Puur Natuur week 5 – 2015

0
362

Koolmees
Het wil maar geen winter worden. Het lijkt wel of het klimaat langzaam opschuift naar warmere winters. En natuurlijk, koude en besneeuwde winters met veel gladheid en ongemak is ook niet alles. Toch verlang je er wel eens naar. En dan kun je de dieren en ook mensen helpen. Omdat ik namens IVN deze column schrijf, ga ik het natuurlijk over dieren hebben. Alhoewel…. Mensen gedragen zich soms ook als dieren. Dat hebben we de afgelopen tijd wel weer heel duidelijk gemerkt. Het is wel verleidelijk om daar verder op in te gaan, maar ik ga toch echt terug naar het dier. Wanneer ik het over een echte winter heb, komt het woord vogelvoedering automatisch bij mij boven. Oud brood naar buiten, pindaslingers maken en buiten hangen, vetbollen en andere lekkernijen voor vogels fabriceren en ook buiten ophangen. En dan afwachten wat er zoal op afkomt. Ik denk dat je de meeste kans hebt op een koolmees of een pimpelmees. Laten we eens beter naar de koolmees kijken.
Koolmezen zijn niet zulke grote vogels. Een volwassen koolmees wordt zo’n 15 cm groot en weegt slechts rond de 20 gram. Met zijn zwarte kop en gele borst met daarover een zwarte streep spreekt hij tot de verbeelding. Die zwarte streep (stropdas) is belangrijk. Het schijnt zo te zijn dat hoe groter de stropdas hoe belangrijker het mannetje. Ze maken daarmee indruk op het vrouwtje. Die indruk bestaat ook uit dansen, zingen en voeren. Indruk maken geldt niet alleen voor vogels cq. dieren. Hè, nu denk ik toch weer aan mensen. Daarover een andere keer. Koolmezen leven het liefst in bosrijke gebieden. Een tuin met veel bomen en struiken of een houtwal en een houtsingel zijn ook favoriet. Geschat wordt dat er wel zo’n 600.000 koolmezen koppels in Nederland zijn. Ze kunnen zo rond de tien jaar oud worden. Als voedsel zijn ze gek op rupsen, maar in de winter vinden ze pinda’s en zaadbollen ook lekker. Ze passen zich gemakkelijk aan. Tijdens de broedtijd eten ze het liefst rupsen en insecten. Wanneer het vrouwtje eieren gaat leggen, kunnen er 7 tot 15 eieren in het nest komen. Ze begint pas te broeden als het legsel voltooid is. Na het uitkomen van de eieren duurt het nog 16 tot 23 dagen voordat de jongen het nest verlaten. Ze moeten leren vliegen en voedsel zoeken. Dat kost natuurlijk veel energie van de oudjes. Daardoor zijn ze aan het eind van de broedperiode ook zwak en moeten dan behoorlijk bijtanken. De koolmees komt in heel Europa voor. Wist u dat er wel vijftien ondersoorten zijn? Let vooral de komende maanden op de koolmees. Voeren mag en dat levert vaak leuke tafereeltjes op.
Herman Woltjer, IVN Grootegast e.o.