Wetterskip Fryslân geeft duidelijkheid over uitbaggeren Doezumertocht

DOEZUM – De laatste weken is er veel discussie in Doezum over het uitbaggeren van de Doezumertocht. Een deel van de bewoners maakt zich zorgen over de aanleg van twee weilanddepots aan de Doezumertocht, maar volgens Wetterskip Fryslân, die verantwoordelijk is voor het uitbaggeren, is dit noodzakelijk. Onlangs gaf de organisatie meer duidelijkheid over het uitbaggeren tijdens een informatiebijeenkomst in Zuidhorn, maar dat heeft de zorgen van een deel van de bewoners van de Doezumertocht niet weggenomen. Toch wil Wetterskip Fryslân de werkzaamheden doorzetten.

Wetterskip Fryslân is verantwoordelijk voor een goede aan- en afvoer van water in haar werkgebied Fryslân en een deel van het Groninger Westerkwartier. De organisatie heeft 5.500 km aan sloten en vaarten waarvan het ieder jaar een deel baggert. “Door stroming, resten van waterplanten en afkalving van oevers ontstaat er langzaam een sliblaag op de bodem”, vertelt projectleider Rudy Damstra. “Daardoor is een vaart uiteindelijk niet meer diep genoeg voor een goede aan- en afvoer van water. De Doezumertocht moet over een totale lengte van 10,5 kilometer uitgebaggerd worden. Het gaat om het deel tussen Surhuizum en het Van Starkenborghkanaal. Gemiddeld wordt de vaart 60 centimeter dieper uitgebaggerd. Zo zal de diepte van vaart na het baggeren over de gehele lengte ongeveer 1,40 meter zijn. Ook wordt door het verwijderen van de baggersliblaag de waterkwaliteit verbeterd”.

Wetterskip Fryslân wil een depot van vier hectare voor de opslag van 13.000 kubieke meter bagger aanleggen aan de noordkant van de Doezumertocht, ten westen van Lutjegast, richting het einde van de Doezumertocht (perceel Postmus). Het tweede, grotere depot van zes hectare voor de opslag van 22.000 kubieke meter bagger wil de organisatie aanleggen aan de zuidkant boven de Kaleweg bij Doezum, halverwege de Doezumertocht (perceel De Jong). Deze locaties zijn bewust gekozen. “De locaties moeten namelijk voldoende bagger kunnen bergen en op een logische locatie langs het traject liggen”, legt Damstra uit. “De bagger wordt met buizen en een pomp naar het depot gepompt. Deze afstand moet voor de pomp goed overbrugbaar zijn. Aan de noordkant vonden we een geschikte locatie op het perceel van Postmus. In het zuiden is eerst ten noorden van de Kaleweg naar geschikte locaties gekeken. Hier was aanleg niet mogelijk vanwege de aanwezigheid van hoogspanningsleidingen, leidingen van de Gasunie en percelen die in eigendom zijn van Staatsbosbeheer. Natuurinstanties willen liever wat nattere percelen en hebben daarom geen baat bij ophoging”.

Het gekozen perceel De Jong is logistiek voor een weilanddepot een goede locatie, volgens Damstra. “Het ligt op bijna de helft van het te baggeren traject. Verder kunnen we op perceel De Jong meerdere werkzaamheden combineren: de aanleg van een ecologische verbindingszone, een natuurvriendelijke oever, baggeren en de aanleg van een weilanddepot. Omdat we de grond die vrijkomt bij aanleg van de natuurvriendelijke oever voor het dijkje rond het baggerdepot kunnen gebruiken, hoeven we grond maar één keer te verplaatsen. Ook hoeven we bijvoorbeeld op maar één locatie onderzoek te verrichten (archeologie, natuurtoets en metingen) en één keer aan te besteden. De gekozen locaties voldoen aan de maatschappelijke, duurzame en logistieke criteria van het waterschap, om overlast voor omgeving te beperken en de kosten beheersbaar te houden”.

