“Het schaatsen van de Elfstedentocht is voor mij een jongensdroom die uit is gekomen”

Buitenposter Gerben Douma schaatste ‘officieuze’ Elfstedentocht

BUITENPOST – Afgelopen zaterdag 13 februari om 05:00 uur ’s ochtends bond Gerben Douma uit Buitenpost de schaatsen om zijn voeten en stapte hij het ijs op in Leeuwarden. Terwijl het nog pikkedonker was en de temperatuur op zo’n tien graden onder nul lag, begon hij samen met kameraad Piet Mulder, die oorspronkelijk uit Kollumerzwaag komt, aan de Elfstedentocht. Een barre, zware tocht volgde, mede omdat het ijs op veel plekken nog niet dik genoeg was. Na een aantal uren kregen steeds meer mensen lucht van de tocht van de twee Friezen, waardoor er zich op verschillende plekken toeschouwers verzamelden. Na negentien uur onderweg te zijn geweest, kwamen de mannen rond 00:00 uur ’s avonds over de finish. In gesprek met de Streekkrant vertelt Douma over het unieke verhaal.

Het idee om de Elfstedentocht dit jaar te schaatsen, kwam voor Douma en Mulder pas vrij laat. Drie dagen eerder had de Buitenposter dan ook niet verwacht dat hij op zaterdagochtend tweehonderd kilometer zou gaan schaatsen. “Op donderdagavond stuurde Piet een appje in de groepsapp van de Survivalclub Kootstertille”, vertelt Douma. “Hij had naar het weerbericht gekeken en was van plan om zaterdagochtend de Elfstedentocht te gaan rijden. Hij zocht een medestrijder, maar daar kwam eerst geen reactie op. Zelf twijfelde ik ook, maar uiteindelijk heeft hij me overtuigd om met hem mee te gaan. De Elfstedentocht schaatsen was voor mijzelf altijd al een droom. Gezien mijn leeftijd, ik ben nu 32 jaar oud, heb ik eerder geen kans gehad om de unieke tocht te schaatsen. Nu kon ‘ie dan niet officieel gereden worden, toch zag ik de mogelijkheid om de tocht te volbrengen”.

“We zien wel hoe ver we komen”
Twee dagen later stond Mulder daarom om 04:30 uur ’s ochtends voor de deur van Douma in Buitenpost. Een half uur later zaten de ijzers om de voeten van de twee mannen en betraden ze het ijs bij De Swette in Leeuwarden. “Onze insteek was op dat moment vooral dat we er gewoon een mooie dag van zouden maken. ‘We zien wel hoe ver we komen’, zeiden we tegen elkaar”. Toen de Friezen het ijs betraden, kregen ze een geweldig gevoel. “Het was pikkedonker, ijskoud en we hadden lampen op ons hoofd en in de hand, zodat we goed konden zien waar we schaatsten. We waren de eerste personen op het ijs en je hoorde het soms kraken. Daarnaast was het ook ontzettend helder. Het was echt magisch”.

De mannen hadden zichzelf ten doel gesteld om voor zonsopkomst aan te komen op het Slotermeer. Mede door de omstandigheden van het ijs lukte dat niet. “Doordat we in het donker schaatsten, kwamen we regelmatig in een scheur terecht”, vertelt Douma. “Het ijs was niet op alle plekken even goed”. De zonsopkomst maakten de twee mee op de route tussen Sneek en IJlst. Ook dat zorgde voor een uniek moment. “We schaatsten op plekken waar in de dagen ervoor nog helemaal niemand was geweest”, glundert Douma. “De zonsopkomst zorgde voor een prachtige, rode gloed. Dat was geweldig om te zien”. Niet veel later kwamen Douma en zijn kameraad ook voor het eerst mensen op het ijs tegen. “Mensen waren best verbaasd over hetgeen we mee bezig waren”, lacht hij. “Ze dachten dat we een grapje maakten, maar hadden ook ontzettend veel respect”.

Kapotte schaats
Via Sloten, Stavoren en Hindeloopen kwamen de mannen terecht in Workum. Hier ging vervolgens de schaats van Mulder kapot, waardoor de mannen twijfelden of ze de tocht wel konden volbrengen. “Onderweg hebben we ontzettend veel moeten klunen, omdat het ijs op bepaalde plekken niet dik genoeg was”, zegt Douma. “Mede door deze reden was de schaats van Piet kapot gegaan. We hebben toen een fietsenmaker uit Workum gebeld, die binnen vijf minuten naar ons toe kwam om de schaats te repareren. Hierdoor konden we onze tocht al snel vervolgen”. De Friezen schaatsten via Bolsward door naar Harlingen, waar het ijs behoorlijk slecht was. De mannen hadden een tas met hardloopschoenen mee, welke ze op deze plek goed konden gebruiken. “We zijn vervolgens het ijs afgegaan en hebben zo’n twee kilometer hardgelopen langs het water. Daarna konden we gelukkig onze schaatsen weer ombinden”, aldus Douma.

