Kleintje Cultuur – Streekhistorische Vereniging Aeldakerka

“Als je geen kennis hebt van de historie, is dat een groot gemis”

NIEKERK/OLDEKERK/FAAN – De Streekhistorische Vereniging Aeldakerka is in 1983 opgericht en sindsdien ontzettend levendig voor inwoners van Niekerk, Oldekerk, Faan en omstreken. Het is allerminst een stoffige club van wereldvreemde hobbyisten. De vereniging houdt zich bezig met allerlei zaken die te maken hebben met de geschiedenis van dit deel van het Westerkwartier en heeft daarnaast het ‘Verzoamelhuus’ in beheer. Voor de 300 leden worden regelmatig diverse activiteiten georganiseerd, zoals onder andere lezingen. In gesprek met de Streekkrant vertellen voorzitter Wimmy Elzinga en secretaris Jan Coenraads alles over Aeldakerka.

Net als eigenlijk iedereen heeft ook de streekhistorische vereniging behoorlijk geleden onder de coronacrisis. Zo was het organiseren van activiteiten en bijeenkomsten lange tijd niet mogelijk en moest het Verzoamelhuus geruime tijd op slot. “De crisis heeft zeker een grote impact gehad”, zegt Wimmy. “Vooral op het museum. We zijn ontzettend lang dicht geweest en zijn pas sinds juli weer open. Normaal gesproken hebben we één keer per jaar een nieuwe expositie, maar we hebben er nu voor gekozen om de expositie te laten staan. Enerzijds is het zonde voor de werkgroep die er veel tijd in heeft gestoken en anderzijds hebben we te weinig bezoekers gehad die de expositie hebben kunnen bewonderen”.

Het Verzoamelhuus draait voor zowel de bezoekers als de vereniging zelf niet alleen om de expositie. Het wordt namelijk ook gebruikt voor het sociale aspect. Zo zijn er vele mensen die wekelijks een kop koffie komen dringen en willen praten over verhalen uit het verleden. “Daarnaast werken we ook veel samen met scholen”, vertelt Wimmy. “Op scholen zijn verschillende projecten die te maken hebben met de geschiedenis. Zo was er onder andere het Abel en Aagje project, waarbij de kinderen vijf lessen op school kregen en de zesde les in het museum. Op deze manier krijgen kinderen ook meer te weten over waar ze vandaan komen”.

Het Verzoamelhuus wordt gezien als nevenactiviteit van de Streekhistorische Vereniging Aeldakerka, waar elk jaar verschillende exposities te zien zijn. “Dat is jaren geleden begonnen met de eerste burgemeesters van de voormalige gemeente Grootegast”, zegt Jan. “Daarna zijn we een expositie gestart waarbij verschillende voorwerpen uit de dorpen Niekerk, Oldekerk en Faan te bewonderen waren. Dat zijn we in de jaren die volgden blijven doen. We hebben veel voorwerpen in bruikleen en krijgen daarnaast ook veel van nabestaanden van overledenen. Op deze manier kunnen we elk jaar weer een nieuwe expositie laten zien”.

Een ander onderdeel waar de vereniging zichtbaar door is, is het blad dat het vier keer per jaar uitbrengt onder de naam Aeldakerker Neis. Hierin staan geschiedenisverhalen over de omgeving. Daarnaast brengt het geregeld boeken uit en worden lezingen over de geschiedenis uit de regio georganiseerd. “Daarnaast gaven we voor coronatijd ook regelmatig modeshows in verpleeghuizen”, vertelt Wimmy. “De deelnemers trokken dan kleding aan die bijvoorbeeld honderd jaar geleden werd gedragen”. Jan voegt toe: “Dat was soms best lastig, omdat mensen vroeger heel klein waren. De kleding zat dus niet altijd even lekker”.

Voor de bestuursleden is de historische vereniging ontzettend belangrijk. “Als je geen kennis hebt van de historie, denk ik dat het een groot gemis is”, zegt Jan. “Zelf ben ik altijd al geïnteresseerd in de historie en dat komt vooral door de ervaringen van familieleden. Daarnaast vind ik het belangrijk te weten waar je vandaan komt. Hier in het dorp is ook een kreet die daar goed bij aanslaat: ‘Vasthouden, dat moet je’. Daar sluit ik me volledig bij aan”. Wimmy: “Persoonlijk vind ik het heel interessant dat wij deels ‘ouderwets’ zijn, maar ook middenin de moderne tijd staan. Een deel van de geschiedenis hebben we meegemaakt, maar zijn ook alweer volop bezig met nieuwe dingen. Ik vind het belangrijk dat de verhalen die onze generatie heeft meegemaakt ook bewaard blijven. Daarnaast ga je, als je ouder wordt, steeds meer naar vroeger kijken. Het is wel duidelijk dat dat bij meer mensen zo leeft. De vereniging leeft heel erg bij de mensen en dat bleek ook in coronatijd. Toen zijn we behoorlijk financieel gesteund door onze leden. Daar zijn wij hen ontzettend dankbaar voor”.