Trots!

Terwijl de laatste oliebollen en kerstdecoraties als sneeuw voor de zon verdwijnen en politiek Westerkwartier zich opmaakt voor het laatste spannende jaar voordat de herindeling een feit is, ben ik de afgelopen week verder onder de indruk geraakt van het Westerkwartier. Ik weet het, dat had al veel eerder gekund. Maar een nieuw jaar is nu eenmaal een mooi moment om je zegeningen te tellen en te beseffen wat je allemaal hebt. Daar komt bij dat tijdens de diverse nieuwjaarsrecepties -die overal worden gehouden- de mooiste momenten van het afgelopen jaar nog eens fijntjes worden aangestipt. Neem nu de nieuwjaarsreceptie van de gemeente Zuidhorn. Daar werd woensdag de Leefbaarheidsprijs 2017 uitgereikt aan Stichting Dorpshuis Het Schanshuus. Dat dorpshuis staat in Niezijl, het dorp dat ik sinds afgelopen jaar als ‘thuishaven’ mag bestempelen en waar ik mij na twee maanden ook meer dan thuis ben gaan voelen. Niet in de laatste plaats dankzij een groot aandeel van de 75 vrijwilligers. Diezelfde mensen die het dorpshuis draaiende houden en zo de basis vormden voor het binnenslepen van de Leefbaarheidsprijs. Mensen die hun vrije zaterdagmiddag en –avond opofferen om de drankjes en hapjes te verzorgen voor hun mede inwoners. Ik ben trots op deze prijs en mijn nieuwe woonplaats. Zonder overigens de andere genomineerden tekort te willen doen. Aan het begin van 2017 sprak ik met Katharina Bosch-Krämer en Ursula Veldsema. Beide dames deden gepassioneerd uit de doeken wat zij in 2017, het jaar dat Aduard 825 jaar oud werd, allemaal van plan waren. Plannen die ook gerealiseerd werden en wat uiteindelijk uitmondde in de nominatie van het Comité Aduard 825 voor de Leefbaarheidsprijs. Het was in 2017 goed toeven in jubilerend Aduard! Om het verhaal wat in te korten: óók Comité Aduard 825 zou een terechte winnaar zijn geweest. Net zoals de derde genomineerde, Vervoerscomité Lauwerzijl, alle lof verdient. Dagelijks worden daar door de inwoners zelf de kinderen in het dorp van en naar school gebracht in Grijpskerk. Daar zit een strakke organisatie achter. Met mensen die hun eigen werkrooster hebben aangepast op het schoolrooster. En dat in een klein dorp als Lauwerzijl, met 200 inwoners, gelegen aan de rand van het Westerkwartier. Deze drie genomineerden verdienden het allen te winnen. Op zoveel mooie initiatieven in één gemeente mogen we allemaal trots zijn. En dan hebben we het nog maar over Zuidhorn. Laat ik het deze week vooral breder trekken. Overal wordt hard gewerkt aan de dorpen en de leefbaarheid. Lutjegast wil zich komend jaar, tijdens het Abel Tasmanjaar, profileren als Tasmandorp. Dat is goed voor het toerisme, goed voor de (wereldwijde) uitstraling van Lutjegast én het hele Westerkwartier. ‘Museumgemeente’ Grootegast timmert sowieso flink aan de weg, werd afgelopen week in Doezum nog eens fijntjes aangestipt door de Doezumer Oudjaars Ploeg. In ‘hoofdplaats’ Tolbert wordt hard gewerkt om de supermarkt voor het dorp te behouden. De Poiesz heeft zo haar ideeën en heeft deze inmiddels wereldkundig gemaakt. Of de plannen van de supermarktketen ook haalbaar zijn zal komend jaar blijken. Het dorp is met de supermarktketen in gesprek en ook dat is iets om trots op te zijn. Tolbert laat haar voorzieningen niet zomaar gaan. Een mooie mentaliteit. Trots mogen ook de inwoners van Kommerzijl zijn. Zij mochten zaterdag hun historische hart, de schitterende brug over het Kommerzijlsterdiep, officieel openen en deden dit op grootse wijze na een traject van ruim 10 jaar. De saamhorigheid in de dorpen van het Westerkwartier is groot. Bij elk bezoek aan elk willekeurig dorp merk ik dat. Neem Opende met haar indrukwekkende sportaccommodatie en het BaronTheater, Zevenhuizen waar men met man en macht de kerk renoveert en bezig is met een multifunctioneel centrum. Een centrum dat ook in Oldehove lijkt te worden gerealiseerd. Of neem Kornhorn met haar levendige Stichting Historie Kornhorn. Tel daarbij op het feit dat goede doelen ruimhartig ondersteund worden in het Westerkwartier. Vorige maand nog werd er bijna 25.000 euro ingezameld voor Serious Request in Zuidhorn. Een enorm bedrag, dat geheel tegen de landelijke tendens in, onverminderd hoog blijft. Zaterdagochtend reed er een bus vol kinderen uit de omgeving van Tsjernobyl Noordhorn binnen. Ruim zeven weken lang mogen deze kinderen in Nederland aansterken bij de vele gastgezinnen die hun huis én hart open hebben gezet voor de minder fortuinlijke medemens. Ongekend en typerend voor het Westerkwartier. Het is ook logisch, vertelde een dorpsgenoot mij zaterdagavond aan de keukentafel. Vroeger had men alles in de kleine dorpjes. Voorzieningen zoals een kerk, een school en een kroeg waren zekerheidjes. Tevens was er vaak een bakker, een slager en een groenteboer te vinden in iets dat leek op een winkelstraat. In de loop der jaren zijn veel van deze voorzieningen verdwenen uit de meeste kleine dorpen, dus proberen we met z’n allen vast te houden aan datgene dat we nog wel hebben. In het geval van Niezijl dus een dorpshuis dat elke zaterdag dienst doet als cafetaria, café én ontmoetingsplek. Een plek waar de biljartclub, de klaverjasvereniging en de sjoelclub onderdak hebben gevonden. Waar bruiloften en partijen plaatsvinden en waar geen kinderfeestje te veel is. Waar oud en jong contact maken en elkaar helpen. Een plek die men ook vindt in pak-em-beet Boerakker, Sebaldeburen en Niekerk. Deze week was bijzonder. Door alle bijeenkomsten en gebeurtenissen besefte ik mij hoe hecht de samenleving is in deze contreien en dat er altijd iets te beleven is. Het Westerkwartier heeft veel te bieden. Dat maakt ons rijke mensen in de breedste zin van het woord. Een eenheid die op 1 januari 2019 definitief beklonken wordt. Na afgelopen week weet ik het zeker: ik ben trots in het Westerkwartier te mogen wonen!

 

Meediscussiëren over de herindeling of jouw mening laten horen? Laat het weten op Twitter @richardlamberst!