“Ik wilde leren hoe ik contact met mijn dementerende schoonmoeder leg”

Vierhuizen Cliniclown

VIERHUIZEN – Contact leggen met ernstig dementerenden is lastig. miMakkers, een soort clowns met rode neus en een gek outfit aan, lukt dit vaak wél. De eerste ‘miMakkers’ zijn sinds kort actief in het Noorden. In november vorig jaar zijn vier medewerkers van Zonnehuisgroep Noord gestart met de opleiding tot miMakker. Het verzorgingshuis ziet de miMakker als een belangrijke nieuwe manier om contact te leggen met ernstig dementerenden. De clowns komen in beeld als woorden tekort schieten, maar vooral als er zintuigen aangesproken moeten worden om tot ontmoeting te komen.
Irene Japenga uit Vierhuizen is één van de miMakkers die nog bezig is met haar opleiding. Irene werkt niet bij het Zonnehuis, maar haar dementerende schoonmoeder woont er wel. Toen ze de kans kreeg om ook een opleiding te volgen, hoefde Irene niet lang na te denken. “Het leek me heel interessant als ik toch een manier zou kunnen vinden om contact met haar te maken.” In haar mooie bed&breakfast in Vierhuizen geeft ze uitleg over miMakker en waarom deze – op het eerste gezicht – gekke clowns zo belangrijk zijn.

Clowns zijn een beetje dom
Als miMakker verkleedt Irene zich als clown. Met rode neus en wangen, gekleurde lippen en een vrolijk hoedje op. Vanwaar die verkleedpartij? Irene legt uit dat het niveau van iemand met dementie kan zakken naar het niveau van een peuter of zelfs dat van een baby. “Uitgedost als clown mag je anders doen dan anders. Clowns zijn een beetje dom en je leeft in het nu. Door op hetzelfde niveau te gaan zitten als de dementerende, kom je tot een stukje verbinding.”
Bij Irene’s schoonmoeder is in het jaar 2000 vasculaire dementie vastgesteld. In 2004 is het proces nog eens versneld door een hartoperatie. “Ze had wel door dat ze de knikkers aan het kwijtraken was. Ze probeerde dat in het begin te verbloemen. ‘Natuurlijk weet ik wel wie je bent’, hoorde ik maar wat vaak.” Irene zag dat haar schoonmoeder steeds eenzamer werd. “Haar man is al overleden, maar dat vergeet ze vaak. Dan mist ze hem heel erg. Ook weet ze niet altijd waarom zij in het verzorgingshuis zit. Gelukkig hebben wij een geheime troef: onze hond. Daar is ze gek op. Ze heeft altijd met liefde voor mensen en dieren gezorgd. Voor haar is het heel fijn om weer even op zo’n manier bezig te zijn.”
Tijdens haar stage in meerdere verzorgingshuizen, heeft Irene allerlei situaties meegemaakt. Het kwam ook wel eens voor de iemand haar niet wilde accepteren. “Als mensen in de eerste fase van hun dementie zitten, dan word je nog wel eens afgewezen als miMakker. Ze voelen zich dan beter dan de clown. Maar dat is ook goed, dan leg je ook contact. Toen ik werd afgewezen als clown, heb ik mijn emoties heel duidelijk laten zien, dubbel uitvergroot. Ik ben toen heel hard gaan huilen. De dame in kwestie ging met toen een beetje troosten, maar ik moest wel weg! Dat doe ik dan ook. Hierdoor heeft zij de regie in handen. Wanneer hebben mensen met dementie dat nu nog?”

Nuttig voelen
Mensen met dementie horen vaak dat ze iets niet goed doen, hun omgeving probeert ze ‘op te trekken’, terug naar het niveau waarop ze zaten. Maar door hun ziekte lukt dat simpelweg niet meer. De clowns van miMakker proberen de dementerenden niet naar een hoger niveau te trekken, maar ze passen zich juist aan. Als clown klungelt Irene wel eens met haar veters. Het lukt haar zelf maar niet om ze te strikken. “Dan gaan ze me helpen met veter strikken. Vooral oudere dames vinden het fijn om zoiets te doen. Ze hebben altijd in die zorgrol gezeten. Nu kunnen ze zich weer even nuttig voelen.”
Er zijn ook mensen die niet meer kunnen praten. Ze zijn de juiste woorden vergeten, de taal is weggezakt. Ook daar gaat de clown gewoon in mee, zo legt Irene uit. Op dezelfde toonhoogte praat zij als clown terug, ook onzinwoorden opzeggend. “Ook al heb je geen echt gesprek, voor hun gevoel hebben ze dat wel.” Irene noemt het voorbeeld van een Russische vrouw die in Duitsland in een verzorgingshuis zat. “Ze zat daar dag in dag uit alleen maar aan een tafeltje. Ze zei niks. Ze was na de Tweede Wereldoorlog in Duitsland komen wonen, maar het Duits was ze kwijtgeraakt.” Bij wijze van experiment is toen iemand met haar gaan praten, met Russische intonatie. “Ze leefde helemaal op. Heel bijzonder was dat. Voor het eerst kwam ze daarna uit zichzelf van tafel. Dat was al die tijd nog niet eerder gebeurd.”

Lief, ondeugend clowntje
Elke clown heeft een eigen persoonlijkheid. “Tijdens de opleiding ga je daar ook naar op zoek”, vertelt Irene. Ze omschrijft zichzelf als een lief, klein clowntje. Ze is licht aandoenlijk, maar is zeker ondeugend. Er wordt heel wat toneel gespeeld. “Dat vind ik erg leuk om te doen. Vroeger wilde ik altijd al actrice worden. Het leuke hierbij is, is dat je je eigen karaktereigenschappen kunt inzetten en daarop voortborduurt. Iedereen betaalt zelf voor de opleiding tot miMakker, maar voor mij is het echt een cadeautje aan mezelf, zo leuk vind ik het. Dat het ook nog zo’n effect op mensen kan hebben, is extra mooi meegenomen.” Zo vertelt ze over een nogal agressieve man, waar geen land mee te bezeilen leek. “Hij stond te tieren in de gang, hij was boos en wilde niks. Ik ben toen heel klein naast hem gaan staan. Ik heb niks gezegd, ik was er gewoon. Ik was al voor hem gewaarschuwd omdat hij zo agressief was. Op den duur stak ik mijn hand naar hem uit, heel voorzichtig. Hij pakte mijn hand en nam me mee naar de woonkamer. Ik was zijn vriendin, simpelweg omdat ik me aan hem aanpaste en niets van hem wilde. Hierdoor werd hij een stuk rustiger, voelde hij zich meer begrepen en was ook niet zo agressief. Voor veel mensen betekent contact met een miMakker een stukje rust, een beetje veiligheid. Daar hebben ze veel baat bij. Eindelijk is er iemand die ze begrijpt.”