‘Stiekem droom ik over het winnen van een mooie klassieker’

Den Ham Julia Soek-4

   Wielrenster Julia Soek weer thuis in Den Ham

DEN HAM – Wielrenster Julia Soek is weer thuis. Het is een typische Hollandse voorjaarsdag. De zon wordt afgewisseld door fraaie bloemkoolwolken en er waait een stevig windje die het allemaal een beetje fris maakt. De bestemming is de Piloersemaborg in Den Ham, inmiddels weer de thuishaven van Soek waar haar ouders de Borg beheren. Statige populieren langs de oprijlaan bewaren nog even de geheimen van al het moois verder op. En fraai is het:  er heerst een serene rust rondom de Borg. De tuinen verraden dat er recent veel arbeid is verricht en een scala aan planten, bomen en struiken kleuren het geheel en geeft bijna een meditatieve sfeer. Het doel is niet de Borg, hoe mooi ook, maar één van de inwoonsters.
De deuren staan al uitnodigend open en eenmaal binnen komen een paar stralende ogen onder een bos lang, licht blond haar de keuken uit zetten. Soek heeft het zichtbaar naar haar zin. Met een dubbele espresso in de hand, gekleed in een zwart trainingspak van haar ploeg, Liv-Plantur geeft ze een rondleiding door het monumentale pand. ‘Ik zal mijn huis zo niet inrichten, maar mooi is het wel. Het heeft stijl.’
Sinds 7 jaar doet de 24-jarige studente aan wielrennen en tijdens de Energiewacht Tour legde ze beslag op de oranje trui. Vanwege haar studie in Amsterdam aan de Johan Cruyff University week ze uit naar zowel de hoofdstad als Bussum. Nergens kon ze permanent blijven. En nu dus weer in het hoge noorden. ‘Het is even wennen, maar wel fijn om hier weer te zijn. Al zal het wel wat improviseren worden met de studie in Amsterdam.’ Ondanks alle drukte maakt het wielertalent nog altijd veel tijd vrij voor het wielrennen en begint steeds harder te rijden. Vorig jaar wist ze tijdens de Ronde van De Wijk haar eerste zege te boeken en ze hoopt op meer. ‘Natuurlijk droom ik wel eens van het winnen van een mooie klassieker, maar of het realistisch is zullen we zien. Ik train er hard voor, al moet ik wel oppassen ook tijd te maken voor mijn studie, want ik heb inmiddels flinke vertraging opgelopen. Maar het gaat steeds beter. De eerste jaren is het heel veel leren en ervaring opdoen. Ik hoop dat die investering zich uiteindelijk gaat uitbetalen.’ Soek moet het niet hebben van een knallende sprint. ‘Nee, dat is nu eenmaal niet helemaal mijn ding, maar er zijn meer manieren om een wedstrijd te winnen.’ Ze staat bekend om haar enorme drive en wedstrijdmentaliteit. Ze is er zo eentje die sleurt, trekt, nooit opgeeft en zich in dienst kan stellen van het team. Breed inzetbaar, zowel op vlak als hellend terrein. ‘Ik geef inderdaad niet snel op en vooral als het hard waait en de omstandigheden zwaar zijn, kom ik tot mijn recht. Een echt klimmer zal ik niet worden.’ Haar eerste fiets kreeg ze van haar vader, Dick Soek die nog in Italië fietste. ‘Hij had hem niet meer nodig en doordat ik moest stoppen vanwege een blessure met judo ben ik maar eens op die fiets gestapt om met de jongens uit de keuken een rondje Lauwersmeer te doen.’ En dan grinnikend: ‘Nee, ze hebben me niet op afstand gereden. Ik wilde toch sporten om fit te blijven dus heb ik me aangemeld bij de NWVG en al tijdens één van de eerste wedstrijden werd ik gevraagd om bij de Wielervereniging Noord-Holland te komen fietsen. Ik kwam toch vaak in die regio en kreeg bij hun mijn fiets en kleding. Bovendien kende ik er al mensen. Dus heb ik die stap gemaakt.’ Na Batavus Ladies Cycling Team, Ruiter Dakkapellen, en Specialized DPD SRAM werd de buurvrouw van Danielle Bekkering in 2013 prof bij Sengers Cycling Team en inmiddels is Live-Plantur dus de ploeg waar ze voor actief is en alle grote wedstrijden rijdt. Na bijna acht jaar wielrennen zijn er al genoeg mooie herinneringen: ‘Ik heb met de Wielervereniging Noord-Holland vier maal de ploegentijdrit gewonnen. Ben in China en Quatar geweest, dat was super. Maar de mooiste ervaring was wel dat we tijdens La Route de France aankwamen op de Champs-Élysées in Parijs nadat de mannen van de Tour daar waren gefinisht. Wat een sfeer en mensen. Dat zal ik nooit meer vergeten.’
Het blijkt dat er wel een dingetje is dat de renster wat dwars zit. ‘We komen soms in zulke mooie omgevingen en maken prachtige, betaalde reizen maar doordat we vooral trainen en wedstrijden rijden zien we vrijwel niets van al dat moois. Een beetje jammer wel’, glimlacht ze een tikje ondeugend. ‘Ik heb enigszins een Bourgondische inslag, hou wel van een wijntje en zou best eens een leuke stad in willen. Maar ik weet ook dat het ‘killing’ kan zijn voor mijn prestaties. En ik blijf wel sportvrouw op de eerste plaats.’
De fotograaf arriveert en Soek laat zich naar buiten leiden voor een mooie foto. Hond Duvel, ‘hoewel hij totaal niet naar mij luistert is het geen duvel’, wil ook in de krant en is niet meer bij haar baasje weg te slaan. Uit de keuken klinkt een vrolijk liedje. Het refreintje klinkt als ‘onze Julia, onze Julia’.  Ook de koks zijn blij. Zouden ze het nog durven, een rondje Lauwersmeer?