Ilse ‘On Tour’ in Zuid Afrika en bezoekt rampgebied na bosbranden

“Dit is nu waarom ik disaster management  studeer”

ZUIDHORN – De 19-jarige Zuidhornse Ilse Spoelman is bezig aan een groot avontuur. Eind juli vertrok de studente  Veiligheidskunde aan de Thorbecke Academie, NHL Stenden Hogeschool in Leeuwarden naar Zuid-Afrika om daar een half jaar minors (studieverbreding) te volgen aan de Stenden South Afrika. Met de Streekkrant zal ze om de twee weken haar belevenissen delen. Vandaag deel 6.

We zijn er weer op uitgetrokken, dit keer met een grote groep naar Jeffreys Bay; het surfdorp van Zuid-Afrika. Hier zijn we, natuurlijk, gaan surfen! Omdat ik het al een keer eerder had gedaan in Port Alfred ging het deze tweede keer iets soepeler en kreeg ik het voor mekaar om vaker daadwerkelijk op het bord te staan (dat is soms moeilijker dan je denkt). Na afloop van het weekend was de planning dat ik zou worden opgepikt door het stendenbusje om samen met de klas verder te rijden naar George voor de bosbranden, maar helaas ging dit niet door. Afgelopen weken woedden er namelijk hevige bosbranden over een lengte van zo’n 180 kilometer langs de ‘Garden Route’. In Jeffrey’s Bay werden wij zelfs wakker met de stank en mist dat de branden met zich meebrachten en lag het strand vol met aangespoelde resten van de bosbranden. Dit bracht ons in twijfel of we dat weekend daarop wel die kant op zouden gaan, maar na het nieuws in de gaten te houden en mijn docent te vragen heb ik de knoop doorgehakt om wel te gaan. Rijdend door het gebied zagen wij alleen maar de restanten van het afgebrande bos. Ik vond het meer interessant dan eng, want dit is nou waarom ik disaster management studeer. Woensdag ben ik met de klas naar een pineapple farm geweest. Hier leerden we van de vrouwen hoe we ananassen moesten oogsten en werden we, met z’n allen achterin het ‘bakkie’, rondgereden door de velden. Op dat moment kwam de regen ineens met bakken uit de hemel zetten en stonden we helemaal doorweekt achterin de pick-up die met zijn 4×4 niet de heuvel opkwam en vast slipte. Maar na afloop genoten we, nat en onder de modder, wel van echte vers geoogste stukken ananas.

Vrijdag vertrokken ik met drie anderen naar Knysna, zo’n 400 kilometer verderop. We verbleven in een appartement op Thesen Island, een bewaakte wijk waar wij met onze vingerafdruk de poorten konden openen, best cool. Hier hadden wij een towshiptour en werden we door Peggy meegenomen door de township van Knysna. Voor een stukje geschiedenis: de townships zijn ontstaan tijdens de Apartheid toen de zwarte bevolking gescheiden werd van de blanken. Peggy vertelde ons veel over de township, zoals dat 80 procent van de inwoners werkloos is, de overheid het water en de helft van de elektriciteit van de huishoudens betaalt en dat er regelmatig kinderen overlijden doordat zij geëlektrocuteerd worden door elektriciteitskabels. We bezochten huisjes, een supermarkt, kleuterschool en een schoenmaker welke, net als de vele andere kleine ondernemers in de township, gevestigd was in een zeecontainer. Overal zagen we ondernemers, van een autowasser welke alleen een emmer had tot de vele kappers, automonteurs en kleine supermarkten. Overal zagen we koeien, varkens, kippen en honden over de weg heen lopen, evenals kinderen die op blote voeten en slippers door de township heen struinden. Daarnaast waren ze druk bezig met het bouwen van Mandela-huisjes. Dit zijn door de overheid gefinancierde huizen en zoals de naam het als zegt zijn ze het initiatief van Nelson Mandela om iedereen een waardig onderdak te bieden. Wanneer je minder dan 50.000 rand (3100 euro) per jaar verdiend kom je in aanmerking en kan je je inschrijven op een wachtlijst. Wanneer je aan de beurt bent krijg je een huis, eigenlijk meer bouwmaterialen, toegekend…want je moet het wel zelf zien te laten bouwen. Veel mensen wonen in die periode in tijdelijke houten huisjes tot de bouw van hun Mandela-huis klaar is. Omdat het best indrukwekkend was waren we na afloop allemaal moe. Zondag begonnen we aan de terugreis, maar maakten we eerst nog een stop bij de Knysna Elephant Sanctuary waar wij olifanten mochten voeren en aaien! Ondanks dat het een leuke en bijzondere beleving was, was het wel echt ontzettend toeristisch. We legden dit weekend een grote afstand af, maar intussen voelt dit heel normaal. Zelfs wanneer wij Port Elizabeth (grootste stad bij ons in de buurt) inrijden voelt het alsof we bijna weer thuis zijn, ook al is het dan nog een uur en driekwartier rijden.