Experimenteel onderwijs werpt zijn vruchten af

SKSG Nautilus in Zuidhorn groeit ondanks eerdere uitdagingen

ZUIDHORN – ‘Kinderen mogen zitten waar ze willen. Leerlingen krijgen bij ons veel keuzevrijheid, maar dat is natuurlijk niet onbeperkt.’ Aldus Dineke Sandbergen na anderhalve maand directeurschap bij SKSG Nautilus in Zuidhorn. De opzet van het Nautilus is een pedagogisch experiment die de traditionele groepsstructuur van de basisschool moest doorbreken. Leerlingen zouden niet in groepen van 1 tot en met 8 worden ingedeeld maar worden ingeschaald op basis van hun eigen niveau. Een uniek concept met de nodige struikelblokken. Toch is het schooljaar van 2022 begonnen met een hoopvolle start: Meer dan drie jaar na dato zit het Nautilus qua leerlingenaantallen in de lift onder leiding van de nieuwe directeur.

Sandbergen heeft nog maar kort geleden het stokje overgenomen van oud-directeur Tamara de Haan. De twee directeurs stralen een zekere trots uit. Door hun verdiensten wist de school te groeien van twintig, naar vijftig, en nu naar ruim tachtig leerlingen. ‘Ik ben in maart 2019 aangesteld als projectleider van het Nautilus. Vanuit de Hanzehogeschool liep een project naar de levensvatbaarheid voor een school met een geheel andere opzet. Samen met het team ging ik op zoek naar fondsen vanuit het Rijk’, blikt De Haan terug op de start van deze school. ‘In de begindagen was het vooral het doel om het met een zo horizontaal team mogelijk te doen. Een mooi streven, maar door de aard van het experiment liep toen niet alles op rolletjes.’ De Haan stelt: ‘Wij wilden en moesten destijds alles anders doen, er waren nog geen draaiboeken.’

Bij de reflectie van het tweede jaar was het team een stuk wijzer geworden. Er werd besloten om toch een directeur aan te stellen in de persoon van Tamara. Dit zou de taken van verschillende teamleden veel beter afbakenen: ‘De belangrijkste pijlers in het tweede jaar waren het voldoen aan de onderwijswetgeving en om voldoende leerlingen te krijgen voor fondswerving.’ De alternatieve lesmethodes gaven de school ook buiten Zuidhorn een grote aantrekkingskracht. Leerlingen en ouders vanuit Grijpskerk, Niekerk en Aduard wisten het Nautilus steeds beter te vinden.

Net als veel andere onderwijsinstellingen kreeg het Nautilus ook te maken met personeelstekorten en hoog ziekteverzuim. Daar kwam de coronapandemie nog als een bom bovenop. Toch lukte het om na drie jaar te voldoen aan de inspectie en de rijksbegroting: ‘De ouders die het met ons aandurfden waren bijzonder tevreden over onze school en begrepen het experimentele karakter.’ Het Nautilus probeert leerlingen uit te dagen en hun nieuwsgierigheid al vanaf jonge leeftijd aan te wakkeren. Leerkrachten bevragen kinderen actief en dit leidt tot geslaagd alternatief onderwijs: ‘Dankzij een warme en nieuwsgierige pedagogische benadering worden kinderen gezien en gehoord.’

Door transparant te communiceren en fouten te erkennen voelen ouders en kinderen zich gezien: ‘Vooroordelen over onze school kloppen niet altijd. Met potloden tekenen op een raam kan namelijk een hele zinvolle schrijfles zijn.’ Inhoudelijk worden niet alleen de groepen losgelaten maar worden de lessen ook zoveel mogelijk aangevuld met excursies, buitenlessen en gastlessen. De leerlingen moeten natuurlijk wel voldoen aan een eindtoets en een leerlijn. Toch zitten kinderen van het Nautilus op een school, niet in een groep: ‘Bij het toetsen van vaardigheden vergelijken wij kinderen zoveel mogelijk met zichzelf. Er wordt gevraagd naar wat zij zelf nodig hebben. Dit doen wij al vanaf de jongste leeftijden. Voorlopig gaat het nog om 0 tot en met 12, maar in de toekomst is het streven om onderwijs van 0 tot en met 18 aan te bieden.’

Lessen en huiswerk krijgen een hele andere invulling op het Nautilus: ‘Een groep van 5-jarigen stuitte bijvoorbeeld op een schilderij van Mondriaan. Dan denk je al snel aan rechte vormen en basale kleuren. Tegelijkertijd schilderde Mondriaan ook veel realistische dingen. Je kan dit als startpunt gebruiken om een discussie te starten over de begrippen realisme en abstractie.’ Een gastles van een aardbeispecialist gaf aanzet tot vragen over het woord glucose: ‘Zo’n vakman weet dan van alles te vertellen over glucose in de natuur. Het zijn thematische opdrachten en instructies zoals deze die de kinderen aansporen tot onderzoek.’

Het Nautilus probeert over het traditionele lesgeven heen te kijken door een samenleving in het klein te zijn. Leerlingen spelen, leren en leven samen vanaf jongs af aan: ‘Er is ruimte voor horizontale en verticale ontmoeting. Kleine en oude kinderen worden actief aangestuurd tot interactie.’ De Haan en Sandbergen benadrukken aan het einde dat er eigenlijk geen label op de school is te plakken: ‘Het gaat om samenwerking en experimenteren. Onze school haalt inspiratie uit Montessori-, Dalton en Waldorfonderwijs. Maar eigenlijk is het geen van hen.’ Het Nautilus is dankzij deze unieke benadering altijd kritisch op zichzelf en altijd in beweging om kinderen nieuwsgierig te houden. Als het team deze lijn weet vast te houden dan zal er ongetwijfeld een nieuwe generatie Westerkwartierders opgroeien met een verbrede horizon en een leergierige kijk op de wereld.