week 41

Gerard Cox zong het al: ’t is weer voorbij die mooie zomer. Nou ja, die mooie zomer? Er waren enkele prachtige weken, dat wel. Laten we zeggen dat het tweede deel van de zomer goed was. Toch hebben we wel kunnen genieten van die zomer. De natuur laat zich niet door allerlei weersomstandigheden beïnvloeden. Het herstelt zich altijd weer en wanneer je het wilt zien, kun je ook in de natuur van het Westerkwartier veel beleven. In hetzelfde liedje van Cox gaat het ook over de herfst. Hij zingt: herfst verkleurt weer langzaam alle bomen. Dat is natuurlijk ook zo. Wanneer ik, zoals vandaag op vrijdag

5 oktober, achter mijn computer zit en een column schrijf, zullen de bladeren door het slechte weer snel verkleuren. Ook een beetje vorst doet de bladeren verkleuren en afvallen. Hoe kan dat eigenlijk, vraag ik mij af. Er zijn verschillende redenen waarom dit gebeurt. De meeste bomen laten hun bladeren vallen, zodat ze in de winter minder snel uitdrogen. Ze hoeven in de winter het water ook niet opnemen, ondanks het feit dat ze ook in de winter vocht opnemen. Zonder bladeren hebben ze veel minder nodig. Je zal het niet willen geloven, maar bladeren hebben ook hormonen. In de lente en de zomer is er meer auxine in het blad. Auxine stimuleert de groei, bevordert het ontstaan van wortels, zorgt dat stengels omhoog en wortels naar beneden groeien, zorgt dat bladeren aan de stengel blijven zitten zolang het blad wat auxine maakt, stuurt de groei van vruchten en zorgt dat de stengel groen blijft. In de herfst worden de dagen korter en de temperatuur lager. Dan komt er meer abscisinezuur. Dat vormt een kurklaagje tussen de steel en de tak. Eén windvaag en de bladeren vallen. En een prettige bijkomstigheid is dat dat kurklaagje de boom beschermt tegen uitdroging. Er zijn ook bomen die hun bladeren niet of gedeeltelijk laten vallen. Ik denk aan sommige naaldbomen. Die bladeren zijn nooit groot en de naaldvorm heeft minder vocht nodig. Wat zit de natuur toch prachtig in elkaar. Veel mensen houden niet van de herfst. Zij moeten zon en licht hebben en voelen zich in de herfst en de winter minder prettig. Anderen vinden de vele kleuren in de herfst geweldig en zij vinden de herfst het mooiste jaargetijde van het jaar. Dat brengt mij op de gedachte dat er veel verschillende zienswijzen over de natuur zijn. Wat de één lelijk vindt, vindt de ander prachtig. Hoe de één naar de natuur of een landschap kijkt, heeft voor de ander een heel andere waarde of helemaal geen waarde. Hoe kijk jij naar de natuur? Wat vindt jij van het landschap? Allemaal vragen die je kunt beantwoorden vanuit je eigen achtergrond. Dat is het geweldige van de natuur. Iedereen ziet er weer iets anders in en het blijft steeds boeien. Geniet er van.

Herman Woltjer, voorzitter IVN Grootegast e.o.