Coraline Dijksterhuis: “Openheid belangrijk voor goede integratie”

ZUIDHORN – Ze zijn inmiddels niet meer weg te denken uit het straatbeeld. Mensen met een andere huidskleur, een ander uiterlijk en vrouwen met een hoofddoek. Helemaal sinds de oorlog in Syrië is losgebarsten. Als gevolg van de vluchtelingencrisis, zijn er in bijna ieder dorp wel een paar vluchtelinggezinnen. De meesten van ons heten ze hartelijk welkom.

Maar er is ook angst. Dat er ‘te veel’ komen, dat ‘ons land straks een moslimland wordt’ en ‘hoe weten we dat mijn buurman geen geradicaliseerde moslim is maar een echte vluchteling’. En hoe is het voor de vluchteling zelf om hier in het koude Nederland te wonen. Ver weg van eigen huis en soms ook van familie. De Streekkrant ging op pad; op zoek naar ontmoetingen en antwoorden op vragen. Dan kunnen we niet anders dan eerst langs Coraline Dijksterhuis gaan, de coördinator integratie van VluchtelingenWerk in Zuidhorn en de eerste persoon met wie de vluchteling te maken krijgt in de gemeente Zuidhorn. “Het echte werk wordt hier door de vrijwilligers gedaan,” is de bescheiden conclusie van de vrouw die door de wol geverfd is. Ze werkte o.a. voor het COA in AZC’s en was tien jaar als cultureel antropoloog actief in Mali, Pakistan, Burkina Faso, Indonesië en Albanië in het kader van ontwikkelingssamenwerking ten bate van kansarme groepen mensen. En sinds jaar werkzaam in Zuidhorn.

Het is een regenachtige maandagochtend als Coraline een plekje zoekt in het gemeentehuis om even rustig te praten. Ze werkt parttime en heeft op maandag geen vaste werkruimte. Dat is altijd weer een verrassing maar dat maakt het ook wel leuk. Ik heb hele aardige collega’s die altijd weer een mooi plekje voor me weten te vinden.” Op donderdag en vrijdag beschikt VluchtelingenWerk wel over een vaste werkplek. Het werken met vluchtelingen doet ze met veel plezier en ze weet hoe belangrijk beeldvorming en draagkracht zijn voor een goede integratie van vluchtelingen. “Natuurlijk ken ik de verhalen, de angsten die mensen hebben en ik vind het erg belangrijk die serieus te nemen en te bespreken. Je kunt angst en onbegrip alleen wegnemen door open te zijn. Het serieus te nemen. Dat is voor zowel de mensen in het dorp als ook voor de vluchteling belangrijk. Je kunt er wederzijds begrip en vertrouwen door krijgen en dat maakt het met elkaar samenleven een stuk makkelijker en plezieriger. Ik vind dat we daar in deze gemeente goed mee bezig zijn.”

Voor Coraline begint het werk zodra er een aanmelding binnen is. “Wat ik dan doe is vrijwilligers benaderen die deze vluchteling of vluchtelingen gaan begeleiden. Zorgen dat ze inzicht krijgen in hoe ons financiële systeem werkt, dat ze uitleg krijgen over wat hun verplichtingen zijn en wat er van ze verwacht wordt. Hen helpen en ondersteunen bij alles wat daarbij komt kijken. Deze mensen gaan een heel nieuw bestaan opbouwen en zijn vaak geestelijk niet in de beste stemming. Het begeleiden door vrijwilligers is echt heel belangrijk. De afgelopen twee jaar zijn er 70 personen waaronder 20 gezinnen in onze gemeente komen wonen. Dit zijn vooral mensen uit Syrië en Eritrea.”

