De gunstige positie van de gemeente Zuidhorn

0
250
Zuidhorn Wethouders stol en nederveen

Dichtbij de Stad, maar met ruimte en natuur

ZUIDHORN – Met de stad Groningen als grote trekker van de regio maken gemeenten als Zuidhorn in dit kielzog een mooie ontwikkeling door. Maar is die ontwikkeling wel zo vanzelfsprekend? Een grensgemeente als Haren kent bijvoorbeeld een oudere bevolkingspopulatie en krimpt, terwijl Zuidhorn met haar nieuwbouw juist groeit. Hoe kan dat? Waarom is Zuidhorn zo in trek? De Streekkrant ging op zoek naar het antwoord en stuitte op de wethouders Bert Nederveen (Christen Unie) en Fred Stol (CDA).

 

De ligging dichtbij Stad maakt Zuidhorn aantrekkelijk voor forenzen, inwoners die werken in Groningen en genieten van de rust en ruimte van de gemeente Zuidhorn. Dat is echter niet het enige, want ook Haren zou een dergelijk voordeel kunnen hebben. De wethouders Nederveen en Stol proberen een antwoord te geven op de vraag waarom Zuidhorn het eigenlijk zo goed doet. Volgens Stol is het een optelsom van een aantal punten. “Allereerst is het een fijn woongebied. Inwoners van alle leeftijden zijn nauw betrokken bij de samenleving en het opleidingsniveau van de inwoners is over het algemeen hoog.” Nederveen: “Daarnaast spelen de verbindingen ook een belangrijke rol. Met de trein ben je zo in Groningen en met de bus is Zernike heel goed te bereiken. Wanneer je een avond uit wilt ben je in twintig minuten op de Grote Markt. Een deel van de inwoners heeft bewust de keuze gemaakt door met het gezin niet op drie hoog achter te gaan wonen, maar voor de rust, ruimte en het groen van Zuidhorn te kiezen. Ze wonen wél dichtbij de stad én hebben hun gewenste rust.”
De ligging en de infrastructuur spelen volgens de bestuurders een belangrijke rol in de goede positie van Zuidhorn. Cijfers van het Sociaal Cultureel Planbureau bevestigen de positieve ontwikkelingen ook. Want daar waar de Westerkwartier-gemeenten Marum, Grootegast en Leek te maken hebben met krimp, is er in de gemeente Zuidhorn sprake van een lichte bevolkingsgroei.
Ook herbergt de gemeente veel kinderen. “Jongeren die gaan studeren vertrekken naar de stad Groningen of verder. We zien ook dat een deel weer terug komt om zich hier te vestigen. Met andere woorden, eenmaal Zuidhorn, altijd Zuidhorn. Want met de overige dorpen kent de gemeente een aantal levendige dorpskernen waarin inwoners het goed toeven vinden,” zo beredeneren Nederveen en Stol.
Rust
En bij zoveel positiviteit willen de heren bestuurders zichzelf niet al teveel op de borst kloppen. Immers, het is vooral de bevolking die veel zelf doet. Toch denken ze dat op de achtergrond de bestuurlijke rust wel heeft bijgedragen aan de ontwikkeling die de gemeente op dit moment doormaakt. “De bestuurscultuur is hier gericht op stabiliteit”, weet Stol. “Saai? Ik kan me voorstellen dat er zo tegenaan gekeken wordt, maar het werkt prettig. Als er rust is, betekent het volgens inwoners dat we het goed voor elkaar hebben. Van 1998 tot 2014 zaten er zestien jaar lang dezelfde partijen in het college. Bij de laatste gemeenteraadsverkiezing is GroenLinks in het college gekomen en de samenwerking gaat goed. De verhoudingen in de raad zijn ook goed. We kunnen inhoudelijk sterke discussies met elkaar aangaan, zonder op de man te spelen. Dat zie je bij andere gemeenten anders. Ook de oppositie is kritisch, maar constructief. Dat geeft stabiliteit.” Nederveen: “Vanaf 1990 heeft er nooit een bestuurder gedwongen hoeven aftreden. Wel zijn twee wethouders (Koos Wiersma en Joop Alssema) doorgeschoven naar het ambt van burgemeester. Maar geen gedwongen vertrekken. Dat zegt ook iets.”
Deze ontwikkelingen zijn terug te zien in de realisatie van een aantal projecten. Het Komplan bijvoorbeeld of het bouwen van de Brede School. Ook de ontwikkeling van nieuwbouwwijk Oostergast geeft de groei van Zuidhorn in de praktijk weer. Want vanaf 2010 heeft Zuidhorn fors moeten bezuinigen, ruim tien procent van de totale begroting moest worden ingeleverd. Desondanks heeft Zuidhorn deze projecten kunnen realiseren. Ook voor de toekomst zijn er voldoende plannen. “De transferia bij Grijpskerk en Zuidhorn. Ook hopen we dat de ontwikkelingen bij de Oostergast zo fijn doorgaan als ze nu gaan. En wat te doen op de locaties van de scholen en de sporthal bijvoorbeeld, wanneer de Brede School volledig in gebruik is genomen? Hiervoor gaan we vraaggestuurd ontwikkelen. Dit kan leiden tot bijzondere woonvormen, bijvoorbeeld een Scandinavisch Dorp in Aduard. Kom maar langs, kom maar praten, wij staan er open voor. We willen als gemeente een open houding hebben voor dergelijke initiatieven.”
Omzien naar elkaar
Misschien is juist dat wel de kracht van Zuidhorn. De faciliterende rol, de rol als verbinder. Nederveen kan erover meepraten als zijn portefeuille op het sociaal domein ter sprake komt. De ChristenUnie-wethouder constateert, dat ‘Noaberschap’ eigenlijk altijd al in de dorpen aanwezig is geweest. “Op het gebied van het sociaal domein nemen Zuidhorn en de gemeente Leek het voortouw in het Westerkwartier”, stelt hij. “Dat is ook een gevolg van het feit dat deze gemeenten meer ambtelijke capaciteit hebben. Het omzien naar elkaar is een cultuur die heel erg in de dorpen van onze gemeente heerst. Het zit er gewoon in.” Een belangrijke eigenschap waardoor de sociale transitie in de gemeente goed verloopt.
Het gaat Zuidhorn dus voor de wind. Nederveen en Stol houden de beide benen echter op de grond. Ze beseffen dat roem vergankelijk is en dat bestuurders geen ijzer met handen kunnen breken. Met andere woorden, met de wind in de rug is het goed zeilen. Vanaf nu is het toewerken naar 2018, wanneer de herindeling op komst is. Vanaf dat moment is het de vraag hoe de nieuwe gemeente Westerkwartier eruit komt te zien. Feit blijft dat Zuidhorn en haar dorpskernen een voortrekkersrol blijven houden. Al is het alleen al om de gunstige ligging. Iets waar je niets aan doet, maar wel door goed beleid van kunt profiteren. En daar probeert Zuidhorn aan alle kanten gebruik van te maken. Je kunt het de bestuurders niet kwalijk nemen.