Maria’s Mooie Mensen – week 21 – 2015

Toen mijn dochter nog in mijn buik zat, had ik al precies voor ogen hoe ze eruit zou komen te zien. Een perfecte mix van manlief en mij, uiteraard met krullen net als ons allebei, en mijn neus, zijn ogen. Groen zouden ze zijn, die ogen, net als die van hem. Mijn ogen zijn blauw, daar kijk ik alweer dik dertig jaar tegenaan dus die ken ik inmiddels wel. Het leek me prachtig als mijn moppie juist dezelfde mooie groene kleur ogen als manlief zou krijgen. Eenmaal geboren bleek het anders. Haar ogen, blauwer dan blauw, bleven deze kleur. Teleurgesteld was ik niet, die prachtige grote kijkers zouden waarschijnlijk nergens beter in uit komen dan zo overduidelijk blauw. Nog altijd zijn ze van dat felle blauw, helder en vooral oprecht. Vele variaties zie ik voorbijkomen. Vreemdelingen bekijkt ze zonder vooroordeel en met open blik. En waar mij nog wel eens donkere blikken, zo donkerblauw als onweerswolken, worden toegeworpen als ze haar zin niet krijgt, wordt manlief vaak juist getrakteerd op twee samengeknepen lichte oogjes met daaronder een brede lach. Zonder schroom weet ze haar grote kijkers in te zetten als ze iets gedaan wil krijgen. Probeer dan maar eens voet bij stuk te houden. Heerlijk is het als na een dag werken die blauwe oogjes me al van verre weer aan zien komen en verwachtingsvol naar me opkijken. Uiteraard zijn dit voor mij de mooiste blauwe ogen van de wereld. Afgelopen week werd ik zomaar getrakteerd op een paar dat er dichtbij in de buurt komt. Ik was net mijn interview op de Boyemaheerd aan het afronden als er een klein meisje het kantoor binnen komt lopen. Twee grote blauwe kijkers namen me onzeker op. Even werpt ze een blik op oma en moeders voor steun. Terwijl ik haar vraag hoe ze heet, lijkt ze even te overwegen of ze mij gaat vertrouwen of niet. De hond is inmiddels ook enthousiast binnen gewalst en trakteert haar op een lebber. Overduidelijk is hij even gek met haar als oma en moeders. Wie dit mooie koppie met helblond haar en die grote blauwe kijkers ziet, snapt wel waarom. Inmiddels heeft ze haar keus gemaakt. In haar hand prijken twee verse madeliefjes, waarschijnlijk onderweg voor oma geplukt. Ze draait zich om en steekt haar hand naar mij uit: “voor jou”, zegt ze terwijl ze me strak aan kijkt. Ik ben er even stil van. Met twee madeliefjes in mijn hand loop ik even later naar de auto. Op naar mijn eigen meisje.