Kleintje Cultuur – Geertje Veenstra

“Ik zou nooit van mezelf zeggen dat ik een kunstenaar ben”

DEN HORN – Een opleiding aan de Kunstacademie heeft ze nooit gedaan, maar creatief is ze zeker. Het is daarom ook niet vreemd dat Geertje Veenstra uit Den Horn een van de deelnemers is van het project ‘Westerkwartier In het Oog van de Storm’. De fractievoorzitter van CDA Westerkwartier heeft voor het project twee prachtige sieraden gecreëerd, die nog altijd in het voormalig schoolgebouw sws De Aquarel in Sebaldeburen hangen. Door haar deelname aan het project weet Veenstra ook dat anderen haar werk waarderen. “Voor mij is het altijd een grote hobby geweest en dat is ook nu nog het geval”, zegt ze. “Ik zou ook nooit van mezelf zeggen dat ik een kunstenaar ben. Die titel moet je toekomen”.

Eigenlijk is de inwoner van Den Horn al haar hele leven ontzettend creatief. Met haar handen heeft ze in haar kinder- en tienerjaren veel vernuftige dingen gedaan, zoals het maken van haar eigen kleding en het in elkaar knutselen van diverse werken. Sinds ongeveer een jaar maakt Veenstra sieraden van gebruikte koffiecups. Hiermee creëert ze prachtige en tevens verrassende werken. “Ik houd heel veel van recyclen, dus voor mij is het geweldig om met deze materialen iets te maken”, zegt Veenstra. “Van de koffiecups haal ik de onderkant en de plastic ijzertjes eruit. Het andere deel gebruik ik voor mijn sieraden. Door vervolgens mijn eigen creativiteit erop los te laten, ontstaan er verschillende combinaties. Soms verras ik mijzelf ook wel een beetje”. Veenstra is een echte verzamelaar. Door haar werken te maken van gerecycled materiaal, is de kunst toegankelijk voor iedereen. “Dat is ook wel waar ik van houd”, zegt ze. “Daarnaast vind ik het mooi als men de producten niet meer herkent. Dat is ook zeker het geval bij de koffiecups”.

Dat ze met haar creativiteit ooit zou meedoen aan het kunstzinnig project, had Veenstra zeker niet verwacht. Ook niet toen ze voor het eerst hoorde van het project ‘Westerkwartier In het Oog van de Storm’. “Toen het project gelanceerd werd, had ik niet gelijk het gevoel dat ik me moest inschrijven”, vertelt ze. “Ik kwam echter bij Myra, een van de initiatiefnemers, op bezoek voor een ander doeleinde, en daar zag ik haar haiku’s liggen. Ik vroeg of ze nog wat over had en of ik er dan één mocht hebben. Het leek me geweldig om daar een sieraad bij te maken”. Dat pakte goed uit. Myra maakte speciaal voor Veenstra een nieuwe haiku en werd uitgenodigd om deel te nemen aan het project. Voor de fractievoorzitter van CDA Westerkwartier het begin van iets moois. “Ik heb twee colliers gemaakt en heb mijn creatieve brein vanaf het eerste moment de vrije loop gelaten. In de tussentijd ben ik wel een aantal keren geswitcht van idee, en dat komt mede door het feit dat ik gebonden ben aan aluminium. Ik ben uiteindelijk heel blij met de werken die ik gecreëerd heb”.

De sieraden die Veenstra heeft geproduceerd zijn gemaakt van in totaal over de tweehonderd koffiecups. Allebei haar werken hebben een link naar de haiku’s van Myra, die gaan over ‘gemis’ en ‘geknakt’. “Voor het sieraad, die past bij de haiku ‘gemis’, heb ik een ketting van bloemen gemaakt. Zeventien bloemen wel te verstaan, aangezien een haiku zeventien lettergrepen heeft. Een bos bloemen is iets wat je vaak aan iemand geeft als je diegene een tijd niet hebt gezien. Vandaar dat ik met het idee kwam om dit in de ketting te verwerken”. Het sieraad, dat past bij de haiku ‘geknakt’, deed Veenstra denken aan een wilg. “In de haiku was wat weerstand en een wilg knakt bijna nooit. Ik heb daarom drie kralen gemaakt van een wilgentak, welke tussen de koffiecups zijn verwerkt”.

De afgelopen maanden heeft Veenstra al vele sieraden gemaakt, maar de komende tijd wil ze nog groter. “Het lijkt me ook geweldig om bijvoorbeeld eens jurken te maken van koffiecups. Ik weet in ieder geval dat ik nog wel even wil doorgaan. Op het moment dat ik met handenarbeid bezig ben, krijg ik namelijk ook in mijn hoofd weer plek. Het is heel belangrijk voor de gegevens in mijn hoofd. Dat is voor mij een heerlijk gevoel”. Of ze ooit nog naar de kunstacademie gaat? “Ik denk dat ik er heel veel zou kunnen leren, maar ik heb ook veel creativiteit in mijzelf dat zich ontwikkelt. Een extra cursus is echter nooit weg”, besluit  Veenstra.