Minikul week 44

0
92

Prangende vraag: Kun je op je tachtigste net zo verliefd zijn als op je zestiende? Zoiets was tot nu toe eigenlijk onbespreekbaar, een taboe. Maar dat lost langzaam op.

Onlangs haalde een samen 177 jaar oud Brits huwelijkspaar de wereldpers, toen de 84-jarige bruid vertelde over de dartele vlinders in haar buik, toe ze haar nóg oudere geliefde voor het eerst in een dagopvang voor ouderen tegenkwam. Een maand later waren ze getrouwd. Maar kún je op die leeftijd, als alle lichaamsfuncties door veroudering steeds verder achteruit gaan en dus ook de liefdeshormonen minder fanatiek en dominant worden, nog net zo’n ‘vuurwerkgevoel’ krijgen als toen je een puber was?

Jazeker!, zegt de Groningse hoogleraar neurobiologie Gert ter Horst. Want een verliefd brein maakt ook bij senioren een cocktail van stoffen aan die een gevoel van ‘dronken blijmoedigheid’ opwekken. Dopamine is daarbij vooral belangrijk want die prikkelt het beloningscentrum in de hersenen. En het hormoon noradreline veroorzaakt via de aanmaak van adrenaline een stressreactie. Dat betekent ook vlinders in de buik en hartkloppingen.

Zeker, de hoeveelheid dopamine neemt af naar gelang we ouder worden en dan daalt ook de aanmaak van adrenaline. Maar, aldus de professor, er mag dan op latere leeftijd minder dopamine en adrenaline in je lichaam zitten, als er ineens een piek volgt dan slaat het hoofd net zo hard op hol. Is dat, senioren mannenbroeders en -zusters, goed nieuws of niet? Hoewel, zegt de professor er waarschuwend bij: Het is nooit echt wetenschappelijk onderzocht dús, in mijn lekentermen: ohne Gewähr. Maar een wetenschapper van zijn kaliber beweert nooit zo maar wat – uitzonderingen daargelaten – dus neem maar aan dat er op zijn minst een kern, misschien zelfs een heel grote kern, van waarheid in zit. De hoogleraar vermoedt namelijk dat op latere leeftijd de chemie in het brein net zo goed haar werk doet als bij jongeren, maar dat iemand die op gevorderde leeftijd verliefd wordt vaak opziet tegen alle eventuele rompslomp met ex-partners, kinderen, kleinkinderen en de omgeving die een nieuwe liefde niet wil/kan accepteren. Maar hoe ouder, hoe minder rationele belemmeringen gaan tellen. Vooral bij 65-plussers, want zij hebben immers geen tijd te verliezen. ‘Dronken blijmoedigheid’, wát een mooie uitdrukking is dat, ook op díe leeftijd.

Henk Hendriks