week 52

Puur natuur

Enkele weken geleden kreeg ik via de mail een foto van het skelet van een vogel toegestuurd. Het zag er redelijk gaaf en kaal uit. De veren en ingewanden waren verdwenen. Allen de botjes waren overgebleven. Graag wilde mailer als natuurliefhebster weten welk vogeltje het was. Nu is de herkenning van een vogelskelet erg moeilijk en dus probeerde ik mensen die er redelijk tot veel van weten een naam te ontfutselen. Dat moet een fluitje van een cent zijn, dacht ik. Maar niets was minder waar. Uiteindelijk kwam ik bij de lopende natuurencyclopedie Herman de Heer terecht. Hij had een boek waarin werkelijk alles over skeletten vermeld stond. Het ging zelfs zover dat de lengtes van de verschillende vleugelpennen aangegeven stonden. Uiteindelijk dacht hij dat het een zwaluwsoort moest zijn. Toch wilde hij het vogeltje graag zien en dat gebeurde ook. Onze natuurliefhebster deed het skeletje in een doos en bezorgde het mij. Nu was het een stuk gemakkelijker. Ondanks dat duurde het toch nog wel een poos voordat de naam bekend was. Herman de Heer kwam in elk geval uit op een boerenzwaluw of een gierzwaluw. Wanneer je beide vogels vergelijkt, is er nog wel een heel verschil. Zonder veren is dat veel moeilijker. Na lang zoeken, meten en bekijken bleek het toch een boerenzwaluw te zijn. Intussen dacht ik verder na over het vogeltje. Het was gevonden tussen het hout, dat voor de open haard was bestemd en bij het opruimen van dat hout was hij tevoorschijn gekomen. Hoe zou die boerenzwaluw daar zijn gekomen, vroeg ik me af. En toen begon ik te fantaseren. Zou die zich teruggetrokken hebben, omdat hij zijn einde voelde naderen? Dat zie je in de dierenwereld wel vaker. Wanneer ze zwak, ziek of misselijk worden, trekken ze zich terug om in alle rust en stilte dood te gaan. Of was het daar per ongeluk terecht gekomen? Zo maar ingevlogen en doordat er een houtblok verschoof niet meer weg kunnen vliegen. Of was hij eerst doodgemaakt en door zijn predator tussen de houtblokken gelegd om later opgepeuzeld te worden? En zo kon ik nog wel doorgaan. Allemaal vragen die bij je boven komen en nooit beantwoord zullen worden. Dat is ook niet erg. Het is juist leuk. Zo gaan je gedachten met je op de loop. Op zo’n moment is dat prachtig. Eigenlijk moet je dan met je ogen dicht in een stoel gaan zitten en die gedachten verder de vrije loop laten, want vóór de vragen die ik net stelde, zit voor die boerenzwaluw nog een heel leven. En toen ging ik weer met mijn gedachten en die kunt u zelf ook invullen. Je zou er wel een boek over kunnen schrijven. Dat is nu het mooie van de natuur. Welk onderwerp je ook kiest, doe je ogen dicht en fantaseer de mooiste verhalen. Het maakt niet uit of ze waar zijn of niet. Gewoon je fantasie de loop laten. Er moet in de huidige maatschappij al zoveel concreets gebeuren. Alles moet zin hebben en je moet vooral vragen wat je er aan hebt. Voor mij was het skelet van de boerenzwaluw een parel in de ervaring met de natuur, die ondanks zijn dood nog veel voor mij betekende. Een goed, gezond en vooral groen 2013.

Herman Woltjer, voorzitter IVN Grootegast e.o.