Aanmoedigingen 
De twee vervolgden hun tocht vervolgens richting Franeker. Hoe later het werd, des te zwaarder de mannen het kregen. “We moesten echt constant in beweging blijven om het niet koud te krijgen”, vertelt Douma. “Met de spieren ging het op dat moment nog wel prima. Wel had ik veel last van mijn voeten. Tussen Harlingen en Franeker hadden we volle tegenwind, waardoor het echt even afzien was”. Toen de twee aankwamen in Franeker, werden ze door verschillende media gebeld, die inmiddels lucht hadden gekregen van de actie van de Friezen. Zo verschenen ze live op Omroep Friesland en werden ze niet veel later live gevolgd door dezelfde omroep, die de mannen de gehele avond volgde. “Op dat moment moesten we nog zo’n zestig kilometer”, vertelt Douma. “Door de live-uitzending van Omroep Friesland, kwamen we ook steeds meer mensen langs de kant tegen die ons aanmoedigden. Dat was echt prachtig om te zien en gaf ons ook wel wat extra energie”.

Terwijl de Buitenpost en zijn kameraad vanuit Franeker verder schaatsten richting Dokkum, kwamen ze er bij Bartlehiem achter dat ze niet voor het ingaan van de avondklok over de finish zouden komen. Toch besloten ze om hun tocht niet te staken. “We waren al zover en hebben er geen moment aan gedacht om te stoppen”, zegt Douma. “Op dat moment waren we bezig aan het zwaarste deel van de tocht, waar we tevens een stukje verkeerd reden. We hebben dus zelfs nog een aantal kilometers extra gemaakt”. Toen de twee uiteindelijk aankwamen in Dokkum, wisten de mannen dat ze de finish zouden halen. “Vanuit Dokkum moesten we nog weer terug naar Leeuwarden, maar we wisten dat we de volle wind mee zouden hebben. Die laatste kilometers richting de hoofdstad van Friesland leefden we echt op een roze wolk. De mensen die we langs de kant zagen staan, zorgden voor een heel speciaal gevoel. Onderweg kregen we koffie, eten en andere drankjes aangeboden en we merkten dat iedereen met onze tocht bezig was. Heel bijzonder”.

Kippenvelmoment
Toen het Elfstedenbruggetje in zicht kwam kregen de twee een kippenvelmoment, die de laatste meters niet meer verdween. “Toen we onder het bruggetje vandaan kwamen, zagen we de prachtige boog van de finish en stonden de camera’s van Omroep Friesland vol op ons gericht. Op het moment dat we onze schaatsen over de finish zetten, hoorden we een hoop gejuich. Veel vrienden en familieleden hadden zich daar verzameld. Het was een prachtig moment”. Niet veel later werd de feestvreugde echter een beetje verstoord. Ook de politie had de groep mensen zien staan en kwam poolshoogte nemen. “Vier agenten stapten uit de auto en vroegen iedereen om hun identiteitsbewijs en vrijstelling van de avondklok. Dat laatste konden alleen de medewerkers van Omroep Friesland laten zien. “Daarom kreeg de rest allemaal een boete. De politie maakte voor ons geen uitzondering en kon de actie ook niet waarderen. Maar ach, die €95,- hadden we er wel voor over. De ervaring die we hebben opgedaan is onbetaalbaar”.


Elfstedenkruisje
Een uur na de aankomst in Leeuwarden lag Douma thuis in Buitenpost op bed. Slapen werd ‘m eerst niet, aangezien hij nog vol adrenaline zat. “Ik had het koud, voelde mijn spieren en heb de hele nacht het klappen van mijn schaats gehoord”, lacht hij. “Maar dat heb ik er allemaal voor over gehad. Het schaatsen van de Elfstedentocht is voor mij een jongensdroom die uit is gekomen. Ik ben een Fries in hart en nieren en het schaatsen van de Elfstedentocht is toch iets episch. Ik zou het zo weer doen”. Hoewel de prestatie van Douma niet ‘officieel’ is, heeft hij toch een écht Elfstedenkruisje gekregen. Een prachtige medaille, die ook al ingelijst is. “De vader van Piet had zelf twee Elfstedenkruisjes en één had hij eerder aan Piet gegeven toen hij voor het eerst, ook op eigen houtje, de Elfstedentocht had geschaatst. Hij belde mij de volgende dag op en gaf aan dat hij het andere kruisje graag aan mij wilde geven. Een prachtig gebaar, wat mij voor altijd aan deze tocht zal herinneren”, besluit Douma.