“De Struuntocht brengt reuring in het Westerkwartier”

0
550

“We hebben hier in het Westerkwartier eigenlijk alles, alle gebieden,” vertelt Herman Woltjer, voorzitter van het IVN Westerkwartier vanuit zijn woonkamer in Grootegast. “Aan de grens met Friesland heb je het coulisselandschap, rond Marum heb je de veengebieden en in het noorden heb je dan de klei. En daar tussen alles door heb je de grensrivier de Lauwers die door het gebied meandert. Het is een heel mooi gebied, of eigenlijk zijn het allemaal kleine gebiedjes bij elkaar in het Westerkwartier. Je hebt de gebieden bij Leek en Nienoord, dan de Doezemermieden, het blotevoetenpad, het miedenveengebied, en dan heb je bij Grijpskerk ook nog eens het NAM-park, maar dat is een stuk jonger. Het natuurpark de Noorderriet daar is ook echt een uniek gebied, met allemaal orchideeën en planten die hier van nature niet voor komen.”

De 71-jarige Woltjer groeide op in Ten Boer, en verhuisde in 1978 naar Grootegast. Naast een loopbaan in en boven het onderwijs ging hij op zijn 62e met pensioen. Tegenwoordig is hij al twintig jaar voorzitter van het IVN in het Westerkwartier. “Ik ben sowieso wel iemand van de lange adem,” vertelt hij. “Bij het IVN zijn we voornamelijk bezig met educatie, voor zowel kinderen als volwassenen. Ons hoofddoel is mensen de natuur te laten beleven. Ik heb zelf altijd wel van de natuur gehouden, en sowieso ben ik altijd iemand geweest die dingen wil regelen, organiseren is mijn ding.”

Om alle namen van alle planten en dieren te weten, is niet het belangrijkste vindt Woltjer. “Ik had vanochtend nog een plantenwandeling, en hoewel het wel leuk is om te weten hoe een plant heet, is het niet essentieel om van de natuur te kunnen genieten. Bovendien heb je nu met alle technologie ook alle hulp die je maar kunt wensen. Zo is er een applicatie, en als je die op een plant richt, vertelt hij je precies naar wat voor plant je aan het kijken bent. Vanuit het NDCE (Natuur-, Duurzaamheids- en CultuurEducatie) doen we ook wel veel met schoolklassen Dat is heel leuk om met kinderen bezig te zijn. En als ze niet weten hoe een beestje heet, zeg ik altijd: ‘verzin zelf maar een naam dan!’ Dan heet een lieveheersbeestje ineens een roodschildbeest, of een negenstipper. Dat geeft helemaal niets, het gaat uiteindelijk om de beleving, en dat de kinderen de wat meekrijgen van de natuur.”

Struuntocht

Zelf heeft Woltjer nog nooit aan de Struuntocht mee gedaan, en daar zal ook dit jaar geen verandering in komen. “Ik kan helaas geen lange afstanden meer wandelen. Kortere routes zijn geen probleem, maar de struuntocht is toch te ver voor me. Het is wel een ontzettend fenomeen in de streek, en ik vind het prachtig te zien hoe mensen uit Lutjegast zo veel kunnen organiseren, het zet het Westerkwartier echt op de kaart. Dat gevoel van gemeenschap en samenhorigheid is daar heel sterk, meer dan in de wat grotere dorpen, denk ik.”

Woltjer kent het gebied goed en vind de route zelf ook mooi. “Het is echt een route om te strunen. Eigenlijk is het ook een beetje een verrassingstocht, want als je aan het lopen bent, weet je nooit waar je komt en zie je altijd nieuwe plekken. Ik vind wel dat er zo veel mogelijk mensen aan mee moeten doen, dat is voor het gebied en de tocht belangrijk. “

Ondanks dat Woltjer zelf niet actief mee zal lopen, ziet hij dus wel het belang van de wandeltocht voor de regio. “Overal in het gebied is er op die dag wat te doen, er is wat reuring, en de regio bruist dan. Iedereen hier weet wat de Struuntocht is, en hoewel niet iedereen er direct wat mee te maken heeft, is het ook voor de regio goed. Van buitenaf komen er ook allemaal mensen op af, en dat is voor het Westerkwartier ook mooi, dat kunnen we wel gebruiken. Het Westerkwartier is op zich ook best groot, en dat is nu juist mooie. Daardoor is het landschap zo gevarieerd. Als je ergens loopt, van de ene plek op de andere, en zo kom je weer door het weiland op een pad, kom je zo op een postzegel met een stukje bos. Dat is boeiend, en het is ook belangrijk dat dat bewaard blijft. Iedereen heeft daar zijn eigen verantwoordelijkheid in.”

Wees trots

“Het is hier zo mooi, soms denk ik wel eens, laat dat nou maar eens wat meer zien. We zijn hier soms een beetje timide. Het hoeft hier ook helemaal niet smoordruk te worden, maar wat we hier hebben aan natuur en ondernemerschap, dat moet je laten zien! Het vervelende is, dat mensen over het algemeen uit de rest van Nederland hier niet naartoe willen komen: dat vinden ze te ver weg. Dat heeft denk ik ook wat te maken met dat Groningen een wat andere klank heeft dan Drenthe of Friesland. Daarbij denk je toch aan bossen en natuurlijk de Friese meren en de eilanden. Maar men moet weten dat Groningen niet alleen de koude klei van oost-Groningen is, het is hier heel prettig. De stad zelf is prachtig, en ook het Westerkwartier is meer dan de moeite waard. Het toerisme trekt wel wat aan de laatste tijd en dat is goed. Nu zijn het wel voornamelijk de wat oudere mensen die hier heen komen, je ziet de jongere generatie niet heel vaak naartoe komen. Tegelijk: wij gaan zelf wél naar het westen toe, en omgekeerd is het natuurlijk even ver. “ “Er heerst hier in het Westerkwartier wel echt een ‘doe maar normaal’-mentaliteit. En dat werkt goed, er wordt hier direct gecommuniceerd, we zeggen graag waar het op staat. Tegenstand is wat dat betreft beter dan het overal mee eens zijn. Kijk, we zullen hier niet in opstand komen, en we houden het hier vriendelijk en fatsoenlijk, maar de mensen hier zeggen wel wat er aan de hand is.”