Maria’s Mooie Mensen – week 40 – 2014

Dat de aanleg van het nieuwe komplan in Zuidhorn best wel eventjes heeft geduurd, kan ik als geen ander beamen. Bijna vier jaar geleden namelijk, stond de allereerste Ongenode Gast die ik schreef, geheel in het teken van een onderdeel van dit komplan. In Zuidhorn was ik niet heel bekend voor ik voor de Streekkrant ging schrijven en hoewel ik destijds al wel voor afspraken in het dorp was geweest, kwamen het centrum waar aan gewerkt werd en de Oostergast waar je helemaal om heen moest rijden maar de tomtom je juist dóórheen stuurde, nogal verwarrend op mij over. Fotograaf Erik was regelmatig mijn rots in de branding, want hij loodste me nogal eens over de juiste wegen. Toen ik na zijn aanwijzingen achter de gloednieuwe Albert Heijn belandde en mijn auto parkeerde op toen nog braakliggend terrein, vroeg ik me even verwonderd af, wat hier zo mooi geworden was. Erik kwam in die weken regelmatig in deze supermarkt en wist ook wel de weg binnendoor. Via de leveranciersingang stapten wij binnen in misschien wel de mooiste supermarkt die ik ooit gezien heb. Niet dat deze Albert Heijn nou zoveel anders oogde dan welke nieuwe Albert Heijn dan ook, maar deze Albert Heijn was klaar voor de opening en een waar walhalla voor een ieder die zich net als ik tijdens het rondje wekelijkse boodschappen moet inhouden niet anderen die midden in het pad staan met de kar aan te rijden. Alle schappen waren vol en netjes en er was niemand in de winkel te bekennen. Terwijl Erik het buffet ontdekte, ontdekte ik een heuse parkeergarage (in een dorp!) en een stralende Abbe Borger die, geheel terecht, onwijs in zijn nopjes was. Hij was zo enthousiast dat hij onder het vertellen over zijn prachtige nieuwe supermarkt, totaal vergat mijn hand los te laten. Zuidhorn werd in mijn ogen een steeds bijzonderder dorp. Even later wees Erik me op de ‘belangrijke’ personen die inmiddels ook allemaal binnen druppelden. We schudden handen en ik hoorde talloze lofzangen over het centrum van Zuidhorn en de belangrijke stap in het nieuwe komplan die met de Albert Heijn was afgerond. We geinden wat met een vlotte ‘gozer’ die we tegenkwamen. Toch fijn dat je als journalist tussen al die ‘belangrijke’ mensen ook mensen tegenkwam waar je gewoon even een grapje mee kan maken. Het bleek wethouder Fred Stol. “Oh ja”, zei Erik losjes na tig grappen over en weer, “dit is trouwens Fred Stol en hij is wethouder dus die zul je wel vaker zien”. Een half uur later terug in de auto, opnieuw eerst hopeloos verdwaald, liet ik alles nog eens door mijn hoofd gaan:  Zuidhorn is maar een bijzonder dorp, ze spreken er over een prachtig nieuw centrum waar we anders gewoon parkeren op een braakliggend terrein waardoor ik nu nog de steentjes uit mijn schoen vis, de wethouders lopen wel in pak maar hebben gewoon gevoel voor humor en de supermarkt is hypermodern met een manager die wel heel aanrakerig is. En dat was nog maar mijn eerste Ongenode Gast.