“Het dialect werkt verbindend, maar we moeten het niet koste wat kost vasthouden”

Aandacht voor ‘Meertmoand Streektoalmoand’ in gemeente Westerkwartier

WESTERKWARTIER – De gemeente Westerkwartier heeft veel aandacht voor de Westerkwartierse identiteit. Dit onderwerp is dan ook niet voor niets vastgelegd in de nieuwe Cultuurvisie, die eind deze maand voorligt bij de gemeenteraad. Het Westerkwartierse dialect speelt daarin een belangrijke rol. Tijdens de ‘Meertmoand Streektoalmoand’ is er jaarlijks veel aandacht voor de ‘eigen taal’, maar in verband met het nog altijd heersende coronavirus kunnen er dit jaar geen activiteiten worden georganiseerd. Toch vindt wethouder Hielke Westra, die onder andere Cultuur in zijn portefeuille heeft, het belangrijk dat er ook dit jaar aandacht is voor het Westerkwartierse dialect.

“Voor heel veel mensen was het dialect vroeger een taal waarmee je bent opgegroeid”, vertelt de wethouder. “De taal werkt verbindend, waardoor een gesprek voeren gemakkelijker is. Bovendien kun je met de streektaal beter je gevoelens uiten”. Momenteel groeien steeds minder mensen op met het dialect, maar toch zou Westra dat graag anders zien. “Als je het dialect spreekt, heeft dat toch ook een beetje met thuis voelen te maken. Je kunt mensen echter niet opdringen om het dialect te spreken. Taal is altijd aan veranderingen onderhevig en ik denk dat we ook niet bang moeten zijn om taal te laten veranderen. We moeten het dialect niet koste wat kost vasthouden”.

Wel vindt de wethouder het belangrijk om het spreken van het Westerkwartierse dialect te blijven stimuleren. “Dat begint voor mij bij het voortgezet onderwijs”, stelt hij. “Dat geldt niet alleen voor de taal, maar juist in de brede zin van het woord; de identiteit van je eigen omgeving. Het is als het ware een subcultuur en er is niets mis mee om daar wat meer aandacht voor te hebben. Zo leer je je eigen omgeving ook beter kennen”. Daarnaast zit de wethouder te denken aan een boekje met het Westerkwartierse dialect voor nieuwe inwoners van de gemeente Westerkwartier, om op deze manier nog meer aandacht te vragen voor de eigen identiteit. “Ik denk bovendien dat het Westerkwartiers goed te lezen en te begrijpen is. Het is bijvoorbeeld heel anders dan het Fries. Dan begrijp je er soms, als buitenstaander, helemaal niets van”.

De streektaal verdwijnt dan wel steeds meer uit het straatbeeld, toch ziet Westra dat het Westerkwartierse dialect op andere plekken wel steeds meer terugkomt. “In de culturele hoek wordt het steeds meer zichtbaar”, stelt hij. “Zo zijn er steeds meer Groningse bandjes en zijn er ook zangers die jaren in het Engels hebben gezongen, maar het nu in het Gronings proberen. Dat is geweldig. Het maakt de streektaal ook toegankelijker”.

De wethouder zelf is opgegroeid met de Nederlandse taal, maar op het voortgezet onderwijs in Grijpskerk maakte hij al snel kennis met het Westerkwartierse dialect. “Dat gebeurde vooral met klasgenoten onderling op het schoolplein”, zegt hij. “Ik heb het dialect als het ware mezelf eigen gemaakt en ik voel me er inmiddels heel vertrouwd bij”. Tijdens de ‘Meertmoand Streektoalmoand’ plaats de wethouder zelfs al zijn Twitterberichten in het Westerkwartiers. Iets wat hij vorig jaar ook al deed in de maand maart. “Ik vind het belangrijk om zelf wat aandacht aan het dialect te besteden. Op deze manier probeer ik ook andere mensen aan te sporen meer met het dialect te doen. Het is een drempel die je even over moet, maar mij gaat het gelukkig vrij goed af”.
De wethouder ziet het niet zitten om voortaan elke maand maar in het Westerkwartiers te blijven communiceren op social media. “Het is heel leuk, maar ik wil uiteraard alle inwoners van onze gemeente blijven bereiken. Wel kan ik ervoor kiezen om in het Westerkwartiers te blijven berichten over cultuur gerelateerde onderwerpen. Berichten over bijvoorbeeld energie blijf ik maar gewoon in het Nederlands doen”, aldus Westra.