“Schilderen als hulp bij het verwerken van traumatische ervaringen”

80-jarige Mary Atkins schildert nog af en toe

AUGUSTINUSGA – Volgens een aloud gezegde ben je nooit te oud om te leren. De 80-jarige schilderes Mary Atkins, uit de buurtschap Rohel nabij Augustinusga, vormt daarvan het levende bewijs. Zij begon pas op 55-jarige leeftijd met schilderen en na een aantal cursussen te hebben gevolgd, werd ze ook nog eens toegelaten op de Kunstacademie Minerva in Groningen. In 2006 studeerde ze op haar 65e met succes af. Het was een soort scheppingsdrang, wat haar er destijds toebracht om zich op de schilderkunst en andere vormen van creativiteit toe te leggen. In haar werk zijn vooral ervaringen uit haar veelbewogen leven terug te zien. Mary werd in 1941 geboren in Soerabaja (Nederlands-Indië) en was 14 maanden oud toen zij tijdens de bezetting van Nederlands-Indië door Japan, met haar ouders in een zogenaamd Jappenkamp terecht kwam. Mary was en bleef enig kind van het gezin.

Het verblijf in een Jappenkamp heeft ongeveer vier-en-een-half jaar geduurd. Toen de oorlog teneinde kwam, ging ze met haar ouders naar Amerika om te herstellen van de ontberingen in het kamp. Mary’s grootvader was een geboren Engelsman, die naar Nederland vertrok en de Nederlandse nationaliteit kreeg. Net als haar Nederlandse vader was ook hij werkzaam in de internationale scheepvaart. Haar moeder werd geboren in Schotland, emigreerde naar Amerika en kreeg daar de Amerikaanse nationaliteit. Na de herstelperiode in Amerika ging het gezin naar Nederland, om daarna in 1946 in verband met het werk van haar vader in de internationale scheepvaart weer terug te keren naar Indonesië. Mary was in die periode getuige van de verschrikkingen tijdens de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog. Mary keerde op enig moment met haar moeder terug naar Nederland. Haar vader volgde een jaar later. Nog weer later keerden haar ouders vanwege haar vaders werk voor een periode terug naar Indonesië. Mary bleef toen in Nederland achter en woonde tijdelijk in een internaat in Baarn. In 1953 vestigde het gezin zich definitief in Nederland, waar haar vader werk zocht en vond buiten de scheepvaart. Mary ging vervolgens trouwen en haar man en zij kregen drie dochters. Mary koos aanvankelijk voor het vak van onderwijzeres en werkte op scholen in Schiedam en op het eiland Texel. Later werd ze docent Engels bij het MBO in Gouda. In het jaar 2000 volgde een verhuizing naar de buurtschap Rohel, waar ze met haar man pal aan het Prinses Margrietkanaal ging wonen.

Intussen waren de traumatische ervaringen uit haar kindertijd in vorm van beelden en angsten regelmatig bij haar naar boven gekomen. Het schilderen over die ervaringen hebben haar bij de verwerking ervan geholpen. Met haar creatieve uitingen wilde Mary vooral ook mensen wakker schudden en een bepaalde gelatenheid doorbreken. Ze zegt daarover: “Wat ik niet goed vind, is voor mij aanleiding om actie te ondernemen en schilderen is een mogelijkheid om me daarbij te uiten en het zichtbaar te maken. Ik werk verder graag met kleuren. Kleuren kunnen complementair aan elkaar zijn, maar elkaar ook versterken. In mijn schilderijen laat ik dat graag tot uiting komen. Ik heb een eigen stijl en maak geen kunstwerken van iemand anders na”. Tijdens het gesprek in haar werkruimte annex atelier in Rohel, vertelt Mary dat problemen met haar gezondheid maken dat ze minder actief is geworden. Ook haar man is ernstig ziek. Hij lijdt aan lymfeklierkanker en zit in zijn laatste levensfase. De drie dochters verblijven beurtelings in de woning om hem te verzorgen. In verband met haar eigen gezondheid woont Mary sinds enkele maanden in Woonzorgcentrum ‘Haersmahiem’ in Buitenpost, waar ze de mogelijkheid heeft om nog af en toe te schilderen. Mary heeft uitgezaaide darmkanker en zal daar niet meer van genezen. Aan zelfbeklag doet ze niet en zegt daarover: “Met zelfbeklag schiet je niets op. Ik ben een aantal keren ernstig ziek geweest en heb zelfs een bijna-doodervaring achter de rug. Ik ben daardoor een ander mens geworden. Ik aanvaard mijn lot en weet alles goed te relativeren. Alles wat ik meegemaakt heb, heeft me sterker gemaakt. Ik ga gewoon door met mijn leven en de activiteiten die nog mogelijk zijn en ben niet bang voor wat gaat komen. Ik ben slecht ter been geworden en ben vaak vermoeid. Maar van sommige activiteiten en gebeurtenissen, zoals dit interview, krijg ik juist energie”. Haar echtgenoot heeft al geopperd om de website van Mary uit de lucht te halen, maar daar wil ze nog niet aan. De kracht in haar handen is zodanig afgenomen dat ze zich beperkt tot af en toe schilderen. Eerder werkte ze ook met materialen als klei, ijzer en hout, maar dat is nu niet meer goed mogelijk. Voor een nadere kennismaking met de kunstenaar Mary Atkins en haar werk wordt verwezen naar de website www.maryatkins.nl.