Groenontwerper Leo Dop zit vol groene passie

“Mijn eigen tuin is een testparadijs voor de gemeente”

ZUIDHORN – Veel inwoners van Zuidhorn zullen Leo Dop –al dan niet bewust en persoonlijk- kennen. De ‘boomlange’ ontwerper gemeentelijk groen is regelmatig te vinden in de Zuidhorner buitenlucht. “Graag zelfs”, geeft hij aan. Waar een boompje wordt geplant, een struik wordt geplaatst of een speelveld wordt aangelegd komt Leo om de hoek kijken. En daarbij is hij niet te missen, want hogere punten dan Leo zelf zijn schaars binnen de gemeentegrenzen. Uiteraard is de Streekkrant benieuwd naar die opvallende verschijning die we regelmatig tegen het lijf lopen in de diverse dorpen. Wat doet Leo Dop eigenlijk met zijn groene vingers? En waarom staat hij overal in de modder te stampen? De Streekkrant in gesprek met Leo Dop; Ontwerper Gemeentelijk Groen Zuidhorn, zoals zijn titel luidt.

“Nog een jaartje. Dan ben ik hier alweer tien jaar”, vertelt de 37-jarige Leo als we hem vragen hoe lang hij zich al bezig houdt met de groenvoorzieningen van de gemeente Zuidhorn. “Daarbij moet wel vertelt dat ik als ontwerper natuurlijk niet alleen werk. Ik kan maken en bedenken wat ik wil, maar als niemand de plannen uitvoert –dan wel het onderhoud voor zijn rekening neemt- wordt het nog niets.” Zuidhorn heeft een prima team, weet Dop. “Het is hier prettig werken met kundige en aardige mensen. Zuidhorn is als gemeente in beweging en vindt groen belangrijk. Dat is mooi, want dat vind ik dus ook.” Een kleine tien jaar geleden ging de telefoon in huize Dop. Met aan de lijn de gemeente die hem nog altijd emplooi biedt. “Zuidhorn zocht een ontwerper voor hun groenvoorzieningen”, blikt Dop terug. “Ze dachten aan mij en belden mij op. Of ik bereid was de sollicitatieprocedure in te gaan.” Ja, luidde het antwoord en Leo meldde zich netjes op de afgesproken tijdstippen om te solliciteren op de openstaande vacature. “Met succes dus”, lacht hij. “Aangezien wij hier nu aan koffie zitten, kunnen we constateren dat ze mij hebben aangenomen.”

Matrassen en overlast

Aanvankelijk wilde Leo Dop na zijn studie Bos- en Natuurbeheer boswachter worden. “Het werd echter al snel vertegenwoordiger in de wondere wereld der matrassen”, lacht hij. “Niet mijn ding. Ik was dus blij dat deze vacature op mijn pad kwam.” Een vak met een flinke bonus, geeft hij aan. “Neem nu een stedelijk bouwkundige”, stelt Leo. “Die krijgt een mooi project, maakt een ontwerp en laat het vervolgens los. Hoe zijn plan zich in de loop der jaren ontwikkelt weet hij niet. Groot kans dat hij zich na tien jaar op vele volgende huzarenstukjes heeft gericht, waarvan hij nadien niets terugziet. Dat is hier anders. Wat ik in mijn eerste jaar hebt ontwikkelt is nu bijna tien jaar verder. Dat houdt –zeker met groenvoorzieningen-  in dat het zich behoorlijk heeft kunnen ontwikkelen. Wat toen klein was, is nu immens. Dat probeer je van te voren natuurlijk ook uit te denken. Met de juiste planten, struiken en bloemen om het gewenste resultaat te krijgen. Als dat dan goed uitpakt, is dat een geweldig gevoel. En ik maak dat dus mee. Zie de resultaten van datgene dat ik meehelp opzetten en vaak zelf ook het ontworpen.” De opvolgende vraag is natuurlijk of dat ook weleens mis gaat. “Jawel”, bekent hij. “We moeten weleens wat bijsturen of omgooien. Bijvoorbeeld bij het nieuwe busstation van Zuidhorn. Daar moest opeens een laadstation voor de elektrische bus komen. Als vakidioot vind ik het jammer dat daar groen voor moet wijken, maar goed, het is voor een goed doel zullen we maar zeggen.” Dop zegt ermee te kunnen leven. “Zeker omdat het ook weleens de andere kant opgaat”, lacht hij. We wandelen inmiddels al een tijdje door Zuidhorn en zijn aanbeland bij De Gast. “We hebben een regel in Zuidhorn waarin vast is gesteld dat groen –mits redelijk- best voor ‘overlast’ mag zorgen. Neem nu deze schitterende straat vol historisch groen. Deze bomen zijn ontzettend oud en ons dus ook ongelooflijk veel waard. Zie het als een erfenis die oude bewoners voor deze generatie heeft achtergelaten. Nu kan het natuurlijk zo zijn dat de mensen die nu op De Gast wonen bijvoorbeeld zonnepanelen op hun dak hebben, maar geconfronteerd worden met de hoge bomen die het zonlicht weghouden. Overlast. In dat geval kiest de gemeente voor de historie en het groen, daarvan is de waarde té groot om te kappen.”

