“Redden we de zeehonden of laten we ze creperen?”

bleeker

Bleker zet zeehondenzorg op politieke agenda:

PIETERBUREN – Om alle zeehonden die hulp nodig hebben te kunnen helpen, is een half miljoen euro nodig. Dit stelt Henk Bleker, voorzitter van de Raad van Toezicht van Zeehondencrèche Pieterburen. Onlangs gaf Bleker al toe dat er zeehonden vorig jaar te vroeg zijn uitgezet. Volgens hem heeft dat alles te maken met de opvangcapaciteit. “

Er is plek voor tweehonderd dieren. Met name in november en december komen er veel dieren binnen met longwormen. Er was echt sprake van een piek. Om plaats te maken voor nieuwe dieren zijn sommige andere zeehonden noodgedwongen te vroeg uitgezet. Met een half miljoen extra kunnen we wél alle zeehonden opvangen.”

Het gaat goed met de zeehonden in Nederland. Telde de zeehondenpopulatie in de jaren ’70 nog maar een paar honderd dieren, ruim veertig jaar later zijn het er zo’n tienduizend. Toch kunnen de dierenredders volgens Bleker allerminst achterover gaan zitten. “De populatie is uiterst kwetsbaar. Eens in de tien jaar gemiddeld breekt een virus uit, die kan de populatie zo halveren. Het is dus van belang om de populatie groot te houden.” Niet alleen een virus is gevaarlijk, maar ook de longworm waar veel dieren aan sterven. “Als wij er niet zouden zijn, zou een groot deel van de zeehonden daaraan sterven. Een kwart is misschien wat veel, maar die kant gaat het wel op.”

Voorzieningen en geld zijn er niet genoeg om simpelweg alle dieren te redden. Er is plaats voor tweehonderd zeehonden, maar soms moeten ze wel honderd extra dieren op kunnen vangen. “We zitten met de politieke en maatschappelijke vraag hoe je hiermee omgaat”, aldus Bleker. “In de Tweede Kamer wordt altijd met liefde gesproken over de zeehondenopvang. Tot nu toe hebben we de broek altijd zelf omhoog gehouden, maar als we alle zeehonden willen opvangen, is er meer geld nodig. In andere landen worden zeehonden niet gered. Worden aan hun lot overgelaten of uit hun lijden verlost. We staan nu voor de vraag: willen we dat ook in Nederland? Als een zeehond longworm heeft, lijdt het dier gruwelijke pijn. Het ligt krom van de pijn in het zand, bloed uit zijn neus. Ik vind dat het in onze traditie past om de zeehond op te vangen. Ik wil die dieren niet laten lijden. En ik zie de politie ook nog niet uitrukken om een van pijn creperende zeehond uit zijn lijden te verlossen. Ik wil dat niet en ik geloof Nederland dat ook niet wil.”

Bleker benadrukt nogmaals dat het snelle uitzetten van de dieren geen kwestie was van willen bezuinigen op medicijnen, maar dat er simpelweg te weinig plek was. “Ik heb de dossiers bekeken. Met name in november en december waren er ontzettend veel dieren met longwormen. Omdat we maar plek hebben voor tweehonderd dieren, zijn ze sneller uitgezet dan normaal. Dat was uit nood geboren, om plaats te maken voor nieuwe zeehonden. Sommige van die zeehonden waren wel aan de beterende hand, maar waren nog niet helemaal aangesterkt. Daar zitten wel risico’s aan en zo’n situatie willen we dus ook niet nog een keer. Met een half miljoen extra kunnen we zo’n honderd extra plekken creëren. Als je kijkt naar de natuurbegroting van bijvoorbeeld het ministerie van milieu, dan denk ik dat dit absoluut moet kunnen.”