Minikul week 33 “15

0
184

Is er leven op Pluto? Kun je dansen op de maan?

Is er een plaats tussen de sterren waar ik heen kan gaan?

Dit deuntje dreint al een tijdje door mijn hoofd. ‘t Is een hit van de in de negentiger jaren van de vorige eeuw hevig populaire popgroep Het Goede Doel. Waar kun je in deze ‘harde’ wereld nog onbezorgd heen gaan?, was het ietwat wanhopige motief. ‘België’ was uiteindelijk de suggestie,‘want dat taaltje is zo zacht’. Dat in mijn hoofd doordreinen komt door de macht van de media. Het zwakt allemaal weer wat af maar een paar weken geleden was de wetenschappelijke mededeling dat ‘het niet uitgesloten is dat er leven op Pluto is’, een komkommerkraker van jewelste. Dagenlang waren er berichten, dat een ruimtesonde er in was geslaagd om op een afstand van 12.500 kilometer langs deze planeet te vliegen en daarvan foto’s had gemaakt. Met als voorlopig resultaat de conclusie dat er op Pluto geen intelligent leven is. Want het is er te koud. Maar er is wel ijs. En er zijn ook allerlei chemische processen die voor leven nodig zijn. Dus wie weet….

Wát een ontdekking. En wat zijn de Amerikanen blij dat ze deze astronautenrace toch maar mooi van de Russen hebben gewonnen. High fives en tranen van geluk. Inmiddels is er al weer een ‘nieuwe’ planeet ontdekt, want the show must go on! Maar laten we elkaar geen mietje noemen, de miljarden verslindende ontdekkingsreizen in de ruimte zijn op de keper beschouwd voortzettingen van de koude oorlog tussen beide grootmachten. Ze worden, zeker in Amerika, aan de belastingbetalende burger ‘verkocht’ als een vorm van patriottische plicht. Op zich heel uitgekiend, want reizen om het ‘onbekende’ te ontdekken hebben voor velen ook iets spannends en romantisch. Jules Verne schreef er eeuwen geleden al over. Vlak na de Tweede Wereldoorlog had je voor de radio het hoorspel ‘Monus, de man van de maan’ waarnaar ademloos werd geluisterd. En volg nu maar eens de futuristische spelletjes die je op internet kunt spelen.

Ontdekken is van alle tijden. ‘Bergen gaan we beklimmen, tot aan de verste top. Opwaarts naar de kimmen, hoger en hoger op.’ Kent u dat allang door de hedendaagse popmuziek verdrongen schoolliedje nog? De popsong van Doe Maar is daar een bij de tijdser vervolg op. En zo bekeken is België geen oninteressante optie. Want dat taaltje is zo zacht. En België is dicht bij huis. Lekker vertrouwd dus. Daar kun je je geen buil aan vallen.

Henk Hendriks