Maria’s Mooie Mensen 268

Die ouwe is er weer, zo spreken wij in codetaal thuis over Sinterklaas. Codetaal is hard nodig, want ook al is onze oudste dochterlief nog net geen vier, ze is verre van op haar achterhoofd gevallen. Als ik  denk rustig met beste vriendin in de codetaal te overleggen over schoencadeaus, komt mevrouw me achteloos vragen of ik het over Sinterklaas heb. Overgaan in het Engels, een beproefde methode, is ook spannend aangezien mevrouw zonder problemen alle kleuren al kan vertalen. Wat ze nog meer zou kunnen volgen in deze taal, willen wij niet uitproberen. We verzanden dus in die ouwe of gaan over tot het spellen van woorden als we echt iets moeten bespreken. Het feest zelf is al veel beproefder dan onze opvoedmethodes. En het recept is nog altijd een succesvol. Men neme een mooi verhaal, een man met een lange baard en een jurk aan en een heleboel pieten – voor de kinderen boeit het overigens totaal niet hoe deze eruit zien als ze maar veel pepernoten en cadeaus meenemen. Vervolgens dreig je nog wat met de roe of mee in de zak naar Spanje en je laat ze ’s avonds veel te lang en veel te hard zingen voor een handje snoep of een kleinigheidje. Uiteindelijk heb je een kind thuis wat compleet overprikkeld is en braaf oprakelt: wat je krijgt, moet je blij mee zijn, maar wel diep teleurgesteld is als luisterpiet de hints niet goed begrepen heeft. En dan wil het wel eens zijn dat je een My Little Pony-pyjama kreeg – ik zou er vroeger ongetwijfeld een moord voor hebben gedaan – en je toch liever knutselspullen had willen hebben. Al met al een periode vol spanning voor die kleintjes. Waar de jongsten zich tevree tegoed doen aan teveel pepernoten en chocola, is het onze oudste heel echt allemaal. En die man met die jurk en die baard is dan toch wel heel erg eng. Immers: hij heeft de macht over welke cadeaus je krijgt en bepaalt of je wel lief genoeg bent. Een hand geven is dus een groot dilemma voor onze dochter want stel je voor dat die hand je meeneemt in de zak. Afgelopen weekend kwam de beste man ons dorp een bezoekje brengen. In een afgeladen café roept hij dan één voor één de kinderen bij zich, vraagt ze naar dingen die hij uit het alwetende boek haalt en laat ze zingen. Dochterlief had zich voorgenomen net als vorig jaar niet te praten. Destijds deed ze dat met verve. Ze klemde de lippen stijf op elkaar en liet haar vader uit wanhoop dan maar een liedje zingen. Het leek erop dat het dit jaar minstens zo onsuccesvol zou verlopen. Tótdat de knop toch nog omging en het moment daar was: Olivia, Georgia en Rachel konden naar voren komen. Ze nam haar moment, pakte nog net niet de microfoon uit de handen van de Goedheiligman en begon eerst maar eens even met het voorstellen van haar zusjes. Geen overbodige luxe voor Sinterklaas aangezien het een eeneiige tweeling is en je kunt wel alwetend zijn, maar ook dan houdt het wel eens op. Nadat alle vragen beantwoord waren en haar jaar uit de doeken was gedaan, liet dochterlief ook nog eens de volledige versie van ‘zie ginds komt de stoomboot’ horen. Dat had die ouwe vast ook niet verwacht, lachten manlief en ik tegen elkaar thuis. Vanaf de bank klonk een voldaan stemmetje van de bank: ‘Hebben jullie het over Sinterklaas?’