’t Fean ‘58: “Doorgroeien richting een stabiele tweedeklasser”

SURHUISTERVEEN – Dit seizoen keert ’t Fean ’58 terug op het niveau waarop het vele jaren heeft geacteerd, de tweede klasse. Niettemin was het een grote verrassing, vindt trainer Mark Bosma. “We waren vorig jaar een kanshebber, maar niet dé kandidaat voor het kampioenschap. ’t Fean ’58 heeft de titel gepakt vanuit de underdogpositie.” Dat houdt niet in dat de ambities van club en trainer ophouden. “Zeker niet”, vindt Bosma, “het nu zaak door te groeien richting een stabiele tweedeklasser. Het is mooi te spelen op een hoger niveau.”

Komend seizoen wordt cruciaal, denkt Bosma. “Er is een groot verschil tussen de tweede en de derde klasse. Vorig jaar hebben we veel geluk gehad qua blessures en schorsingen, het zou mooi zijn als we ook dit seizoen verschoond blijven van pechgevallen.” Aan de organisatie zal het niet liggen. Aan de blauwe kant van Surhuisterveen wordt hard gewerkt om van de club een mooie tweedeklasser te maken. “Randvoorwaarden zijn belangrijk”, vindt de trainer. “Voorheen wilden we nog wel eens spelers verliezen omdat andere clubs hun zaakjes beter op orde hadden. Dat is tegenwoordig anders. ’t Fean ’58 werkt aan een positieve uitstraling. Een goede accommodatie lag er al, het veld wordt verbeterd en dat zorgt voor een goed beeld naar buiten toe.” De middenmoot is het doel, stelt Bosma. “Of in ieder geval niet degraderen. Vandaaruit kunnen we verder bouwen. De spelers zijn er wel. Er is talent en we hebben een bredere selectie dan vorig seizoen. Ik hoop daar met mijn kunde en kennis een goede tactiek aan de koppelen, zodat we rond plek 7 kunnen spelen.” Voor de titel voorspelt Bosma Joure, Blauw Wit’34 en de Leeuwarder Zwaluwen. Zeker tegen de laatste club zal de oefenmeester graag uitkomen. “Ik heb vier jaar bij de Zwaluwen getraind”, zegt hij. “Dat wordt een mooi weerzien.” Maar eerst VVI-thuis op zaterdag 22 september. Bosma over de seizoenopening: “Laat ik daar gewoon helder in zijn. VVI is een taaie tegenstander met veel vechtlust. Het is echter ook een team uit het rijtje waar wij de punten tegen moeten pakken. Wij spelen thuis, dus heel simpel gesteld: die drie punten moeten in Surhuisterveen blijven.”