Sinterklaas en zijn Buitenposter hulp-Sint eensgezind over kinderfeest

0
437
Buitenpost Sinterlkaas-2

“Wie de cadeaus voor de kinderen in Buitenpost koopt? Ik natuurlijk!”

BUITENPOST – Een interview met niemand minder Sinterklaas, hoe bijzonder is dat? De Goedheiligman laat het dorp Buitenpost, nadat hij groots is ontvangen op zaterdag 17 november, niet links liggen. Gewoon aan de keukentafel, ergens in het Friese dorp, vertelt hij geflankeerd door een trouwe hulp uit het dorp, over het kinderfeest.

Ieder jaar komt de Sint met de trein aan in Buitenpost. “Dat is ook noodzakelijk”, vertelt de beste man, “want ik kom natuurlijk uit een plaats elders in het land. Ik kan na de intocht voor de televisie snel op de trein stappen, om zo toch nog op tijd in Buitenpost te zijn.” Op de vraag wat er het leukst aan de intocht is, kan de Sint geen uitschieter bedenken. “Eigenlijk is alles wel leuk. Het is echt fantastisch voor de kinderen.”

Omdat het natuurlijk wel eens krapjes is voor de oude man om overal tegelijk te zijn, heeft hij zo zijn hulpjes in het hele land. Ook in Buitenpost kan hij rekenen op een hulp-Sinterklaas die net als zijn grote ‘voorbeeld’ ontzettend geniet van dit kinderfeest. “Het enthousiasme van de kinderen is zo leuk om te zien”, vertelt deze trouwe hulp. “De kinderen hebben zoveel ontzag voor Sinterklaas.” Omdat de Sint natuurlijk niet wil dat de kinderen teleurgesteld zijn, moet zijn hulp-Sint er altijd perfect uit zien. “En daarom wordt ik uitgebreid geschminkt, want ik moet wel wat ouder lijken. Nadat er groeven zijn gemaakt en ik ben gepoederd, krijg ik nog eens de baard en de snor op. Ja, dat is het minste, die snor. Ik heb natuurlijk ook een perfect pak. Daar is niet op bezuinigd.”

Beide maken zich wel eens zorgen om de aankomst bij het station. “Tegenwoordig hebben we het perron geheel met linten afgezet”, vertellen ze samen. “Ja”, voegt Sinterklaas toe, “het zijn niet de kinderen die niet kunnen wachten om mij te zien, maar veel ouders duwen hun kinderen naar voren als ik aankom. Daarmee duwen ze andere kinderen omver en dat is veel te gevaarlijk.” Er is altijd wel iets bijzonders aan de hand als de Sint aan zijn rondtocht door het Friese dorp begint. “Dit jaar was mijn staf gestolen”, beaamt hij. “Gelukkig vonden de kinderen hem terug bovenin Nijenstein.”

Na de rondtocht mogen de kinderen uit groep één tot en met vier mee naar It Koartling. Daar wacht hen na een gezellige middag ook allemaal een cadeautje. En wie koopt die nou eigenlijk? “Ik”, klinkt het in koor. De Sint kan wel een beetje hulp gebruiken in deze drukke maand en daarom blijkt er dus een zolder in Buitenpost al weken vol te liggen met alle driehonderd cadeaus. Dé geheime zolder, zoals het genoemd wordt.

En hoe word je nou dan een hulp-Sint? “Op de pietenschool”, is het gevatte antwoord. Een klein tipje van de sluier wil deze hulp wel oplichten. Hij heeft ervaring met paarden en is gewend om een aanspreekpunt in het dorp te zijn. Als persoon die erg betrokken bij het dorp is, kent hij vele kinderen, maar vooral vindt hij het gewoon erg leuk om te doen. Nog nooit is hij trouwens herkend, ook niet door zijn eigen kinderen. “De volwassenen kijken me altijd allemaal wel aan van: wie zou het zijn?”, zegt hij lachend.

De Sint is een drukbezet man en moet nodig weer verder. Volgend jaar is hij graag weer van de partij. “Wees lief voor vriendjes en vriendinnetjes en papa’s en mama’s, dan kom ik volgend jaar zeker weer”, laat hij weten voor hij weer weg spoedt. Zachtjes gaan de paardevoetjes, trippel, trappel, trippel trap…