Raad nog niet geïnformeerd over restwaarde De Akkerwinde

marriette de visser 2

Wethouder bijna in de moeilijkheden door beginnersfout

ULRUM – Het mogelijke einde van lager onderwijs in Ulrum houdt ook de gemeenteraad van De Marne bezig. Nieuwbakken wethouder Mariëtte de Visser (PvdA) kreeg het tijdens de bespreking moeilijk toen zij de raad niet wilde vertellen welke restwaarde OBS De Akkerwinde heeft na het sluiten van het gebouw.
Diverse mensen van verschillende pluimage stonden dinsdag in de rij om hun zegje te doen over de sluiting van de school. Allereerst was er directeur-bestuurder Marianne Volp die namens scholenorganisatie L&E om het woord vroeg. Volgens haar kan het niet langer zo zijn dat OBS de Akkerwinde openblijft, nu de ondergrens van 23 leerlingen rap nadert. “Onze taak is om kwalitatief goed onderwijs te bieden,” zei Volp. Waarna ze voorrekende wat het zou kosten om de school open te houden. “Een school met 23 leerlingen kost ongeveer € 250.000 per jaar. Een klas met 23 leerlingen kost € 92.000. Dat is toch wel een verschil.” Ouder Pieter van Maldegem hoopte dat de school samen verder kon gaan met de christelijke school in het dorp. “Ik pleit voor uitstel van het besluit,” zei hij tegen de raadsleden. “Niemand zag dit aankomen, ik ook niet. Tot 11 juni was er geen ruimte voor een samenwerkingsschool, maar nu is dat er wel. Iedereen vindt dat de school moet blijven.”
Dat niet iedereen dat vindt, bewees mevrouw Veenstra. Zij hoopte dat de school nog dit jaar gesloten wordt. “Herhaaldelijk hebben wij van de christelijke school gehoord dat zij niet willen samenwerken. Er is al meer dan genoeg gekeken. Deze commotie veroorzaakt onrust onder ouders, maar ook bij leerlingen. Ik blijf niet langer met mijn dochter heen en weer rijden. Zo ga ik niet met haar om. Ik sta niet meer open voor een samenwerkingsschool. Daar is het nu te laat voor.”
Ingesproken werd er ook door Eiko Swijghuizen, namens de Dorpsbelangen. Hij pleitte ervoor dat het dorp ten minste één school houdt. Directeur Vol ziet echter geen kans om haar school open te houden. “Met het christelijk onderwijs gaan we nadenken in welke vorm we kunnen samenwerken. Als dat plaatje gaat werken is dat pas in de herfst. De Akkerwinde past wat mij betreft niet in dat plaatje.” Vol pleitte ervoor de ouders serieus te nemen die een keuze hebben gemaakt voor de sluiting van de school. “Als u dit besluit uitstelt verwacht ik dat er een leeg gebouw staat en de ouders vertrokken zijn naar een andere school. We maken dan een bijzondere indruk op de buitenwereld. Ik heb niet de indruk dat de tijd rijp is voor allemaal samenwerkingsscholen.”
Dat het openhouden van de school geen haalbaar plan was, was voor de raadsleden meteen duidelijk. Wel pleitte Folkert van der Zee (VVD) ervoor om ministens één school open te houden. Hij diende daartoe een motie in. “Die kinderen moeten in Ulrum les kunnen hebben,” was zijn mening. Vragen bleven er onder de raadsleden nog wel. Zo vroeg Mädi Cleerdin zich af of de school haar BRIN-code kon behouden, zodat later nog een samenwerkingsschool opgezet kan worden. Door het in stand houden van de code blijft de school namelijk op papier bestaan. Echter was dit niet mogelijk.
Wethouder De Visser kreeg het daarna nog moeilijk toen Van der Zee exact wilde weten wat de boekwaarde van de school na de sluiting zou zijn. Toen de wethouder dit niet wilde geven, werd de sfeer grimmiger. Voor De Visser was het een beginnersfout, omdat de gemeenteraad vanwege het zogenaamde ‘budgetrecht’ geïnformeerd moet worden over de financiële positie van de gemeente en diens eigendommen. Na een schorsing waarin driftig overlegd werd, wilde de wethouder uiteindelijk een toezegging doen om de restwaarde in vertrouwen schriftelijk aan de raadsleden kenbaar te maken.