FC Groningen richt zich op toekomst, maar lijkt dit seizoen te vergeten

GRONINGEN – In januari van dit jaar presenteerde FC Groningen het beleidsplan 2020-2025: ‘Samen naar de Grote Markt’. Een beleidsplan waarin FC Groningen haar ambities uitspreekt voor de komende jaren. En die ambities liegen er niet om. Op sportief vlak spreekt de club over ‘de Europese droom’. De Trots van het Noorden wil een stabiele subtopper worden in de Eredivisie en op die manier Europees voetbal afdwingen. Een mooie ambitie voor in de toekomst, maar waar de FC op dit moment even niet aan hoeft te denken. Gezien de huidige situatie moet FC Groningen eerst zorgen dat het dit seizoen niet in de problemen gaat komen.

De ambitie van FC Groningen is prachtig en werd, tijdens de presentatie van het beleidsplan, dan ook volop omarmt. Het afgelopen jaar is door de directie dan ook al op deze wijze geïnvesteerd in de club. Het beleidsplan schrijft verder dat talentontwikkeling een grote rol moet gaan spelen. Talentontwikkeling voor jongens uit de regio, maar ook voor jongens van buitenaf. De geschiedenis leert ons dat vele jonge spelers via FC Groningen de stap hogerop hebben gemaakt. Zo hebben we afgelopen seizoen natuurlijk Azor Matusiwa en Gabriel Gudmundsson nog een prachtige transfer zien maken. Talentontwikkeling is een mooi gegeven, waar de FC nu ook weer op inzet. Zo heeft de Trots van het Noorden met Tomas Suslov een pareltje in huis en ook Cyril Ngonge, die afgelopen zomer werd gehaald, lijkt over een aantal jaren nog wel een mooie transfer te gaan maken. En wat te denken van Paulos Abraham, die gehaald is voor de toekomst en zo’n twee miljoen euro heeft gekost. Voor Groningse begrippen een gigantisch bedrag.

Een groot deel van het geld dat afgelopen zomer is opgestreken met de transfers, is niet in de selectie gestoken. Dit geld was nodig om een aantal schulden van de voorbije jaren af te lossen. Een goede beslissing, die in het belang is van de gezondheid van de club. Mede hierdoor kon FC Groningen afgelopen week zwarte jaarcijfers presenteren. De andere kant van de spiegel laat zien dat het, door minder in de selectie te investeren, op sportief vlak nog niet al te best gaat. Als je als club de doelstelling hebt om een stabiele subtopper te worden, dien je daar ook in te investeren. Dat is voor het huidige seizoen niet gebeurd. En dan te bedenken dat de beste spelers na dit voetbaljaar waarschijnlijk ook weer vertrekken. Als er dan op dezelfde wijze ‘geïnvesteerd’ wordt in de selectie, kun je nooit iets opbouwen. Zo kun je spelers laten ontwikkelen, maar word je geen stabiele subtopper.

Bovengenoemde situatie schetst waarschijnlijk ook het gevoel van Danny Buijs op dit moment. De trainer had de boel vorig seizoen goed op de rit, maar na het vertrek van een aantal sterkhouders is het elftal los zand. Dat is enerzijds de directie aan te rekenen, maar anderzijds moet Buijs ook zijn hand in eigen boezem steken. Het voetbal is op dit moment namelijk wel erg slecht. Het huidige elftal is inderdaad niet goed genoeg voor een plek in de subtop van de Eredivisie, maar het is ook niet zo zwak dat het onderaan de ranglijst hoeft te bungelen. Dat laatste is momenteel wel het geval. De trainer heeft zo’n tien weken de tijd gehad om met de huidige spelers een goed elftal te smeden. Dat is niet gelukt. Toch zal Buijs het de komende weken met deze spelers moeten gaan doen en dan kun je maar beter vertrouwen blijven houden dat het voetbal, door veel samen te trainen, vanzelf komt.

Momenteel spreken de Eredivisieclubs erover om de komende wedstrijden uit te stellen, zodat er niet zonder publiek gespeeld hoeft te worden. Voor FC Groningen zou dat niet verkeerd uitkomen. Zo heeft Buijs iets meer tijd om de juiste balans in het elftal te vinden.