Maria’s Mooie Mensen week 39 “15

0
84

Voordat dochterlief geboren was, vonden we het onzin om rekening te gaan houden met haar slaapje. Óns kind moest maar leren door het stofzuigen en klussen heen te slapen. Als je eenmaal een aantal gebroken nachten doormaakt, uren in het donker zit met een huilende baby die zich geen raad weet – en haar ouders dus ook niet meer -, dan stel je je mening wel bij en ben je opeens heel blij met alle slaap die zij en dus ook wij, bij tijden pakt. Nu ze steeds minder maar vaak wel beter slaapt, is dat oppassen met piepende deuren, krakende traptredes en andere lawaaimakers wat vervaagd. Opletten moeten we echter nog altijd, maar nu op een heel ander niveau. Die kleine oogjes ontgingen al niks toen ze nog een baby was en dat is alleen maar erger geworden. Helaas voor ons is ze inmiddels ook in staat een heleboel wat ze ziet en opmerkt onder woorden te brengen. Geen boer of scheet – ja wij zijn ook net mensen thuis – blijft nog onbenoemd. Niet alleen wordt het geluid met veel vertoon nagedaan; ze komt het ook nog eens keurig melden aan degene die het niet was. Meestal ik dus – sorry manlief. ‘Mama, mama! Papa zei pffffffffffft’, is een gevreesde uitspraak geworden. Ook de katten ontkomen niet aan haar meldingsdrang. ‘Zuuuuuuuuuuuuuuuuuuuuusje, waar ben je’, galmt het nogal eens door ons huis. En waar onze Zus even dacht een momentje voor zichzelf op de kattenbak te hebben, komt ze bedrogen uit. ‘Mama, mama!’ gaat het weer als Olivia haar in het vizier krijgt. ‘Zusje zit te poepen’. Wat ik dan vervolgens ook nog eens moet komen bewonderen en beamen. Op een slechte dag heb ik dan ook nog de pech haar kont af te moeten vegen. Net zoals ik pleisters moet plakken op poppen die gevallen zijn en een kus moet geven als haar geitje, haar favoriete knuffel, een slapie gaat doen. Naast het melden is het na-apen ook een favoriete bezigheid. Volkomen onbewust heeft manlief inmiddels al geleerd haar bakje kwark uit te likken. En een grapje dat pop stout was en een tik voor de billen kreeg, heeft al veelvuldig navolging gekregen met een enthousiast ‘au!’ roepende dochterlief die ook de klappen uitdeelde. Ik hou mijn hart vast als ze straks naar de peuterspeelzaal moet. Gelukkig heb ik nog een paar maandjes haar alle slechte gewoontjes weer af te leren. Saai zal het wel niet meer worden in dit huishouden. Het is in elk geval ook nooit meer stil. Of ja, toch wel; als ze dus eens lekker ligt te slapen. En dan zijn we toch weer terug bij af. In de ban met die piepende deuren en krakende treden, opnieuw op de tenen door het huis. Het is even lekker rustig. Alleen klinkt er wat gesnurk van de bank. Tja, ook de katten pakken hun moment.