Grootegast verstevigt zusterbanden

Een grote reis van onschatbare waarde voor verbindend Grootegast

GROOTEGAST – Ze zijn nog amper bekomen van de lange terugreis uit ‘Down Under’. Twee weken lang heeft een Grootegaster delegatie de zustergemeenten in Tasmanië en vooral Nieuw-Zeeland bezocht. De jetlag is nog duidelijk zichtbaar op de gezichten van Harke Bosma (Abel Tasman Museum), Gert van Dijken (Abel Tasman Art Prize), raadslid Myra Eeken-Hermans en burgemeester Ard van der Tuuk. Veel anders zal het niet zijn met raadslid Gert van Werven en projectmanager Natasja Lubbers. Laatstgenoemde voegt zich met een telefonische verbinding bij het gesprek om de imposante reis naar de andere kant van de wereld na te beschouwen met de Streekkrant. Telefonisch is ook de ongelukkige wethouder Elly Pastoor aanwezig die haar reis vroegtijdig moest afbreken vanwege een glad steentje en daaropvolgend een serieuze enkelbreuk. En wat was het een reis, stellen de delegatieleden. Harke Bosma: “Ik zit er nog steeds vol van.”

Gek is dat niet, want er was nogal wat geregeld voor de Grootegaster delegatie. Een strak en vol schema. “Vorig jaar kwam een uitnodiging onze kant op vanuit Nieuw-Zeeland”, duidt Van der Tuuk. “Het is 375 jaar geleden dat Lutjegaster ontdekkingsreiziger Abel Tasman Nieuw-Zeeland ontdekte. Daar wilden zij graag uitgebreid bij stilstaan, waarbij ook onze aanwezigheid zeer op prijs werd gesteld.” Een reis die ze niet zomaar wilden maken vanuit Grootegast. De uitnodiging vormde namelijk ook de perfecte mogelijkheid om de banden met de zustergemeenten aan te halen, kennis uit te wisselen en economisch ‘iets’ te bewerkstelligen. “We zijn dan ook maanden van tevoren al begonnen met het in kaart brengen van wat wij graag wilden halen uit de reis”, vertelt Natasja Lubbers. “Er ligt een vriendschapsrelatie die een goede basis vormt om economisch samen te werken. Daarom hebben we onderzocht of er bedrijven in deze regio zijn die daar iets konden doen, en andersom hebben we ook aan de Nieuw-Zeelanders gevraagd waar zij iets aan zouden hebben.” Vanuit Nieuw-Zeeland kwam vervolgens de vraag of Nederland antwoorden heeft op de kusterosie-problematiek die daar is. Lubbers: “Ooit zijn ze daar ‘gewoon’ nederzettingen gaan bouwen. Daarbij hebben ze niet gekeken naar de risico’s, waardoor momenteel veel nederzettingen worden bedreigd door water.” Nederland als waterland heeft daar ervaring mee, stelt Lubbers vast. “Wij zijn hier dijken gaan bouwen. Maar dat kan daar niet zomaar. Het loopt vast op geld. Doordat er relatief weinig mensen wonen zijn de inkomsten voor de overheid uit belastingen laag. Dat zorgt er voor dat de mogelijkheden beperkt zijn. Wij –Nederland- kunnen door onze jarenlange ervaring met onze waterhuishouding veel betekenen voor Nieuw-Zeeland. Zeker op het gebied van kennisoverdracht.” Om dit project te ondersteunen wordt het eigen bedrijfsleven ingeschakeld en zijn er vervolgafspraken gepland. “Vanuit hier –Grootegast- worden er contacten onderhouden met hun waterspecialisten”, aldus Lubbers. “Stapje voor stapje dragen we onze kennis over met als doel dat zij onze technieken gaan gebruiken.”

“Het wordt breder getrokken worden dan ‘alleen’ Grootegast”, vult wethouder Elly Pastoor aan. “De mogelijkheden zijn natuurlijk eindeloos als het gaat om samen werken en economische banden opbouwen. De brug die alles verbindt is echter Grootegast. Wij zijn zeg maar het draaipunt, het doorgeefluik.”

Naast kennis en handel was ook cultuur een belangrijk onderdeel van de reis naar Tasmanië (Australië,) waar de delegatie zustergemeente Kingborough bezocht, en Nieuw-Zeeland. “Zo hebben wij bijvoorbeeld in Canberra een aanvraag gedaan namens het Groninger Museum om het portret van Abel Tasman dat gemaakt is door schilder Jacob Gerritzoon Cuyp tijdelijk naar Nederland te halen”, vervolgt Pastoor. “Geen gemakkelijke opgave. Het doek is 1 meter bij 1,30 meter groot en moet in een speciale kist vervoerd worden. Klimatologisch moet alles kloppen en dan komen daar de kosten voor de verzekering en de koerier nog bij. Het is ook nogal wat hoor! Wij hebben het hier nu over een schilderij. Zij zien het daar als National Treasure. Een schat van onschatbare waarde.” Niettemin is Pastoor optimistisch over de kansen om het schilderij naar Nederland te halen en tentoon te kunnen stellen in het Groninger Museum, dat al gezegd heeft interesse te hebben in het schilderij. De hoge kosten kunnen gedrukt worden dankzij de hulp van Singapore Airlines en Groningen Airport Eelde die willen meewerken aan het transport van het waardevolle doek. Eind januari hoopt Pastoor uitslag te krijgen, waarna het schilderij hopelijk vanaf juni te zien zal zijn in Groningen. Het schilderij was het laatste wapenfeit van de wethouder aan de andere kant van de wereld. “Ik lig nu met mijn been omhoog”, zegt ze. “Geopereerd en wel nadat ik uitgleed over een nat steentje.”