De bewoners van de Doezumertocht zien de weilanddepots graag op plekken waar anderen er geen last van hebben. Volgens Wetterskip Fryslân zijn er geen betere alternatieven.
“In het voortraject hebben we verschillende locaties onderzocht”, laat Damstra weten. “Na de bezwaren uit de omgeving hebben we ook nog naar enkele locaties gekeken die zijn aangedragen door een bewoner en een boer uit het gebied. Beiden zijn niet geschikt. Door de ene locatie loopt een gasleiding. De andere locatie ligt te ver naar het Noorden van het traject waarmee de afstand om de bagger te verpompen te groot wordt”.

Wetterskip Fryslân begrijpt dat er zorgen voor overlast zijn in de omgeving. De organisatie vindt draagvlak belangrijk en zal er alles aan doen om overlast zo veel mogelijk te beperken. “Direct omwonenden zijn met een brief geïnformeerd en we hebben een informatieavond  gehouden. Drie woningen kijken uit over het baggerdepot. Met de gemeente is besproken dat het tijdelijke dijkje rond het depot op gepaste afstand van de woningen aangelegd wordt. Hierdoor kijk je vanuit de woningen over het weilanddepot heen. Bagger is natte grond en zo ruikt het in het begin ook. De woningen in de directe nabijheid zullen daar weinig van merken. Zeker ook omdat ze qua windrichting gunstig liggen. Onze ervaring is dat omwonenden de overlast als beperkt ervaren. Vaak vinden ze het ook wel mooi. Het depot is een tijdelijk meertje dat langzaam indroogt. Het trekt ook veel vogels aan”. Beschikbaarheid van weilanddepots is voor het waterschap onmisbaar om baggerwerkzaamheden betaalbaar en duurzaam uit te kunnen voeren. Afvoeren van de bagger is erg duur en leidt tot veel vrachtverkeer. “Locaties moeten aan diverse eisen voldoen en een boer moet bereid zijn om zijn grond hiervoor tijdelijk beschikbaar te stellen. Het is niet eenvoudig om dan geschikte percelen voor een weilanddepot te vinden. In dit gebied is dit volgens ons de beste keuze en haalbare oplossing”, aldus Damstra.


Naast de overlast die sommige omwonenden verwachten te ervaren, maken zij zich ook zorgen om de natuur. Volgens het bestemmingsplan van de provincie en de prétoets omgevingsvergunning van de gemeente hebben beide locaties de bestemming landbouwgrond. “Met toepassing van een baggerdepot blijft het landbouwgrond, maar dan 20 tot 30 centimeter opgehoogd”, zegt Damstra. “In dit geval is de bereidwilligheid van de agrariër, met de combinatie weilanddepot en aanleg van een natuurvriendelijke oever een pré voor de natuur. Bij de werkzaamheden houden we zoveel mogelijk rekening met de natuur. We starten het werk na het broedseizoen, we houden ons aan de regels van de flora- en faunawet voor waterschappen en doen een Natuurtoets voor de werkzaamheden starten”. Het uitbaggeren van de Doezumertocht neemt naar alle waarschijnlijkheid zo’n twee tot drie jaren in beslag.


Op 21 juni vraagt Wetterskip Fryslân een omgevingsvergunning aan bij de gemeente Westerkwartier voor de twee tijdelijke weilanddepots. Deze wordt gepubliceerd via de gemeentelijke website, de gemeentepagina in deze krant en ter inzage gelegd voor mogelijke bezwaren. Ter voorbereiding op de vergunningaanvraag heeft de gemeente Wetterskip Fryslân gevraagd om de locatiekeuze, de onderzochte alternatieve locaties en de methodiek goed te onderbouwen. Voor de aanleg van de natuurvriendelijke oever en de verbetering van de waterkering legt Wetterskip Fryslân een projectplan Waterwet ter inzage via overheid.nl.