Het doel is om die mensen te laten integreren in de gemeente waarin ze wonen. “En daarin speelt die draagkracht door de omgeving een grote rol. Maar cruciaal is de houding van de vluchteling zelf.” Hoe creëer je draagvlak voor bijvoorbeeld moslims. Moslims worden vaak geassocieerd met antiwesterse denkwijzen en met bomaanslagen. Met IS zelfs. “Als VluchtelingenWerk kennen we natuurlijk deze angsten. Er gebeuren zoveel gekke dingen in de wereld en veel aanslagen worden gepleegd door mensen die zeggen moslim te zijn. Dus is het logisch dat er vragen komen bij mensen die moslims als buren krijgen. Maar wanneer er iemand in jouw dorp komt te wonen dan heeft er al een hele zorgvuldige screening plaatsgevonden door de IND. Dat geeft geen garanties dat je nooit een geradicaliseerd iemand als buurman krijgt, maar de gemeente, vluchtelingenwerk en vooral ook de vrijwilligers hebben veel contact met nieuwe vluchtelingen. Vaak merk je wel wanneer iemand afwijkend gedrag vertoont. Ook werkt in de gemeente Zuidhorn een aantal mensen die er op getraind zijn zulke personen te ontdekken. “Er wordt dus echt goed op gelet, die geruststelling kan ik mensen zeker geven.” En hoe zit dat met het beeld dat in de loop van de jaren is ontstaan, dat bijna ieder vluchtelingengezin een groot plasmascherm aan de muur heeft hangen terwijl de buurman met een bijstandsuitkering die niet aan werk kan komen, geen geld heeft voor een nieuwe tv?  Coraline beseft dat zulke situaties niet bijdragen aan de acceptatie en steun vanuit de omgeving. “Gelukkig is het systeem hier veranderd. Vroeger konden de mensen een lening van de gemeente krijgen van een paar duizend euro en naar eigen inzicht besteden. Het was natuurlijk bedoeld voor de basisbehoeften, maar een grote tv was inderdaad vaak een van de dingen die werd aangeschaft. Het systeem leidde ook tot veel geldproblemen en schulden  omdat daarna geen budget meer was om het bedrag terug te betalen. Vanaf begin dit jaar biedt de gemeente de mensen een ingerichte woning aan, waarbij veel van de spullen uit kringloopwinkels gehaald wordt. Dat werkt een stuk beter en daar zijn we heel blij mee. Natuurlijk blijven er verschillen in cultuur. Zo is de rol van vrouwen bij moslims anders dan bij ons. Sommige vrouwen dragen een hoofddoek en soms is het rolpatroon tussen man en vrouw heel anders dan wij gewend zijn. Wij vragen ons dan af of die vrouwen daar echt gelukkig mee zijn. Daarom zijn we in gesprek gegaan met een groep hoger opgeleide moslimvrouwen die iets dichter bij onze cultuur staan. We spreken dan met elkaar vanuit interesse en zorg. Dat zijn vaak hele mooie gesprekken, op basis van vrijwilligheid en niet om elkaar te overtuigen of te dwingen anders te gaan zijn of doen. Die vrouwen gaan dan weer het gesprek aan met andere moslims waar wij zo onze zorgen over hebben. Dat is een heel mooi proces om te ervaren.”

Het uiteindelijk doel is dat de mensen zich op hun gemak voelen in onze samenleving en dat zij zelfstandig meedraaien in de maatschappij zodat zij niet meer afhankelijk zijn van een uitkering. Is dat geen onmogelijk opgave? Mensen spreken de taal niet en komen vanuit zo’n andere cultuur en zijn vaak ook nog getraumatiseerd.

“Het is een hele uitdaging. Maar een mooie. De mensen gaan naar school, gaan de taal leren. Het is enorm belangrijk dat mensen de taal onder de knie krijgen. Op die manier kunnen ze veel makkelijker contacten leggen en hun wereld vergroten. Vanuit de gemeente wordt het enorm gestimuleerd om vrijwilligerswerk te gaan doen. Om zo onder de mensen te zijn, de cultuur en de taal te leren. Weet je wat het grootste probleem is dat we tegenkomen? Verreweg de meeste mensen zijn zo gemotiveerd om te gaan werken en hun eigen geld verdienen, dat ze te ongeduldig zijn. Dan is het lastig uitleggen dat het hier anders werkt dan in het land van herkomst. Om het integreren te bevorderen is vanuit VluchtelingenWerk een budget beschikbaar gesteld om participatieactiviteiten op te zetten. Daarbij kun je denken aan handwerkclubjes, wandelgroepen en interculturele etentjes. Er wordt met de vrijwilligers steeds nagedacht hoe mensen bezig kunnen zijn en wat kan bijdragen aan hun welzijn en wat de kans van slagen op een goede integratie vergroot. Daar wordt hier in de gemeente veel aandacht aan besteed en ik wil een groot compliment uitdelen aan alle vrijwilligers. Die coachen de vluchtelingen en helpen ze om zich echt thuis te gaan voelen. Veel vluchtelingen hebben een afschuwelijke tijd meegemaakt en willen niets liever dan zich hier inzetten om een nieuw leven op te bouwen. Een leven vaak met enorme krassen op hun ziel door grote verliezen of door angst en onzekerheid gekweld doordat nog niet alle geliefden herenigd zijn en in oorlogsgebied leven.
Wanneer ik dan een vluchteling en een vrijwilliger zie terugkomen van een activiteit en ik zie die dankbare glimlach op het gezicht achter al dat verdriet, dan word ik zo blij van!”