Hielke Westra over cultuurplannen Westerkwartier

0
96

“Kunst mag van mij best confronterend zijn”

WESTERKWARTIER – “Oh, we hebben hier heel veel cultuur, in het gebied hebben we echte parels er tussen zitten.” Wethouder Hielke Westra zit achter het bureau in Leek en vertelt geanimeerd over de cultuurplannen van de gemeente Westerkwartier. “De cultuur in het Westerkwartier is en was altijd al een redelijk samenhangend geheel en zelf organiserend. Vooral het zuiden van het huidige Westerkwartier is van oorsprong een redelijk arm gebied, en dat zag je terug in hoe de cultuur in het gebied zich organiseerde: die hield zich zelfstandig staande. Muziekverenigingen en toneelgezelschappen en dergelijke bijvoorbeeld deden het als vanouds altijd al zelf, met de hulp van veel vrijwilligers. Die zelfde mentaliteit zie je terug in de identiteit van het gebied. We hebben in de gemeente zeventien musea, waarvan de een wat groter is dan de ander. Dat loopt van middelgrote musea als het Rijtuigmuseum in Leek en het Wierdenlandmuseum in Ezinge tot aan kleinschaligere musea en musea die zich volledig zelf redden. Het is een uitdaging om daar samenhang in te krijgen en ze zichtbaar te maken voor recreatie en toerisme. Daar moet je wel een balans in vinden: we willen graag dat onze musea in die kleinschaligheid floreren. In die zin hoeven we hier dan ook geen Efteling. De kracht van het gebied zit juist in de kleinschaligheid. De parels die we hebben, moeten we zichtbaar maken en ondersteuning bieden. Vrijwilligers helpen daarbij enorm bij het in stand houden van de musea, en dat is fantastisch,” vertelt hij enthousiast. “Tegelijkertijd, als een museum een website nodig heeft, dan moet die er komen. Dan kun je veel geld neertellen om dat door een duur bureau te laten doen, maar er zijn ook andere opties. Bijvoorbeeld met de gebiedscoöperatie Westerkwartier, waar ook veel scholen bij betrokken zijn. Dat is een project dat prima door studenten opgezet kan worden.”

Westra vindt dat het cultureel beleid van de provincie Groningen en het Westerkwartier prima samen kunnen gaan. “Grote musea als het Groninger Museum en het Scheepvaartmuseum kunnen meer bijdragen aan die samenwerking. Wat zij aantrekken aan publiek, daar zou ook een deel van naar de wat kleinere musea in het Westerkwartier kunnen gaan.” Maar ook kennis en kunde kan daarin meer gedeeld worden. Een voorbeeld dat hij geeft, is een samenwerking van een aantal jaren geleden toen het schilderij van Abel Tasman naar het Groninger Museum gehaald werd. Voor Australië heeft dat schilderij de status als dat de Nachtwacht hier in Nederland heeft. “De komst van dat schilderij is georganiseerd in samenwerking met de gemeente, het Abel Tasman museum en het Groninger museum. Ons beleid moet dit soort initiatieven stimuleren, middelgrote instellingen zoals de grotere musea in het Westerkwartier, maar ook een kunst- en cultuurinstelling, kunnen die brug vormen naar de plaatselijke verenigingen en initiatieven. Je kunt het vergelijken met de winkels in de grote steden. In een grote stad heb je alle winkels, in de dorpen erom heen zijn dat er wat minder. In de kleinere dorpen zijn nog minder winkels, maar dat betekent niet dat die winkels minder belangrijk zijn dan in de stad.”

Op zich is Westra tevreden over wat er op dit moment qua cultuur en kunst gebeurt in het Westerkwartier. “Er speelt hier zo ontzettend veel. Een leuk voorbeeld is de Bicycle showband Crescendo uit Opende. De vereniging zelf bestaat inmiddels al bijna honderd jaar, en hoewel iedereen in het gebied ze waarschijnlijk wel eens heeft zien optreden, weten maar weinig mensen dat ze ook erg populair zijn buiten Nederland. Zo traden ze al op in Turkije, Maleisië, Hong Kong, en zijn ze nu net weer terug uit Hongarije. Dat is slechts één voorbeeld, maar zo zijn er wel meer verenigingen die ogenschijnlijk slechts plaatselijk zijn, maar in werkelijkheid gewoon een exportproduct zijn. We hebben hier wel meer parels, en het is aan ons om die nog zichtbaarder te maken.

