Windmolendiscussie in Niehove ten einde?

Verrassende wending in het Middag-Humsterland

NIEHOVE – Soms loop je per ongeluk tegen een verhaal aan dat je direct grijpt. Waarbij je na een paar woorden al weet: ‘Dit wordt interessant’. Zo ook bij het telefoontje van Annemieke Grimbergen uit Niehove naar de redactie van de Streekkrant. Met de vraag of wij de windmolenproblematiek in en om Niehove –en eigenlijk het hele Middag-Humsterland- een beetje gevolgd hadden. Jazeker dus. Voor degenen die het niet op de voet hebben gevolgd een kleine samenvatting. De gemeente en de provincie willen steeds meer overstappen op duurzame energie. Lees: zonnepanelen, zonneweides en windmolens. Oké, zeggen de boeren in het Middag-Humsterland. Verduurzamen, daar kunnen ook de inwoners van het oudste cultuurhistorisch landschap van Europa zich wel in vinden. Maar windmolens in het Middag-Humsterland? Nee, dat is voor veel mensen geen optie. Dus kwam er weerstand tegen de windmolen. Vooral vanuit Niehove waar men niet staat te springen om windmolens in het prachtige ruime en open Nationale Landschap. Toch denken velen dat er niet aan te ontkomen valt.

