Maria’s Mooie Mensen – week 48 – 2014

Het mooiste moment van de dag is bij ons het avondeten. Na een lange dag aan het werk waarin we elkaar weinig zagen of juist een dag waarop we gezellig met zijn drieën op pad zijn geweest, is het zo’n zekerheid die het leven misschien voorspelbaar maar ook heerlijk maakt. In de winter met gezellig de waxinelichtjes aan, let wel op batterij voor de grijpgrage handjes van dochterlief, of juist in de zomer lekker buiten onder de parasol. Wat we eten maakt voor ons allemaal eigenlijk niks uit. Van eten houden we alle drie en of er nou spruitjes of patat op tafel wordt gezet: honger hebben we altijd en het smaakt ons altijd goed. Dochterlief is nog geen jaar, maar eet zo goed als alles mee. Vanaf een half jaar zijn we langzaam gaan opbouwen met eten en hebben haar altijd zoveel mogelijk zelf laten doen. Voor ons geen potjes met prakjes, maar reepjes wortel, stukjes tartaar en gekookte aardappels. Inmiddels krijgt ze haar eigen bakje voor zich waar ze zich prima mee redt. Op de grond belandt het eten maar zelden; daarvoor vindt ze het veel te lekker. Het eerste hapje is altijd aftasten. Het verschil tussen een stukje witte vis of witte bloemkool is soms even moeilijk inschatten. Bovendien moet ze altijd eerst even een blik op het bord van mij en manlief werpen om te constateren dat ze toch echt hetzelfde krijgt als ons. Op slimme manieren omzeil ik het eten waar zij nog niks mee kan: patat voor ons betekent voor haar bananenpannenkoeken wat een even grote traktatie is voor beide partijen en als wij sla eten, krijgt zij broccoli wat met de groene kleur veel op elkaar lijkt. Soms vallen al mijn goede bedoelingen in het water. Met veel vertoon schuift dochterlief haar bakje weg, gooit ze de met zorg klaargemaakte broccoli om zich heen en wil ze ook geen drinken. Pas nadat de tranen wat opdrogen en ze met een uitgestoken vinger duidelijk weet te maken wat het euvel is, komen manlief en ik erachter dat ze een tomaatje wil. Welke ze vervolgens met een grote lach in ontvangst neemt. Het leven kan soms zo simpel zijn. Misschien is dat wel waarom we zo van dit dagelijkse ritueel houden. We nemen de dag door, praten elkaar nog eens bij en komen op adem. Dochterlief deelt langzaamaan steeds meer uit van haar maaltijd, ja ook de katten mogen best een hapje, en klokt ook nog eens een tuitbeker met verdunde jus d’orange weg. Alleen al te zien hoe lekker alles haar smaakt, is een genot voor ons. Het breekt mijn hart te bedenken dat er genoeg gezinnen en kinderen zijn, waar dit alles anders gaat. Afgelopen week hoorde ik bij de Voedselbank Westerkwartier dat één op de negen kinderen het zonder warme maaltijd moet doen. Voor hun geen bananenpannekoeken als feestmaal, geen spruiten, gehaat of niet, en zeker geen vis. Ik ben er nog stil van.