Column Maria

0
76

STREEK – Maria Wijnands-Hovingh runt samen met haar man de uitgeverij achter onder andere de Streekkrant. Wekelijks schrijft zij een column in deze titel op de pagina ‘ Uit ’t hart’. Meestal over haar drie dochters (eentje van zes en een tweeling van vier jaar, maar ook wel over het werk of de actualiteit. Nu corona het land in zijn greep houdt, schrijft ze bijna dagelijks hoe zij werk en dochters combineert en hoe de angst voor corona de zorgen om haar bedrijf zich afwisselen. Van een zelfverkozen isolement tot de dilemma’s die we nu allemaal tegenkomen.

Blog 39 – dinsdag 5 mei

Toen onze tweeling nog kleiner was, werden ze altijd wakker met honger. Eerst moest er direct een fles in of ze zetten het op een huilen. Toen ze ouder werden, hoefden we ook echt niet lang te wachten met een broodje want vooral Georgia werd stikchagrijnig zonder eten. Inmiddels is die fase wel over. Als we vrij zijn, kruipen ze lekker bij ons in bed ’s ochtends om nog even rustig door te doezelen. We kunnen tegenwoordig rustig wakker worden en eenmaal in de benen, kunnen we gerust eerst een kopje koffie of thee pakken en rustig de krant doornemen voor er brood op tafel komt. De dames hangen relaxed voor de tv of rommelen wat om in hun pyjama. Het is een genot en tussen alle drukke en stressvolle dagen is deze afwisseling meer dan welkom.

Manlief en ik hebben onze zinnen gezet op wat klusjes in de tuin. De dames storten zich weer op mijn stapel oude cd’s en spelen wat af met elkaar. Van vadertje en moedertje gaan ze over op een slaapfeestje en dan zijn ze weer prinsesjes. Urenlang vermaken ze zich opperbest binnen en ze melden zich alleen even tussendoor voor wat eten en drinken. Ik roep regelmatig even of ze al naar buiten willen en dan hoor ik in koor: ‘neeeeee’.

Inmiddels is er in de tuin een heus konijnenparadijs aan het verrijzen. Zoals dat meestal gaat bij ons is het plan voor onze konijnenren een beetje uit de hand gelopen voor we het weten, hebben we een halve kinderboerderij gerealiseerd. Het plan was een mooi stukje gras te realiseren voor de beestjes, maar dat is ons sterk afgeraden door de fokker. Het blijkt dat de kwetsbare darmpjes van de konijnen het zeer slecht doen op nat gras en dat ze slecht maat kunnen houden op grote stukken gras. Voor de grasmatten die we al hadden aangeschaft, hebben we wel een andere bestemming maar het betekent wel even flink aanpoten om die dan ook snel op hun plek te krijgen. Na een dag heel veel scheppen en hard aanpakken, zijn we wel meer dan tevreden over het konijnenhoekje wat aan het ontstaan is. Totdat de buurman nog een terloopse opmerking plaats. Hij vreest dat de buizerds die achterin onze tuinen huizen deze schattige beestjes zo te pakken hebben. Dáár hadden wij even niet aan gedacht. Ons konijnenparadijs vergt dus nog wel enige aanpassing, maar dat moet tot het weekend wachten.

Bij het eten komt onze jongste dochter met een mededeling waarvan manlief en ik even van kleur verschieten. ‘We hebben met een vreemde man gepraat’, gooit ze er zo even in en ik verslik me nog net niet. Sinds we veel bij huis zijn mogen de kinderen van ons in alle rust om het huis heen spelen. Ze zijn regelmatig voor het huis terwijl wij achter zijn, maar daar hebben we nooit zoveel problemen in gezien. Ze moeten weg blijven van de weg en dat lijken ze ook keurig te doen. Dat ze opeens met vreemden aan de praat komen, vind ik niet een geweldige ontwikkeling. Het verhaal is ook warrig en het wordt langzaam duidelijk wat er precies gebeurt is. Oudste dochterlief komt ook bij positieven en blijkt hier opeens bij te zijn geweest en meldt dan achteloos dat het om een vriendinnetje van haar gaat met haar ouders. De zucht van opluchting van manlief en mij zal vast verderop te horen zijn geweest.