Verbinding

In het gebied zijn de fanfares van oorsprong erg populair. “Daar zijn verenigingen en korpsen voor en dat is goed. Een flink aantal korpsen weet die kwaliteit te behouden en nieuwe aanwas aan te trekken. Het is vervolgens wel de kunst om het ook aantrekkelijk te houden. Kunst en cultuur moet je onderhouden, en je moet niet bang zijn om daar nieuwe elementen aan toe te voegen, als nieuwe muziekelementen of theaterproducties. Als dat de cultuur ondersteunt, dan moet je vernieuwing absoluut niet uit de weg gaan. Een goed voorbeeld daarvan is de openluchtvoorstelling ‘Noar Huus,’ die volgende maand in première zal gaan. De theatervoorstelling is een samenwerking van muzikanten, acteurs, en zangers uit de regio die samen een verhaal van, uit, en in de regio vertellen. Door de verbinding tussen verschillende disciplines stijg je naar grote hoogtes. Daarnaast willen we de première van Noar Huus gaan benutten als startmoment voor de invulling van het kunst en cultuurbeleid samen met de partners uit het cultureel manifest.”

Belangrijk voor de plannen vanuit de gemeente is dat er samen met het veld invulling gegeven zal worden aan het behoud van de identiteit van het Westerkwartier, bijvoorbeeld door ondersteuning van kleinschalige projecten die het gebruik van de streektaal bevorderen. Westra vertelt: “Een goed voorbeeld van zo’n initiatief is Mien Westerkwartier. Zij promoten het gebruik van de streektaal door het vertellen van verhalen en het maken van liedjes in het Westerkwartierse dialect. Dat is geweldig. Zo’n organisatie is van enorm belang om de identiteit en de historie van het de streek te behouden. Qua beleid willen we ook dat er niet bezuinigd wordt op het cultureel- en kunstzinnig onderwijs voor kinderen. Daarnaast willen we dat de cultuursector inclusiever wordt, dat het meer een onderdeel en een reflectie wordt van de discussies in de samenleving. Daarbij kun je denken aan thema’s als eenzaamheid, jeugdproblematiek, vergrijzing, maar ook de energietransitie. Cultuur kan daar een belangrijke rol in spelen, bijvoorbeeld op het gebied van het bij elkaar brengen van mensen. Maar kunst mag van mij absoluut ook confronterend zijn, dat brengt vaak een gesprek op gang. Waar kunst en cultuur momenteel voornamelijk vermaak is, zou het mooi zijn als dat langzaam wat opschuift naar vermaak met betekenis. Cultuur is uiteindelijk een belangrijk deel van de opvoeding en ontwikkeling.”

Kracht en gevaar

“In het Westerkwartier zijn drie organisaties die het gesubsidieerd muzikaal onderwijs verzorgen, waarbij iedere organisatie zijn eigen kwaliteiten heeft. Dat willen we samenbrengen naar een gezamenlijk aanbod, waarbij we de kwaliteiten van iedere organisatie willen meenemen om het hele gebied van te laten profiteren. Aan de gemeente is het straks om de muziekorganisaties een goede infrastructuur te geven om de inwoners goed te bedienen.” Westra vindt de portefeuille cultuur ontzettend leuk om te doen: “Ik kom zelf uit de energietransitie en heb veel portefeuilles in het fysieke domein, dit is een mooie tegenhanger uit het sociaal domein. Maar nog mooier is het te zien hoeveel bijzondere dingen er plaatsvinden. Tegelijkertijd kan het politiek gezien wel eens een lastige portefeuille zijn, want als er bezuinigd moet worden, is dit vaak het eerste onderwerp dat op de schop gaat. Gelukkig is daar momenteel geen sprake van. Ik ben diep onder de indruk van de kennis en kunde van de inwoners die betrokken zijn bij alle verenigingen in de gemeente. Daar ligt heel veel kracht. Tegelijkertijd ligt het gevaar in de vergrijzing: als er geen jonge mensen zijn die het stokje overnemen, kan die kennis en kunde, maar ook de historie van een vereniging verdwijnen en in de vergetelheid raken. Hoewel je daar uiteindelijk niets aan doet, maak ik me daar af en toe ook wel zorgen om. Het belangrijkste voor mij is dat mensen verwonderd en geïnspireerd blijven. Muziekvereniging De Eendracht in Ezinge bijvoorbeeld, is de oudste muziekvereniging van Nederland. Dat is geweldig. Tegelijkertijd, als er vanuit de samenleving geen interesse meer is, dan kan het zijn dat ook zo’n vereniging verdwijnt. Hoewel dat jammer zou zijn, is het niet aan ons om er actief voor te zorgen dat dat niet gebeurt. Want dat is wat we als gemeente doen: faciliteren. We ondersteunen uiteindelijk wat er vanuit de samenleving naar ons toe komt. Als dat nieuwe muziekinvloeden als rap of nieuwe kunstvormen als graffiti zijn, dan is dat natuurlijk prima. Mensen bepalen uiteindelijk zelf wat ze willen horen, zien en doen.”