Windmolens Middag-Humsterland  maandag opnieuw in de raad

Rapportage bevindingen door deelnemers monitorgroep

NIEHOVE – Bijna een jaar na het raadsbesluit van 26 juni 2017 omtrent windmolens in Middag-Humsterland staat het onderwerp maandag opnieuw op de agenda van de raad. Met ongeveer 20 geplaatste molens in het eerste  jaar in Middag-Humsterland, 10x zoveel als in de rest van Groningen, en waarbij alle aanvragen zijn goedgekeurd, liggen nu 2 vragen bij  de raad: wat is de toekomst van de monitorgroep, en is de uitwerking van het raadsbesluit van vorig jaar zoals beoogd? 

De raad wil zorgvuldig omgaan met het kwetsbare landschap Middag-Humsterland, en heeft daarom juni vorig jaar aanvullende eisen gesteld, door maximaal 2 windmolens per bedrijf toe te staan en plaatsingscriteria vast te leggen. Wat is het doel van die criteria? In de woorden van de RUG op de video Middag-Humsterland, welke te zien is op YouTube, wordt het zo verwoord:  “Windmolens gaan deel uitmaken van dit Nationaal Landschap. Maar niet midden in een dorpskern. Of daar waar het historische waarden aantast. Ook niet in open land, of vlak naast een dorp. Maar wel daar waar het landschappelijk inpasbaar is. Zoals bv. een of twee kleinere windmolens op een boerenerf naast een boerderij.”

De monitorgroep heeft afgelopen half jaar onderzocht hoe het raadsvoorstel is uitgewerkt. In april hebben twee leden van de monitorgroep op persoonlijke titel de bevindingen tot dan toe in een brief aan de raad gestuurd, over het tijdstip van rapporteren was namelijk geen overeenstemming binnen de monitorgroep. Deze brief is kort behandeld in de afgelopen raadvergadering, waarbij het college voorstelde de monitorgroep op te heffen, aangezien deze, met slechts drie leden, niet goed bemenst wordt. De brief en het collegevoorstel de monitorgroep op te heffen leidde tot reacties in de raad. Alex Steenbergen (ChristenUnie):  “Wij betreuren de gang van zaken, ik mis nogal wat informatie, het totaalbeeld ontbreekt. In de brief zijn relevante inhoudelijke vragen gesteld en suggesties gedaan. De beantwoording daarvan zit er nog niet bij.” Klaas-Wybo van der Hoek (GroenLinks) stelde: “ De raad wilde een beperkte ontwikkeling van windenergie en zonneweides toestaan in Middag-Humsterland. Bij zo’n compromis  hoort  dat je volgt wat er gebeurt. Zomaar geen monitorgroep hebben, dat gaat er bij ons niet in.” De beantwoording van de vragen uit de brief ligt er nu, en wordt komende maandag besproken. Over de voorgestelde opheffing van de monitorgroep zeggen de briefschrijvers: Ook als belangen tegengesteld zijn, kun je als groep wel monitoren. Wij hebben gezocht, en willen zoeken naar hoe het wel werkbaar kan worden.

En hoe is de uitwerking van het beleid in de praktijk? Het college zegt in haar beantwoording van de vragen:  “Ook al is het raadsbesluit nog niet verwerkt in bestemmingsplan en welstandsnota,  handelen wij wel  in de geest van het raadsbesluit. Dat wil zeggen dat Libau voor iedere turbine een plaatsingsadvies opstelt dat rekening houdt met de door de raad vastgestelde plaatsingscriteria.” Uit de vragen en antwoorden vallen twee dingen op. Een van de principes voor plaatsing op het bouwblok bij boerderijen is: “Voorkom verknoping met landschappelijke elementen zoals een dijk, karakteristieke sloot of wierde (houd een landschappelijke afstandsmaat). De leden van de monitorgroep vroegen in de brief van april:  “Wat had de raad bij besluit voor ogen bij de term ‘verknoping’? Het antwoord van het college luidt: De term ‘verknoping’ kan mogelijk op verschillende wijze geïnterpreteerd worden. Het college heeft van Libau een nadere toelichting ontvangen: Met het voorkomen van verknoping met landschappelijke elementen is bedoeld dat er geen turbines in of direct aan de voet van landschappelijke elementen zoals een dijk worden geplaatst. Wij kunnen deze interpretatie volgen.”  De leden van de monitorgroep vragen zich echter af of een landschappelijke afstandsmaat veronderstelt dat het ruimere landschapsbeeld van invloed is op het plaatsingsadvies. Het andere opvallende punt is de vraag of de principes in het presentatieboek van Libau in de dorpsomgeving ook gecombineerd worden toegepast? In de principes van de dorpsomgeving staat onder andere:  “voorkom plaatsing bij aanrijroutes, dorpsentrees, langs gave dorpsranden, waar de oude dorpsstructuur het landschap raakt of in belangrijke vista’s of uitzichten. “ Het antwoord van het college in de brief:  “Windturbines dienen ten allen tijd binnen een bouwblok gesitueerd te worden. Bij de plaatsing van windturbines binnen agrarische bouwblokken, die liggen in de directe nabijheid van dorpen, worden de principes van de dorpsomgeving niet toegepast.  Deze principes zijn namelijk gericht op plaatsing van windturbines en zonneterreinen aansluitend bij kernen.” Agrarisch bedrijven zijn voor het grootste deel tevreden over de uitwerking van het beleid tot nu toe, al bij de raadsbehandeling vorig jaar verklaarden meerdere ondernemers dat twee windmolens voor hen geen beperking zou zijn. Het is duidelijk dat een deel van de bewoners van Middag-Humsterland een ander resultaat had verwacht van het compromis van vorig jaar om de ontwikkeling van windenergie in Middag-Humsterland te beperken, door de eisen van het presentatieboek. Zij hadden niet verwacht dat plaatsing vlakbij een dijk, of direct naast een dorp toegestaan zou worden. In dit kleinschalige landschap is juist de openheid rond de dorpen, de wierden en dijken, en de openheid  tussen de dorpen en de boerderijen een van de kernwaarden die beschermd zouden worden. Het belooft een spannende raadsvergadering te worden maandag.