Ulrum maakt zich op voor halve marathon

de organisatie

“Een nieuw record zou mooi zijn”

ULRUM – De organisatie van de Halve Marathon van Lauwersoog naar Ulrum hoopt op een nieuwe recordtijd. Deze recordtijd moet aankomende zaterdag gelopen worden als voor de 23ste keer de afstand van ruim twintig kilometer tussen de twee plaatsen gelopen wordt. Aan belangstelling heeft de tocht ook dit jaar geen gebrek. Uit Frankrijk, Oostenrijk en zelfs Kenia komen lopers naar het Groningse dorp voor de wedstrijd.

De strijd begon ooit om een vaatje bier. “Het begon hier in de kroeg,” vertelt voorzitter Hans van der Heide, terwijl hij naar de bar wijst. Bestuurslid Peter Modderman weet het ook nog goed. “We hadden hier toen een kroegeigenaar uit Rotterdam. Die had wel eens gehoord van Roparun en het leek hem wel wat om hier ook zoiets te organiseren. Meteen werden er grote stappen gezet.” Zo wilde de kroegbaas wel even aan de noordelingen laten zien dat hij ze er wel uit kon lopen.

Een man of vier besloten de organisatie te starten. Boeken werden aangeschaft en met ervaringen van andere organisaties werd de loop in elkaar gezet. “Maar uiteindelijk heeft hij hem door drukte zelf helemaal niet gelopen,” weet Modderman nog. “Alles moesten we toen nog leren. De voedselposten bijvoorbeeld. Dat waren gewoon schoteltjes waar een Nuts op lag. Drinken ging ook al verkeerd. Stonden er allemaal bekertjes met ranja klaar, dachten de lopers dat het alleen maar water was. Ik zie nog dat ze het over zich heen gooiden. Met plakkerige gezichten kwamen ze dan weer thuis.”

In die tijd deed iedereen nog mee. De eerste keer verscheen zelfs een jongen aan de start op klompen. Met het houten schoeisel dacht hij wel even de loop te gaan halen. Modderman: “Met de bus van de toenmalige GADO werden ze naar Lauwersoog gebracht. Velen zijn niet meer lopend teruggekomen in Ulrum. Het ging heel langzaam.” In die tijd probeerde Van der Heide verslag te doen. “Achterop de motor reed ik mee. In het dorp hadden we speakers, maar uiteindelijk bleek het niet te werken. Nu werkt dat wel.”

Om het geheel in goede banen te lijden ligt er al jaren een stevige planning. “We hebben een draaiboek waarin per maand staat wat we moeten doen,” vertel Van der Heide. “Dat begint al januari. Allerlei dingen moeten er dan gedaan worden. Bijvoorbeeld het aanschrijven van de sponsoren.” Ook wordt er een verkeersplan gemaakt. Modderman: “Meteen in het begin hebben we dat goed aangepakt. De gemeente wil namelijk dat alles op papier staat voor we een vergunning krijgen. Wel veranderen dingen vaak. Zo hadden we eerst geen hesjes, mocht later iedereen zelf een hesjes kopen, kregen we vervolgens hesjes in één kleur, moest er daarna ‘verkeersregelaar’ op staan en nu moet dat woord er weer af.” Een heel gedoe dus voor de organisatie.

Jaarlijks komen op de wedstrijd zo’n 600 lopers af. Daarvan komen er meestal ‘slechts’ tussen de tien en vijftien uit het dorp zelf. Vaak jonge twintigers met een lichte vorm van bewijzingsdrang. “Dat komt omdat je voor de tocht een geoefende loper moet zijn,” legt Modderman uit. “Velen denken dat ze het wel even doen, maar na een erg lange loop komen ze dan vaak maar met één conclusie terug: dit nooit weer.” Zelf liep de geoefende Modderman de halve marathon wel meerdere keren.

Tijdens al die jaren was er ook een goede band met de militairen, die een kazerne langs de route hebben. “In die tijd had de post nog een commandant en die droeg ons een warm hard toe. We lieten hem eens het startschot geven,” vertelt Modderman. “Keurig kwam hij daar in pak, maar na het geven van het schot trok hij snel alles uit. Onder zijn pak bleek hij loopkleding te hebben en achter de mensen aan rende hij naar Ulrum. Daar kreeg hij van een assistent weer zijn pak terug en keurig in uniform huldigde hij de winnaars.”

Dat de organisatie niet zomaar van de commandant af was, bleek een jaar later. Voor een ludiek startschot werd gevraagd of hij nog iets wist. Modderman: “Nou dat wist hij wel. Met een tank kwam hij vanuit de kazerne naar het startgebied. Een enorm knal volgde als startschot. Zelfs op Schiermonnikoog schijnen ze het duidelijk gehoord te hebben. De renners schrokken zich rot en sommigen moesten echt even bijkomen.”

De komende dagen zal de organisatie nog bezig zijn met de laatste voorbereidingen. Daarbij wordt een groot beroep gedaan op een groep van ongeveer 200 vrijwilligers. “Het wordt altijd fantastisch,” vindt Van der Heide. “Ieder jaar moeten we er weer klaar voor zijn en dat kan niet zonder al die vrijwilligers, want die dragen het evenement.”

Mensen die nog mee willen doen kunnen zich voorafgaand aan de start nog melden bij Café Neptunus in het dorp. Tussen 11:15 en 13:00 uur kan daar ingeschreven worden, waarna de bussen naar Lauwersoog vertrekken. Om 14:00 uur zal daar het startschot gegeven worden, waarna ongeveer een uur later de eerste lopers Ulrum zullen bereiken. De organisatie hoopt daarbij dat een nieuw record gelopen gaat worden. De snelste loper moet dan wel binnen één uur en twee minuten binnen zijn. Als beloning staat er een prijs van € 400,- tegenover. Wordt het record niet verbroken, dan is het € 300,-.