“De vrouwen zouden de vijand tegemoet lopen, maar zagen uiteindelijk in Grijpskerk de vrijheid”

Bindert Helder over ‘de mars naar Grijpskerk’ in april 1945

GRIJPSKERK – In april 1945 werden 116 vrouwen, verzetstrijders, door de Duitse bezetter gedwongen om van kamp Westerbork via de Afsluitdijk naar Noord-Holland te lopen. Een lange en zware wandeltocht, onder begeleiding van de Duitsers, die de vrouwen onder andere langs Grijpskerk bracht. Wat de 116 vrouwen toen nog niet wisten, was dat ze in het Groningse dorp de vrijheid zouden zien. Iemand die alles over deze mars weet, is Bindert Helder. Al jarenlang houdt hij zich bezig met verhalen over de oorlog.

De 116 vrouwen werden aan het eind van de oorlog gevangen gehouden in kamp Westerbork, omdat ze in het verzet zaten. In het kamp moesten ze onder andere batterijen slopen, maar toen de geallieerden kwamen, moesten ze weg uit Westerbork. “Vanuit Westerbork was het de bedoeling dat de vrouwen richting Friesland zouden lopen, om vervolgens via de Afsluitdijk naar Noord-Holland te gaan”, vertelt Helder. “Ze zouden eigenlijk de vijand tegemoet lopen. In de nacht van 13 op 14 april liepen de vrouwen door Grijpskerk. Ze kwamen terecht bij boerderij De Nie aan de Pieterzijlsterweg. De boer vertelde de vrouwen dat hij vermoedde dat ze doodgeschoten zouden worden”. Dat zou waarschijnlijk ook het geval zijn geweest, ware het niet dat de geallieerden steeds verder oprukten, waardoor de aanwezige Duitse commandant zich in het nauw gedreven voelde. “De Duitsers wisten het niet meer en hebben de vrouwen daarom vrijgelaten. Een deel van de vrouwen kwam toen terecht bij de boerderij van de familie Cleveringa in Grijpskerk, waar ze enige dagen verbleven”.

Helder heeft heel veel onderzoek gedaan naar deze mars en de 116 vrouwen. In 1995, in het kader van vijftig jaar vrijheid, wilde hij een reünie van deze moedige vrouwen organiseren. Dit deed hij samen met Anneke Vink-Hoogstra (samen vormen zij de stichting Het verleden doen herleven), Daan Kalk, Martje Dijkema en Jozephien Smit van het 4 mei-comité. “We hebben alle 116 vrouwen opgespoord, maar dat was een behoorlijke opgave”, vertelt Helder. “Vele vrouwen waren al overleden, ze woonden ergens anders en/of hun namen waren veranderd. Toch hebben we met de meeste vrouwen, of hun familieleden, contact gehad. Tijdens de reünie hebben de vrouwen alle details verteld. Gedurende de dag hadden we een heel programma samengesteld en zijn we onder andere langs de boerderijen geweest waar de vrouwen verbleven. Voor velen van hen was dat behoorlijk heftig. We reden die dag in een oranje bus door het dorp. Een mooi detail is dat de vrouwen in 1945 ook met een oranje bus werden opgehaald vanuit Grijpskerk om eindelijk weer naar huis te gaan”

Onder de 116 vrouwen die de mars liepen, was ook Riek Sennema uit Zuidhorn. Helder heeft haar een paar keer geïnterviewd over datgene wat ze in haar leven heeft meegemaakt, zo ook over de mars door Grijpskerk. “Het mooie is dat twee historici uit Zuidhorn, Jan Sennema en Harm Veldman, de nieuwe brug in het dorp nu naar haar willen vernoemen. Dat verdient ze ook zeker en zou prachtig zijn.”