MiniKul – week 23 ‘14

0
146

Taal verandert. Beroepen-aanduidingen ook. Ze wordt vaak verengelst ‘opgepoetst’. Om interessanter en gewichtiger te lijken. Dat gebeurde altijd al, zoals het woordje ‘meid’ voor huishoudhulp. Dat werd in de loop der jaren ge-upgradet (ook een vreselijk woord!) tot werkster, vervolgens hulp in de huishouding en tijdens de emancipatiegolf van begin zeventiger jaren noemden we het heel chique interieurverzorgster. Die fases zijn we allang voorbij. Nú zijn het de Engelse titels, die in zwang raken. Een vorm van in wezen je reinste volksverlakkerij. Maar voor wie daar gevoelig voor is, wél statusverhogend. Zowel voor de werknemer, die met de titel ‘Field service engineer’ kan pronken, terwijl ie gewoon – maar wat is gewoon? – onderhoudsmonteur is. Als ook voor diens baas, voor wie zo’n titel niks kost, maar hij zijn werknemer daarmee tevreden houdt en vaak ook nog denkt dat het zijn bedrijf meer internationale allure geeft. Terwijl het werk en het loon (voor de monteur) hetzelfde blijven. Maar ik geef grif toe: Op het visitekaartje staat zulks mooi.
Op vacaturesites wemelt het tegenwoordig steeds meer van Engelstalige functietitels. Zo worden werkvoorbereiders wel ‘Inside Order Managers’ genoemd en ict-techneuten ‘Solution Architects’. De Volkskrant merkte in een aan deze – tijdelijke? – rage gewijd krantenartikel op, dat je niet raar moet opkijken als doodgravers zich binnenkort ‘Chief Oligochaetological Officer’ gaan noemen. (Oligochatology is de studie der aardwormen.) Een geintje, maar toch….
Want even doorfilosoferend, wat is er te zeggen voor ‘Media publication administrator’ als toekomstige titel voor een krantenbezorger? Ook een mooie: ‘Director of first impressions’ voor de receptionist of ‘Human resources manager’ voor een hoofd personeelszaken. Maar ‘Floor manager’ in plaats van toiletschoonmaker? Je ziet vooral dat woord ‘manager’ steeds vaker en voor de meest onbenullige baantjes opduiken. Mensen mogen zich ‘manager’ noemen zonder dat ze een leidinggevende functie hebben, is de trend.
Zou ik nu nog met schrijven mijn brood moeten verdienen, dan zou wellicht de titel ‘Retired Senior Special Reporter’ mijn visitekaartje sieren, terwijl de aanduiding ‘Ouwelullenstukkiesschrijver met lichtelijke neiging tot overdrijven’ een stuk dichter bij de waarheid ligt.
Henk Hendriks