Raad evalueert rapportage Sociaal Ombudsfunctionaris en spreekt over inclusie

Grootste zorg zijn de grenzen aan de zelfredzaamheid van groeiende groep mensen

WESTERKWARTIER – De gemeenteraad van het Westerkwartier sprak afgelopen raadsoverleg over de rapportage van Sociaal Ombudsfunctionaris Irma van Beek (foto). De functie en de werkwijze van Van Beek werden alom gewaardeerd. Hoewel wethouder Bert Nederveen liever zou zien dat de gemeente op termijn zonder de functie kan, beaamde ook hij heel tevreden te zijn met Van Beek. Zij rapporteerde over de periode september 2021 tot september 2022 waarin zij 59 kwesties/vraagstukken voorgelegd kreeg. De grootste zorg is de groeiende groep mensen waar blijkt dat zelfredzaamheid grenzen heeft. Het onderwerp inclusie raakte de rapportage en stond later los op de agenda.

Het regende complimenten voor Van Beek van de verschillende fracties. Zo gaf het CDA aan ‘blij te zijn met de functie’, sprak GroenLinks over de werkwijze van Veen Beek als ‘gedegen en met aandacht’, wilde het ChristenUnie haar waardering uitspreken en zei het PvdA: ‘soms ontstaat er ongemak in een contact en is er een derde nodig om dit vlot te trekken, dus deze functie moet blijven, daarover is geen twijfel.’ Het aantal van 59 kwesties/vraagstukken waar Van Beek aan werkte in de gerapporteerde periode riep gemixte gevoelens op. ‘Ten opzichte van 60.000 inwoners doen we het niet zo gek’, stelde VVD’er Jan van der Laan. Sandra de Wit (Pvda) nuanceerde dit: ‘gezien de vele contacten die er in de gemeente zijn, is dit niet veel, maar hoe moeten we dit getal duiden?’ Ook andere partijen waren daar nieuwsgierig naar. Irma van Beek zelf vond het een mooi aantal: ‘mensen hebben moeite om voor zichzelf op te komen in een situatie dat ze het toch al moeilijk hebben. Dat ze dan toch een vreemde vrouw opzoeken, vind ik heel wat.’ Ze meent wel dit jaar een toename te zien, aangezien zij de eerste vier maanden vanaf september 2022 al 33 kwesties voorgelegd kreeg. ‘Misschien ben ik zichtbaarder en beter vindbaar.’ Ook ziet zij nieuwe vraagstukken naar aanleiding van de energiecrisis ontstaan. ‘Ik zie een groep die in paniek is omdat zij niet in aanmerking komt voor de tegemoetkomingen, maar wel geconfronteerd worden met hele hoge woonlasten. Hier maak ik meer zorgen over dan de groep mensen die al in een vangnetsysteem zitten.’

Veel zorg was er ook om de groeiende groep kwetsbare inwoners voor wie de zelfredzaamheid grenzen heeft. Meerdere fracties vroegen zich af hoe hiermee omgegaan moet worden. ‘We worden als samenleving geconfronteerd met mensen die niet in een instantie kunnen wonen waar ze rust en stabiliteit zouden vinden. Ze blijven zitten waar ze zitten en dus zien we steeds vaker mensen in onze omgeving die anders denken dan wij en bijvoorbeeld niet bij machte zijn te communiceren met buren’, vertelt Van Beek. ‘We moeten aandacht hebben voor deze groep die nog meer verloren raakt als we niet naar ze uitreiken. Dan gaan ze echt verdrinken’, drukte ze de raad op het hart. ‘Deze boodschap moeten we in Den Haag verkondigen. We zitten met een samenleving die veel vraagt brengt, maar met budgetten die niet toereikend zijn. Dit moeten we blijven aankaarten.’ Wethouder Bert Nederveen was al klaar om de barricades op te gaan. ‘Ik heb al eens gedemonstreerd’, zei hij direct. Hij was geenszins van plan mensen tussen wal en schip te laten vallen. ‘We moeten doen wat nodig is in de gemeente. Wij hebben niet voor niks het risico genomen om meer te begroten dan vanuit Den Haag is toegezegd.’ Van kritiek op de ambtelijke organisatie omdat een aantal klachten samenhangen met wantrouwen in de overheid en een gebrek aan maatwerk, wilde hij niet weten. ‘We hebben de tijd niet mee als het gaat om vertrouwen in de overheid. Vergeet niet: er gaat ook veel goed. Irma koppelt regelmatig terug aan de ambtelijke organisatie; alles wordt serieus besproken.’

Inclusie

Ook het onderwerp inclusie kwam voorbij gezien de raakvlakken met het werk van de ombudsfunctionaris. ‘Hoe je het ook wendt of keert; het spreekt me enorm aan dat iedereen erbij hoort’, zei Van Beek. ‘Dat is een goede grondhouding.’ Later op de avond kwam dit onderwerp nogmaals voorbij. Het CDA vroeg de fracties van gedachte te wisselen over de lokale inclusie agenda. Jacob Mulder sprak in namens het Platform Toegankelijk Westerkwartier met als doel vooral aan te geven goed gebruik te maken van de ervaringsdeskundigen in dit platform. Ook meneer Lanting van de commissie ‘iedereen doet mee’ sprak in. Deze commissie maakte een opsomming van aandachts- en actiepunten voor de gemeente met als belangrijkste doel dat er ‘meer gaat gebeuren aan de kansen van mensen met een beperking om op volwaardige wijze aan het gewone bestaan deel te nemen.’ Aan het belang van inclusie werd door geen van de raadspartijen getornd. Expliciet aandacht hiervoor werd door iedereen als wenselijk benadrukt. ‘Het is geen vraag aan ons’, drukte CDA’er Geertje Veenstra de aanwezigen op het hart, ‘het is een recht van alle mensen om ons heen.’ De partij pleitte ervoor de lokale inclusie agenda te actualiseren, een toezegging die wethouder Bert Nederveen graag deed. ‘Het is belangrijk dat inclusie tussen de oren gaat zitten van alle medewerkers en inwoners.’ Hij benadrukte dat de gemeente Westerkwartier al goed op weg is. ‘Of wij een voorbeeldfunctie hebben als gemeente? Kijk eens naar de doorontwikkeling van werk- en leerbedrijf Novatec en de buitendienst. Maar inclusie is ook een onderwerp in onze omgevingsvisie en college-uitvoeringsprogramma. Het prokkelen bij het stemmen – hulp van mensen met een beperking op de stembureaus – gaan we weer doen, we hebben maar liefst twee regenboogzebrapaden en de nodige vlaggen uitgehangen.’