MiniKul – week 13 ‘14

‘Kopen is uit, delen is in’ profeteerde het Dagblad van het Noorden een tijdje geleden in haar Economie-katern. Daarin werd beweerd dat de delen-en-lenen-filosofie via het web wel eens de grootste economische revolutie in de wereld zou kunnen worden. Want, aldus de organisatoren van een onlangs in Emmen gehouden innovatiecongres: Deeleconomie is niet meer te stuiten. Want wie heeft er eigenlijk een boormachine nodig?  Ja, om een gaatje in de muur te boren, maar waar die boormachine vandaan komt maakt niemand iets uit. (Zo lust ik er nog wel eentje.) De modale niet vakmatig klussende man heeft in zijn hele leven hooguit twaalf minuten een boormachine nodig, is er (knap hoor!) door onderzoekers becijferd. En de auto gebruik je ook niet altijd. Dus je kunt met elkaar meerijden naar het werk en de tijd die je hem niet gebruikt, kun je hem uitlenen. Eten koken kun je om de beurt met buren of vrienden. Dat spaart gas en milieu. Je kunt, kortom, veel klussen voor elkaar doen: Ik vul jouw belastingpapieren in en jíj boort bij mij een of twee gaatjes in de muur. En kleding ruilen: Ik jouw jurk, jij mijn BH. Enzovoorts.
Zulks heet dus ‘deeleconomie’. Dat bespaart je een hoop geld, maar heb je dat dan nog wel nodig?, vraag ik me als leek af. Je leeft natuurlijk wél veel bewuster, zeggen degenen die de ‘deeleconomie’ tot hun credo hebben gemaakt. Want: ‘De handel wordt in de toekomst verlegd van bezit naar toegang,’ profeteren deze deskundigen.‘Kopen is uit, delen is in’ luidt hun motto. Met daaraan de toevoeging dat delen en lenen via internet wel eens de grootste economie in decennia kan worden. Je moet er nú bij zijn, anders mis je de boot, klinkt het vervolgens waarschuwend. Dús kun je binnenkort op in delen & lenen gespecialiseerde websites – à la kijkcijferhits op de tv – advertenties als ‘Boer zoekt boor’ en misschien ook wel ‘Jouw vrouw mijn vrouw’ lezen. 
Maar wie zit hier eigenlijk op te wachten? De detailhandel die het tóch al zo moeilijk heeft en straks door de delen & lenen manie nóg minder verkoopt, met ook gevolgen voor toeleveranciers en fabrikanten? Komt er daardoor niet nog meer werkeloosheid en op termijn armoede? Deeltijdeconomie is toekomstmuziek? De tijd zal het leren. Persoonlijk houd ik het voorlopig nog maar even op ‘Koopman zoekt klanten’. Want mijn ouderwetse credo luidt: ’Met delen en lenen is de economie snel verdwenen’.
Henk Hendriks