Koos Winter

Voorzitter D66 Westerkwartier

WESTERKWARTIER – ‘Ik heb twaalf jaar in de gemeenteraad van Leek gezeten en ben vanaf 13 december de voorzitter van D66 Westerkwartier. Momenteel zijn we al druk bezig met het schrijven van het verkiezingsprogramma voor de gemeenteraadsverkiezingen. Deze verkiezingen vinden plaats op een later moment dan de gemeenteraadsverkiezingen elders in het land, aangezien op 1 januari 2019 de nieuwe gemeente Westerkwartier van start gaat.  Vandaar dat wij druk bezig zijn met het schrijven van het D66-verkiezingsprogramma voor de verkiezingen op 21 november 2018.
Een nieuwe gemeente brengt natuurlijk veranderingen met zich mee. De afdelingen D66 Leek en Zuidhorn waren al samen gegaan, en dus kennen wij elkaar al goed. Nu komen Marum, Grootegast en een gedeelte van Winsum hierbij. Het is nu zaak dat we hier één geheel van maken. Het is aan het begin toch een beetje wennen aan elkaar. Ik zie als mijn taak vooral om leden en voormalige afdelingen te verbinden. Elke afdeling brengt toch zijn eigen cultuur mee.
En verder ligt voor mij vooral een taak in het coördineren van het nieuw te maken verkiezingsprogramma. Daarvoor is het van belang om ons te verdiepen in de gemeenten, waar D66 geen fractie heeft. Dit doen wij door overleg met onze leden in Marum en Grootegast en door te gaan praten met de raadsgriffiers van die gemeenten; zo krijgen wij een goed beeld van de zaken die daar spelen.
Het is altijd lastig in te schatten hoe groot D66 zal worden in het Westerkwartier. Als we afgaan op de Tweede Kamerverkiezingen, dan stemt ons dat hoopvol. Destijds stemde ongeveer tien procent van de bevolking in Leek en Zuidhorn op D66. In Marum was dit acht procent, in Grootegast zes en in Winsum ook tien procent.
Het is nog te vroeg om een duidelijk thema aan te wijzen voor ons verkiezingsprogramma. D66 vindt onderwijs altijd erg belangrijk, maar beslissingen over het onderwijs worden doorgaans in Den Haag gemaakt. De fusie van de gemeenten juich ik in ieder geval toe. Door een grotere gemeente te vormen, kunnen de ambtenaren  veel specialistischer te werk gaan. Het zal de kwaliteit ten goede komen. Inwoners van fuserende gemeenten, zijn vaak bang dat ‘hun gemeentehuis’ verdwijnt. Maar hoe vaak kom je nou op het gemeentehuis? Daarnaast hebben  veel dorpsverenigingen of dorpsraden regelmatig contact met de gemeente over zaken die het dorp betreffen. . Vaak geldt: hoe kleiner  het dorp, hoe beter het overleg tussen gemeente en dorp loopt. . Dat is voor een dorp belangrijker dan de grootte van de gemeente.’