gok op Tina. Deze ‘Tina’ runde haar toko alsof ze in een paleis stond te koken. Ingeklemd tussen de vitrines en frituren schalde ze door de ruimte om op haar manier de gasten in de watten te leggen. “Das ist ein gutes Cola”, knikte ze goedkeurend naar de man die voor ons bestelde. Voor ons was ze extra royaal met mayonaise. Manliefs enthousiaste ‘jazeker’ op de vraag of we mayonaise wilden, werd beantwoord met een extra zakje en een speelse knipoog. Terwijl zij currywurst na currywurste bakte, “immer beliebt”, mochten wij alvast plaatsnemen. Mevrouw was niet te beroerd om aan tafel te bezorgen en “dan kann das grosse geniessen anfangen”, voegde ze er vol vertrouwen aan toe. Ik keek ietwat vertwijfeld om me heen in deze aftandse Raststätte met versleten houten stoelen en vette tafels langs een vensterbank waar dode vliegen in lagen. Mijn idee van genieten was denk ik toch ietwat anders. Maar goed, currywurst bakken dat kon onze ‘Tina’ en vriendelijk lachen ook. Of dat nou zo’n prettig gezicht was, daar waren manlief en ik het toen we even later ietwat verbouwereerd in de auto zaten, nog niet over uit.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here