Maria’s Mooie Mensen 40 “16

Het valt niet altijd mee om een meisjes-papa te zijn. Als man moet je accepteren dat het huis voorgoed in roze gehuld blijft, dat er geen Actionman maar Barbie rondslingert en dat de televisie waarschijnlijk vaker afgesteld staat op TLC dan op Discovery. Ja, we kunnen natuurlijk ook volop voetballen met dochterlief alleen hebben wij daar zelf niet zoveel talent voor, en ja ze klust graag mee, maar loopt meer in de weg dan dat ze nut heeft. Pappie is haar ‘allerbeste vriendin’ zoals ze graag vertelt en roze is haar lievelingskleur. Dochterlief uit bed halen betekent als man een weg zien te vinden in de kledingkast van een meisje en een redelijke combinatie uit de veelvoud van gebloemde, gestreepte en gestipte shirtjes, rokken en leggings maken om vervolgens ook nog eens haar haren te fatsoeneren en daar een haarband of speldje in te manoeuvreren. Een hele uitdaging als dat niet zo je ding is. Daarna zijn er nog twee kleine meisjes om uit bed te halen, in schone kleren te hijsen met nu de uitdaging in tweevoud een juiste combinatie te vinden en ook nog eens niet de kleren van het ene kind bij het andere kind aan te trekken, want dan is iedereen de hele dag in de war wie nou ook alweer wie is. Ja, als man is het soms wel eens afzien met drie dochters. Vooral als er iemand aan je dochters komt. Manlief kon zich nog net beheersen toen neefje van twee Olivia een flinke duw gaf. Hij stónd op, wilde het jochie zo oppakken en buiten zetten, maar bedacht zich gelukkig op tijd en pakte niet het jongetje – die dus twee was – maar godzijdank zijn dochter om haar te troosten. Onlangs in het zwembad had hij het weer zwaar. Een in ons ogen ruig jochie – tja wij zijn de lieve meisjesstemmetjes gewend – had het voorzien op het speelgoed van dochterlief. Terwijl zij lieflijk rond pruttelde met haar badeendjes en haar kopjes, walste het jochie door haar spel, graaide het speelgoed zelfs nog uit mijn handen en speelde er vervolgens halve veldslagen mee na. Dochterlief was vooral ontdaan dat haar eendjes ook in staat waren zich als soldaten te gedragen, maar papa kon het niet aanzien dat iemand telkens zijn meisje aftroefde. Als een volleerd commando-agent cirkelde hij om het arme jochie heen wat, zodra hij ook maar iets losliet, het speelgoed direct weer kwijt was, want manlief griste het weg en bracht het als een militaire escort weer naar de tas. ‘Zó’, zei hij veelbetekenend en voldaan, toen dochterlief uiteindelijk ‘speelgoed-loos’ was en koers richting de glijbaan zette. Samen deed het duo pappie en Olivia vervolgens een poging zo ruig mogelijk eraf te glijden, beiden uiteraard even fanatiek. Viel me mee dat ze geen opstopping maakten. Laatst op de peuterspeelzaal voelde ik even dezelfde beschermdrang als manlief. Dochterlief zat zeer schattig te spelen met een kasteel met poppetjes. Met piepstemmetjes praatten ze met elkaar: ‘oh, ik vind je lief’- ‘ik jou ook’, toen er opeens een jongen opdoemde, de poppetjes volledig confisqueerde en ze al snel elkaar niet meer lief vonden maar elkaar van de toren gingen gooien. Ontdaan keken dochterlief en ik elkaar aan. Toen hij vervolgens continu met de deuren van het kasteel ging slaan en meende dat er ook nog eens een groot monster bijbehorende geluiden aan de poort arriveerde, was zelfs voor mij de maat vol. “Kijk Dennis”, zei ik lieflijk, “daar is ook een piratenschip. Als je daarmee speelt, ben je net een echte piraat.” “Oh, echt?”, zei het arme schaap. “Ja, dan ben je heel stoer”, deed ik er een schepje bij op. En weg drentelde hij. Zo, dat had mama even mooi geregeld.