Band voor de toekomst

Tevens heeft de delegatie zorg gedragen voor een goede band voor de toekomst. “Die begint bij de jeugd”, weet Gert van Dijken, behalve voorzitter van de Abel Tasman Art Prize ook directeur van de Woldborg in Grootegast. “We hebben in zowel Tasmanië als Nieuw-Zeeland contacten gelegd met de zogenoemde secondary schools (voortgezet onderwijs red.). Daaruit bleek dat ook vanuit hun behoefte was om samen iets op te zetten en contacten te onderhouden. Omdat zij aan de andere kant van de wereld zitten, of wij natuurlijk, is het een uitdaging om dit goed aan te kleden. Maar ik weet zeker dat wij met een hoop goede wil in staat zijn om iets moois neer te zetten waar alle leerlingen aan beide kanten wat aan hebben.” Ook voor het lagere onderwijs zijn er connecties gemaakt. “Zo hebben we de Aquarel uit Sebaldeburen en ’t Fundament uit Lutjegast gekoppeld aan scholen aldaar voor een soort van ‘pen pal’ project”, meldt Myra Eeken-Hermans. “Penvrienden dus. Doordat zij daar momenteel genieten van hun zomervakantie hebben we helaas de leerkrachten niet kunnen ontmoeten, maar de intentieverklaringen zijn overhandigd. Daarmee is de eerste, en o-zo belangrijke, stap gezet richting een goede samenwerking.”

Nieuwe inzichten

Ook het museum vaart wel bij het aangehaalde banden met de zustergemeenten, en dan Nieuw-Zeeland in het bijzonder. Tijdens het bezoek aan Nieuw-Zeeland stond een bijzondere ontmoeting gepland tussen de delegatie uit Grootegast en afstammelingen van de Maori’s die destijds het gebied bevolkten. “Je weet van te voren niet wat je moet verwachten”, aldus Harke Bosma, voorzitter van het Abel Tasman Museum. “We weten niet bijzonder veel van de Maori’s en hun kant van het verhaal is in de loop der vele jaren verloren gegaan.” Bosma bouwde een bijzondere band op met Maori-leider Doug Huria. “We hebben bij ons afscheid van de Maori’s een Greenstone gekregen”, vertelt Bosma. “Deze steen staat voor blijvende verbondenheid tussen de Maori aan hun kant van de wereld en wij hier aan de onze. Wie de steen aanraakt staat spiritueel in verbinding met de Maori’s” De Greenstone, een jade edelsteen, komt te liggen in het Abel Tasman Museum en mag worden aangeraakt door bezoekers van het museum. “Hoe we dat gaan aankleden blijft nog even een verrassing”, zegt Bosma. “Het is een behoorlijke uitdaging om hier het juiste mee te doen. Er is zoveel nieuwe kennis vergaard, dat we nog serieus moeten gaan bekijken hoe wij als museum dit uit willen gaan dragen.” Wel is duidelijk dat ook de nieuwe aanwinst Putatara binnenkort te zien zal zijn in het Lutjegaster museum. De Putatara is een schelptrompet die de Maori destijds gebruikten als communicatiemiddel. “Ook de reden waarom de eerste kennismaking tussen de Maori’s en Abel Tasman uit is gelopen op een bloedbad”, weet Bosma. “De Maori’s bliezen op de Putatara en naar goed VOC-gebruik liet Tasman het geluid beantwoorden met trompetgeschal. Vaak een teken van vriendschap en vrede, behalve dus bij de Maori’s die het antwoord opvatten als een oorlogsverklaring.” Dat was vroeger, inmiddels is de vrede meer dan getekend en zijn de banden tussen Nieuw-Zeeland en Grootegast hechter dan ooit tevoren. “Het doel van de reis is geslaagd”, stelt Ard van der Tuuk vast. “We hebben meer meegekregen dan we vooraf hadden bedacht.” Natasja Lubbers vult de burgemeester aan: “De voorbereidingen waren prima in orde. Maar dan moet je nog maar zien of het 20.000 kilometer verderop ook allemaal landt. Dat deed het gelukkig. De reis heeft meer opgeleverd dan we vooraf hadden durven dromen.”

Bekijk de Streekkrant van 2 januari 2018 voor het grote dagboek van de reis!