Annemieke Grimbergen is inwoonster van Niehove en als afgestudeerd milieukundige aan de Landbouwuniversiteit zeer begaan met de natuur en het prachtige landschap waar zij en haar man twee jaar geleden met volle overtuiging voor hebben gekozen. Wonen in Niehove leek een droom en dat is het nog steeds. “Het zorgt er wel voor dat ik mij op een ietwat vreemde positie bevind”, geeft ze toe. “Ook ik wil geen windmolen in mijn uitzicht over de mooie landerijen van dit dorp, de draaiende wieken verstoren de ruime horizon, ze trekken de aandacht. Maar ik kan windenergie ook niet afschieten. We móeten met z’n allen toe naar een duurzamere wereld en daar hoort windenergie bij. Wind en zon vullen elkaar aan, samen geeft het een stabielere stroomvoorziening.” Ze zegt dus ook mee te leven met de boeren en hun wensen en EAZ Wind een leuk bedrijf te vinden. Maar ja, die molens zijn voor het landschap natuurlijk geen aanwinst. “Daarom ben ik op zoek gegaan naar alternatieven”, vertelt Annemieke. “Er moest toch iets zijn dat leidt naar verduurzaming, zonder dat het landschap daar onder te lijden heeft.” In haar zoektocht werd ze onlangs getipt op een product van het Canadese bedrijf RidgeBlade, een speciale windmolen dat ze voor het –Nederlandse- gemak nokmolen heeft genoemd. “Het principe is heel simpel”, legt ze uit. “De windmolen wordt op de nok van het dak van een woning of boerenbedrijf bevestigd en werkt zoals een schoep bij oude rivierboten. De wind waait erin en wordt omgezet naar energie.” Zoals een afgestudeerd milieukundige betaamd heeft Annemieke niet alleen de plaatjes gegoogeld, maar ook onderzocht wat het plaatsen zou kosten en of deze vorm van wind opvangen uiteindelijk ook genoeg energie zou opleveren. Immers, het moet wél rendabel zijn. “Uit de berekening blijkt dat de nokmolen in feite effectiever is dan een gewone molen”, zegt ze wijzend op de cijfers. “Bij een dak met een helling van 45 graden komt de wind op de nok ruim twee keer zo snel binnen en levert dit zes zo veel energie. Dat is gelijk aan het plaatsen van een grote windmolen op honderden meters hoogte.” Wie wel eens op de dijk staat op een winderige dag voelt het: juist op de top waait het veel harder. “Natuurlijk is niet ieder dak even hellend, maar  elke helling levert extra energie op. Vandaar dat deze molens zo subtiel kunnen zijn. De nokmolen voor een huishouden is maar 65 cm hoog. Voor woningen zijn 4 of 5 rotors voldoende voor alle elektriciteit van een huishouden. En kan je er meer kwijt? Dan heb je eigen stroom voor bijvoorbeeld een elektrische auto.” Voor bedrijven levert de combi zon/wind met 2×10 rotors evenveel energie als de EAZ molen. Blijft natuurlijk wel de oer-Hollandse vraag staan: wat kost het? “Dat hangt natuurlijk af per dak”, weet ze, “maar voor de agrarische sector is de aanschaf  te vergelijken met het plaatsen van een kleine windmolen. En dat is mooi. Als boeren windvoorzieningen op hun erf hebben, bij hun eigen bedrijf, dan levert dat een flinke subsidie en belastingkortingen op. Daaroverheen komt nog dat zij punten krijgen en dus meer geld ontvangen voor hun melk. Zuivelprocenten stimuleren ook dat ondernemers duurzamer worden. Kortom, de nokmolen is voor agrariërs een serieus alternatief.” De provincie is ambitieus met hun plan om door te pakken naar 20 procent duurzame energie in 2020. “Daar had ik nog niet aan gedacht, lacht Annemieke. “Misschien dat de provincie voor deze bijzondere innovatie een koploperplan voor huishoudens kan maken?” ” Het is tijd voor een pilot waarin de nokmolen uitvoerig wordt getest in Nederland. Gelet op het feit dat Niehove een beschermd dorpsgezicht is, wordt dit dorp als testcase misschien wat lastig. “Maar ik wil zeker kijken of de dak van onze schuur geschikt is. Zou  het samen kunnen met de zonnecel-dakpan? Misschien wel samen met enkele buren? Want ons schuurdak is groter dan we zelf nodig zouden hebben. Er zijn vast meer mensen in Middag-Humsterland die dit willen proberen, die liever een nokmolen op het dak hebben dan een draaiende molen in het land. Eén EAZ molen levert immers maar de elektriciteit op voor 10 huishoudens. Best veel impact voor zo weinig stroom”, vindt  Annemieke. “Het zou toch mooi zijn als dit straks een trend wordt in heel Nederland en wij hier trots kunnen zeggen dat het allemaal is begonnen in het Middag-Humsterland.” Grimbergen heeft het idee inmiddels voorgelegd aan de Gebiedscoöperatie Westerkwartier. “Zij stonden open voor het idee en noemden het een interessante ontwikkeling”, aldus Annemieke.  Het zou goed zijn als we met studenten en de hogescholen extra onderzoek kunnen doen naar de molen. Hoe doet de molen het in onze straten en op onze daken? Ook voor slimme ontwerpen van nieuwe stallen of nieuwe huizen, of wie weet voor combinaties met geluidswering langs wegen.“ Het is voor de Gebiedscoöperatie alleen afwachten of bedrijven  een project willen aanvragen, dan kan de Gebiedscoöperatie ermee aan de slag.” En particulieren, vult ze aan. “Want ook voor gewone woningen kan dit een enorme stap voorwaarts zijn in duurzaamheid. Woningen verbruiken in totaal toch echt drie keer zoveel elektriciteit als de boeren in de gemeente Zuidhorn.” Annemieke Grimbergen hoopt dat de nokmolen ervoor zorgt dat we het ‘windgedeelte’ van de noodzakelijke verduurzaming afgedekt hebben, wat neerkomt op een derde van de van onze stroomvoorziening. Dat de zichtbaar draaiende kleine molens overbodig zijn. “En anders plaats ik toch liever een 40-meter molen op een industrieterrein, die levert 60 keer zoveel elektriciteit als een kleine molen, voor 600 huishoudens. 360 kleine molens rondom Zuidhorn, 6 middelgrote molens, of de nokmolen, dat is de keus. Het andere gedeelte moet voortkomen uit het doorontwikkelen van zonne-energie –wat overigens de goede kant op gaat- en besparingen. Vooral dat laatste is een behoorlijke klus. Dat moeten we namelijk zelf bewerkstelligen door beter met de beschikbare energie om te gaan.”