Groen Grijpskerk

Uiteraard is Dop ook nu druk bezig met het ontwerpen van nieuwe plannen. Recent is het geveltuintjesproject in Grijpskerk gestart. “20 jaar geleden was de Herestraat nog een echte winkelstraat met louter winkels”, weet Leo te vertellen. “De tijden zijn echter veranderd. En daarmee de wensen van de bewoners in de straat dus ook. De Herestraat is tegenwoordig in mindere mate een winkelstraat en daarmee neemt de behoefte naar groen ook toe.” Een ontwikkeling die Leo Dop toejuicht, “want het sluit aan bij onze ideeën om mensen te bewegen te kiezen voor groenere tuinen en minder tegels en beton”, zegt hij. “We kampen met steeds nattere tijden. Veel mensen hebben hun regenpijpen aangesloten op de putjes, die meer dan eens de enorme toestroom van water niet kunnen verwerken. Het gevolg: blank staande kelders en af en toe een toilet dat letterlijk als een fontein functioneert. Je begrijpt, dat is zéér onwenselijk.” Dus ziet de gemeente Zuidhorn graag dat inwoners hun ‘stenen’ achtertuintjes omwisselt voor groene pareltjes. “Des te meer beton, des te slechter de afvoer van water”, legt hij kort en bondig uit. “Dus des te meer groen, des te minder groot de problemen.” De Grijpskerker winkelstraat krijgt binnenkort een make-over. De gesprekken met de bewoners zijn daarover al gaande, blijkt uit de presentatie die we krijgen. “Uiteraard kunnen we niet voluit gaan met voortuintjes”, zegt Leo. “Daarvoor is de ruimte in de straat te beperkt en we willen zeker geen hindernissen opwerpen voor mensen die minder goed ter been zijn. Maar ook dan zijn de mogelijkheden eindeloos. Het wordt een mooie straat met een fijn groengevoel. Daar ben ik van overtuigd!”

Natuureiland

Net zo overtuigd is Leo Dop van Natuureiland. “Een prachtig project!”, jubelt hij. “Ik kreeg de vrijheid om iets ‘leuks’ te ontwerpen en daar heb ik volop gebruik van gemaakt.” Het resultaat is dat de grond die bij de aanleg van de nieuwbouwwijk Oostergast over bleef –ruim 10.000 vierkante meter-, is ‘hergebruikt’ in het Natuureiland. “Dat scheelt in de kosten”, weet Leo, “want het hoeft niet afgevoerd te worden. Bovendien heeft de woonwijk er nu een geweldig mooi park bij. Er zijn zelfs mensen die per sé een kavel met uitzicht op het eiland wilden hebben. Dat vind ik mooi.” Iets unieks, was de doelstelling van de ontwerper. “Daarom heb ik vijf kwartieren ontworpen met elk een eigen thema en een eigen gevoel. Aan de oostzijde komt een stukje bos met mystiek. Een jaar heeft vier seizoenen en wij kiezen hier voor bomen en planten die ervoor zorgen dat er in elk jaargetijde wat te beleven is aan de oostzijde.” Aan de zuidzijde is gekozen voor de combinatie sport, fruit en noten. “Aan de zijkanten komt een grote bult met grond”, vertelt hij. “Met een inham. Op die centrale plek kan de jeugd lekker vrijuit sporten, zonder voor overlast te zorgen bij de omwonenden. Naast bijvoorbeeld voetballen kunnen er ook besjes geplukt worden. Wij gaan niets aanleggen dat giftig is, dus dat belooft een mooi stukje Natuureiland te worden.” De zuidoostzijde van het eiland is vooral mooi in het voorjaar, voorspelt Leo. “We bouwen daar een groen decor, met daarvoor mooi kleurende bomen. Witte bloemetjes voor een grijze lucht doet niet zoveel. Maar stel je nu deze witte –en roze, oranje en rode- bloemen eens voor tegen een groene achtergrond. Mooi nietwaar?” De middenzone is bedoeld voor recreatie. Dop heeft hier gekozen voor een plant die groeit op het gras. “De Grote Ratelaar. Deze plant ‘pakt’ het energie van het gras dat daardoor minder hard groeit. Het blijft korter, waardoor wij minder hoeven af te voeren. Duurzaam dus. Bovendien wordt het lopen in de zomer en het sleeën in de winter een stuk gemakkelijker.” Blijft over de noordzijde waar de gemeente bereid is een groot risico te nemen. “Wie bouwde er vroeger nou geen hutten?”, vraagt hij retorisch. “Nog altijd is het hutten bouwen een populaire bezigheid tijdens veel spelweken. Wij willen dat het hele jaar mogelijk maken. Aan de noordzijde planten wij veel snelgroeiende bomen en heesters en staan het toe dat kinderen met zaagjes en zakmesjes eropuit trekken om een hut te bouwen op dit deel van Natuureiland. Ze mogen daar spelen, verkennen en bouwen. Ja, dat is een risico. Dat weet ik, dat weet het college en dat weet de raad. Maar hutten bouwen is leuk en dat willen wij een plek geven.” Ook de inwoners van de wijk worden betrokken bij de aanleg van het park. “De bewoners is -en wordt- gevraagd waar de prullenbakken moeten komen, waar zij graag een bankje zien en of er speeltoestellen moeten komen. Misschien zelfs wel een survivalbaan. Wie weet. Daar is budget voor gereserveerd dat ingezet kan worden daar waar de omwonenden het graag zien.”

Inclusief presentaties en wandeling zijn we ruim twee uur met Leo Dop onderweg door zowel het vroegere, het huidige als het toekomstige Zuidhorn. Vol passie en enthousiasme vertelt hij over zijn vak. “Ja, ik hoop in de gemeente Westerkwartier door te mogen”, bekent hij. Alsook dat hij thuis niet anders doet dan op zijn ‘werk’. De passie voor groen verlaat het hoofd van Dop niet zodra hij de deur van het gemeentehuis achter zich dichttrekt. Een vakidioot, zo blijkt. “In mijn eigen tuin experimenteer ik”, lacht hij. “Ik doe dingen en probeer wat uit. Zo nu en dan lukt er ook weleens iets en dat neem ik dan mee naar de gemeente. Of mijn eigen tuin een testparadijs is voor de gemeente Zuidhorn? Jazeker!”