Kinderopvang Amarins gaat reorganiseren

DSF_FRIE-p07.pdf - Adobe Acrobat Pro

Dit jaar nog onderzoek naar hoeveelheid locaties

KOLLUM – Stichting Amarins uit Kollum gaat haar afdeling voor kinderopvang reorganiseren. Binnenkort wordt afscheid genomen van drie medewerkers. Volgens voorzitter Koos Fleer zullen de kinderen en hun ouders er niets van merken, omdat gesneden wordt in de overhead. De ingreep is nodig om in te spelen op het teruglopende aantal kinderen dat gebruik maakt van de opvang. Steeds vaker gaan zijn naar opa en oma.

Volgens Fleer draait de kinderopvang al een aantal jaren slecht. “Er zijn steeds minder kinderen en dus ook minder opbrengsten. De overhead was topzwaar geworden en daarom moeten we de tering naar de nering zetten. Helaas moeten we afscheid nemen van drie mensen.” Nu wordt er wekelijks nog 68 uur ingezet voor de overhead, dit gaat terug naar 28 uur. “Op de werkvloer gaat alles nog gewoon door. De kinderen en hun ouders zullen hier niets van gaan merken.”

Landelijk loopt het aantal kinderen in de opvang terug en die trend sloeg Noordoost Friesland niet over. Daarnaast zijn er nog andere factoren die ervoor zorgen dat er minder werk is. Fleer: “Dat komt door het chaotische beleid van het Rijk. De subsidieregelingen zijn zo ingewikkeld dat veel ouders er geen gebruik van maken. De rijkdom in de kinderopvang, die er tien jaar geleden was, is er nu niet meer. We zien nu dat opa’s en oma’s het werk hebben overgenomen. Ook weten we dat dit sociaaleconomisch een niet al te sterke regio is. Als mensen hun baan verliezen, wat hier in de regio nogal eens gebeurt, blijven kinderen ook niet op de opvang.” Volgens Fleer was de ingreep nodig omdat de organisatie anders in zwaar weer zou kunnen komen.

Helemaal is de bezuinigingsronde nog niet achter de rug. Later dit jaar wordt er gestart met ‘Plan C’, waarbij alle locaties tegen het licht worden gehouden. “We willen zoveel mogelijk locaties in stand houden. Als we het verlies op één locatie kunnen compenseren met een andere locatie is dat niet erg, maar er moet geen scheefgroei ontstaan.” Fleer wil pas met dit onderzoek beginnen als duidelijk is hoeveel ouders hun kinderen inschrijven bij de opvang voor het komende seizoen. Dan moet ook duidelijk worden of alle locaties open kunnen blijven.