Het nieuwe wonen voor ouderen bij Zonnehuis de Marne

0
306
leens verzorgings ctr nw 1

Bewoners Asingahof bekijken hun nieuwe thuis

LEENS – Nog voor het einde van de maand zullen de bewoners van de Asingahof in Ulrum verhuizen naar hun nieuwe thuis: Zonnehuis de Marne in het centrum van Leens. Afgelopen donderdag vertrokken ze met familie naar het buurdorp om alvast even een kijkje te nemen. Naast 41 zorgappartementen die geheel geschikt zijn voor de verschillende zorgvragen, zijn er meerdere huiskamers waar ze kunnen verblijven. Een nieuwsgierige blik en een voorzichtige glimlach kenmerkten de middag; een enkeling mopperde nog wat. Thuis is het nog niet; mooi al wel.

Zonnehuis de Marne is verdeeld in meerdere afdelingen, elk gericht op een andere zorgvraag. Elk heeft zijn eigen kleurenschema variërend van knalrose gecombineerd met pimpelpaars tot het blauw wat zo aan Zoutkamp doet denken. Er zijn twee afdelingen voor mensen met dementie, een afdeling voor intensieve lichamelijke zorg, één voor tijdelijk verblijf/zorg en ook nog eens dertien zorgwoningen. Alles is geheel ingericht op zorg in de toekomst. “In de tijd dat het Asingahof gebouwd werd moest je juist fit en vitaal zijn om in het huis terecht te kunnen, terwijl je tegenwoordig juist ziek moet zijn”, vertelt Jenny Luppens, medewerker bij Zonnehuisgroep Noord. Het verzorgingstehuis voor de toekomst, noemt ze het Zonnehuis De Marne ook wel.

Het nieuwe wonen voor ouderen; het is een consequentie van het overheidsbeleid. Het kabinet Rutte wil de kosten voor de Awbz met de helft verminderen en komt daarom met verschillende maatregelen. Mensen met een zogenaamd zorgzwaartepakket 1 of 2 komen sinds dit jaar al niet meer in aanmerking voor een plekje in een verzorgingshuis. Het is de bedoeling dat uiteindelijk ook de mensen met een zorgwaartepakket 3 en 4 zolang mogelijk thuis blijven wonen. En dit vergt niet alleen een aanpassing van de oudere mensen en hun omgeving, maar ook een aanpassing van het verzorgingstehuis en haar personeel.

Henrike Kuiper, hoofd zorg en welzijn, ziet het wel zitten. “Het Asingahof is nu al een huis met veel zware zorg, dus dat past redelijk in het plaatje.” Anders werken, wordt het wel. “Ja, het wordt wennen. Maar dat wordt het sowieso, hier”, zegt ze met een brede lach, om serieus te vervolgen: “er moet een omslag gemaakt worden. Als je kijkt naar sommige mensen die in het Asingahof wonen, dan zou je misschien nú zeggen, dat zo iemand prima thuis kan wonen met zorg daar.”

Inmiddels lopen overal toekomstige bewoners rond. Niet iedereen is blij. “Zie dat uitzicht”, verzucht één van de bewoners. “Nee, niet mooi, dat bedoel ik niet.” Ze kijkt uit op de gezamenlijke daktuin in het midden en zal haar uitzicht in Ulrum missen. De appartementen aan de buitenzijde echter, komen juist middenin de levendigheid terecht. Zij kijken uit de winkels en zelfs op het openluchtzwembad. Mevrouw Schuitema-Bolt is dan ook een tevreden mens. “Als ze allemaal zo makkelijk zouden zijn als mij”, lacht ze. “Ik kan hier precies zien wat voor boodschappen je doet”, spreekt ze haar schoondochter toe. Tegen de verhuizing ziet ze niet echt op en dat ze eventueel niet al haar spullen mee kan nemen, daarover haalt ze haar schouders op. “Ik kan er niet wakker van liggen”, waarin haar veertig jaar in Zoutkamp doorklinken.

In een paar kamers verder ontdekt mevrouw Oortwijn uit Zoutkamp wat ingericht op het nieuwe wonen voor ouderen betekent. Ze wijst naar het lichttouwtje op het midden van de muur en verwondert zich over de onlogische plek hiervan. Haar tante zal in deze kamer gaan wonen en het zal nog een strijd worden om alles wat ze wil, mee te krijgen. “Helemaal als het bed dan ook nog eens middenin de kamer moet staan.” “Het is niet meer de zit/slaapkamer voor de fun”, vertelt Jenny later. “Het is een functionele kamer geworden, al ingericht op de toekomst. Er is juist meer ruimte nodig om te manoeuvreren in de kamer. Bovendien moet het personeel goed bij het bed kunnen komen.”

“Iedereen kijkt toch op een positieve manier naar de verhuizing uit”, vindt Henrike. “Een groot aantal bewoners is wel heel zenuwachtig voor de verhuizing.” Het wordt dan ook nogal een happening waar meerdere dagen voor uitgetrokken zijn. “Ik hoorde net iemand zeggen: ‘ik wil hier later ook wonen’”, gaat Henrike verder. “Een groter compliment kun je toch niet krijgen?”