De basisscholen zijn weer begonnen; een wekelijkse update

0
47

“De eerste schoolweek is verrassend goed gegaan”

ZUIDHORN – Sinds vorige week maandag mogen basisschoolleerlingen weer naar school, wat bij de meeste kinderen leidde tot een hoop blijdschap. Ook Christelijke Basisschool De Brug opende vorige week weer haar deuren. Marianne Lenting (leerkracht van groep 4 en 5) is ontzettend blij dat ze weer aan het werk is. Aan de Streekkrant doet ze wekelijks haar verhaal over hoe ze het hervatten van de scholen ervaart. Vandaag kijken we terug op de eerste week.

“De eerste schooldagen zijn verrassend goed gegaan”, begint Marianne. “Het was ontzettend leuk om de kinderen weer te zien, die allen heel vrolijk en blij waren om weer op school te zijn en al hun vriendjes en vriendinnetjes weer te zien. Dat leidde bij mij ook gelijk tot veel enthousiasme”. De basisschool begon de dag op het plein, waar alle leerlingen in verschillende rijen moesten staan. Per klas mochten de kinderen vervolgens naar binnen. “Dat ging eigenlijk ook gelijk heel soepel”, gaat Marianne verder. “De kinderen moesten ook hun tassen en jassen mee naar binnen nemen en hun handen wassen. Doordat ik al eerder telefonisch contact had gehad met de leerlingen, wisten ze een beetje wat ze konden verwachten. Daardoor ging het allemaal prima”.

Daar waar de kinderen grotendeels goed voorbereid waren om weer naar school te gaan, liep Marianne in haar klas alleen tegen een aantal praktische zaken aan. Zo waren sommige leerlingen een aantal dingen kwijtgeraakt en was de een thuis verder gekomen qua schoolwerk dan de ander. “Dat was wel een beetje lastig, maar het is logisch dat zulke dingen voorkomen. Ook de anderhalve meter afstand was soms wel een beetje een dingetje. De ene leerling denkt er heel goed om, ook afstand van mij te houden, maar de ander vergeet het toch al gauw. Ook ikzelf moet er telkens om denken om niet te dicht bij de kinderen te komen. Dat is af en toe best wel lastig”.

De eerste week stond bij de klas van Marianne vooral het welbevinden van de leerlingen centraal. Hoe hebben zij de afgelopen tijd beleefd en hoe gaat het nu met ze? “Dat was vooral afgelopen week wel heel belangrijk. We hebben veel gepraat en de kinderen hebben een vragenlijst ingevuld, zodat we een goed beeld krijgen van hoe zij de afgelopen weken thuis hebben ervaren. De een heeft de ziekte van dichtbij meegemaakt en de andere juist niet. De verschillen tussen leerlingen zijn best groot, maar dat had ik ook wel verwacht. Het is fijn om dat nu te weten”. Contact met haar collega’s heeft Marianne eigenlijk niet of nauwelijks. De pauzes worden niet tegelijkertijd gehouden, om samenscholing te voorkomen. “Ik zie mijn collega’s vrij weinig, alleen soms in de wandelgangen. We maken dan een kort praatje, met uiteraard anderhalve meter afstand. Het is een beetje ongezellig; het echte contact is er niet. Na schooltijd moeten we eigenlijk zo snel mogelijk naar huis. Onder andere de vrijdagmiddagborrel is voorlopig afgeschaft”.

Voor Marianne was het makkelijk om snel weer in het normale werkritme te komen. Toch voelt het nog een beetje gek. “Met de kinderen is het heel gezellig, maar dat ik mijn collega’s niet echt zie, voelt best wel raar. Ik hoop dat alles snel weer terug bij het oude is”.