Stilstand maar absoluut geen achteruitgang voor Flannery

flannery02

Nieuwe drummer voor de band van Grijpskerker Koos van der Goot

GRIJPSKERK/GRONINGEN – De afgelopen maanden waren de rustigste die de Schotse folk rock band Flannery ooit kende. Sinds zij tweeënhalf jaar geleden werd opgericht werd er door de bandleden vol passie en met veel plezier gewerkt aan het opbouwen van een eigen repertoire en probeerden zij vooral veel op het podium te staan. De noodzaak een nieuwe drummer te zoeken bracht een pas op de plaats met zich mee. Maar de doelen die de ambitieuze uit Grijpskerk afkomstige leadzanger Koos van der Goot stelde, zijn zeker niet vergeten. Samen met bandlid Danny vertelt hij over dromen die doelstellingen zijn geworden.
De zomer van vorig jaar is er eentje die de heren niet snel vergeten. Ze traden op in het buitenland, op festivals in Italië en Ukraïne, en roken vooral in dat laatste land aan hoe het zou zijn als ze écht door zouden breken. “Een bizarre wereld”, vertelt Koos. “Alle artiesten treden daar netjes in pak op, moet je indenken dat dan wij op het podium komen; de één op kistjes, allemaal in een kilt en een ruig uiterlijk. Eén optreden en ze waren helemaal weg van ons. DE volgende ochtend stonden ze met Flannery-kalenders. Hadden ze die nacht gemaakt. We hebben daar een tour gedaan en op het laatst hadden we politiebegeleiding nodig om door het publiek te komen. We konden niet meer normaal over straat.” De heren lachen er relaxed bij, want dit soort avonturen, kennen ze hier in Nederland nog niet. Maar onbekend is de band ook bepaald niet meer. “We hebben fans uit Duitsland die in eigen Flannery-kleding naar de optredens komen en er zijn mensen die echt honderden kilometers rijden om een optreden bij te wonen.” Maar na die succesvolle zomer werden de heren genoodzaakt een pas op de plaats te doen. “Onze drummer is op een booreiland gaan werken”, vertelt Danny, “en moet daar twee weken op en twee weken af werken. Dus we moesten een nieuwe drummer zoeken.” Een klus die niet meeviel. “We zijn vrij jong en ouwehoeren graag. Iemand moet daar in passen.” Ook het inwerken kostte tijd. “We hebben het over 22 nummers”, beaamt Koos. “Daar kunnen we een leuke show mee geven, maar omdat allemaal even in je hoofd te prenten…”
Wennen was het niet alleen voor de drummer, Tim van de Wind, zelf. “We waren zo aan elkaar gewend, je merkt echt dat ieder tikje anders is”, vertelt Danny. “Ik had niet verwacht dat het zoveel verschil zou maken.” In de afgelopen tweeënhalve jaar heeft de band dan ook een geheel eigen concept neergezet. “Ik denk dat je Flannery direct herkent”, vindt Koos, “aan wat ons uniek maakt: die mix van stijlen van rock ’n roll, rap tot metal en nu gooien we er zelfs soms polka door heen.” Dat Danny het niet alledaagse instrument doedelzak bespeeld, is een goed voorbeeld van die eigenzinnigheid van Flannery. “En het heeft effect”, voegt Koos er tevreden aan toe. “Je merkt dat als we beginnen te spelen de mensen komen kijken, van: ‘hé wat gebeurt daar’. Dat effect dat ze uit hun dak gaan, daar doen we het voor.” Hoewel plezier voorop moet blijven staan, heeft de band zich wel ontwikkelt naar een serieuzere variant van zichzelf. “Dromen worden doelstellingen. We gaan er serieuzer mee om en we weten zo langzaamaan op het podium heel goed wat we doen. Eerst ging het vooral om aandacht, maar die kick om aandacht is veranderd in een kick om interactie. En dan wordt je goed.” Danny merkt hetzelfde; de band ontwikkelt zich continu. “Waar we eerder het nummer speelden, krijg je nu leuke dingetjes tussendoor.” “Oh ja”, lacht Koos, “dat dan de hele band even één seconde stilvalt, en dan weet het publiek niet wat er gebeurt.”
“Trouwens, een Italiaans radiostation wilde muziek van ons hebben”, bedenkt Koos zich en geeft hij door aan Danny. Met Flannery zit het dus wel goed. De belofte van vorig jaar, “ik heb hele hoge verwachtigen”, is misschien nog niet ingelost, maar de heren zijn op weg. Inmiddels is er een cd opgenomen en nu de drummer goed ingewerkt is, staan de heren weer regelmatig op het podium. Zoals onlangs, een thuiswedstrijd voor Koos op Summerstrike. Want Grijpskerk is nog altijd zijn basis. “Het blijft mijn dorp. Ik kan hier lopend naar de kroeg. Of naar de C1000. Kom ik soms wel pas zes uur later weer terug”, lacht hij.
Zie www.flannery.nl voor de agenda van de band. (De foto is van Marthe Vroegop)